34 bassischolen in Amsterdam in gevarenzone, sanering doemt op

Een aantal Amsterdamse basisscholen gaat het niet redden. Tegelijk zijn er plannen voor nieuwe met totaal andere werkwijzen.

School­besturen grijpen naar radicalere maatregelen om basisscholen nieuw leven in te blazen. Asko organiseerde in mei voor twee van zijn kleine zwarte scholen een provocerende actie Beeld Rink Hof

Maar liefst 34 basisscholen in Amsterdam zijn officieel te klein om te bestaan. Opmerkelijk, omdat het aantal kinderen in de stad groeit. De komende jaren stijgt het aantal basisschoolleerlingen flink - met zeker negen procent tot 2025 - maar naar de scholen die wel plek hebben, sturen ouders hun kinderen niet.

Al langer is het een probleem dat populaire scholen uit hun voegen barsten en minder populaire scholen klassen moeten samenvoegen en nieuwe bewoners met een grote boog om hun school heen zien lopen.

De meeste van de 34 scholen die onder de landelijke opheffingsnorm van 194 leerlingen vallen, zijn voormalig zwakke scholen. Het zijn basisscholen in alle delen van de stad, al springen Noord en Zuidoost eruit. Hoewel het stempel zwak van de Onderwijsinspectie bij de meeste scholen al een paar jaar weg is, staan ze nog altijd niet goed aangeschreven. Ook bieden ze soms klassikaal onderwijs terwijl juist vrije scholen, montessori- en daltonscholen in trek zijn.

Het zijn vaak zwarte scholen die krimpen, zwarte scholen in gemengde buurten, een nog altijd hardnekkig euvel van segregatie. School­besturen grijpen inmiddels naar radicalere maatregelen om krimp en een eenzijdige samenstelling aan te pakken.

Zo organiseerde schoolbestuur Asko in mei voor twee van zijn kleine zwarte scholen een provocerende actie waarbij het de schoolkinderen de straat op stuurde in T-shirts met 'Is dit wit genoeg voor u?', in de hoop meer witte kinderen te trekken en de krimp tegen te gaan. Er kwamen daarna volgens het bestuur iets meer aanmeldingen dan voorheen.

Wedstrijd de Kraamkamer
Vraag en aanbod sluiten niet op elkaar aan, concludeerde wethouder Onderwijs Simone Kukenheim. Mede om die reden lanceerde ze in april de Kraamkamer: een wedstrijd om iedereen met een idee voor een nieuwe school aan te moedigen. Na de zomer wordt een selectie gemaakt om uiteindelijk drie of vier volstrekt nieuwe scholen met een eigen onderwijsconcept te stichten. Kukenheim: 'Ik vind het belangrijk dat er wat te kiezen valt. Scholen die populair zijn, moeten meer plekken krijgen. Met kleine scholen bespreken we of ze hun onderwijs moeten aanpassen, samengaan, verhuizen of sluiten.'

Voor kleine scholen is dat best frustrerend. Minder leerlingen betekent minder geld, waarbij er soms niet genoeg docenten zijn. Opheffen gebeurt niet snel, want schoolbesturen gaan uit van een gemiddelde aantal leerlingen: populaire scholen houden de kleine scholen in leven. En als er eenmaal is opgeheven, kan er maar moeilijk weer een school bij.

Elize Jong, een oud-leerkracht met een idee voor een nieuwe school, zou graag zien dat die heel kleine scholen, waaraan al alles is gedaan om ze te laten groeien, juist wel worden gesloten. 'Als er geen behoefte aan is, laat de markt dan zijn werk doen.'

Onderwijscafé voor ouders
Samen met haar oud-collega's Nikita van Geemen en Charissa Koek heeft ze in het kader van de Kraamkamer een plan voor een school, 'Onze Amsterdamse school' heet het. Daar zal klassikaal leren niet meer bestaan, is er een keuken waar kinderen leren koken, een fablab waar ze kunnen experimenteren en een onderwijscafé waar zzp'ende ouders terecht kunnen en hun kinderen helpen leren. Jong: 'We onderzoeken waar ouders behoefte aan hebben en willen daarbij aansluiten.'

Ondertussen probeert Cilia van Oostveen, directeur van St. Barbara in Oost met nog geen honderd kinderen, haar basisschool te laten groeien. Het trekt aan, zegt ze. Een hele prestatie na jaren het oordeel zwak te hebben gekregen. De school is voorlopig nog wel zo compact dat groep 5, 6, 7 en 8 (soms slechts zeven kinderen per klas) komend jaar worden samengevoegd.

Diane Middelkoop, voorzitter van schoolbestuur Asko, waar zes van de 32 scholen officieel te klein zijn, heft niet snel een school op. 'Je moet op de lange termijn kijken. Soms zijn er in een bepaalde periode minder kinderen in een buurt. Ik vind het een­dimensionaal om te denken: hef dan maar op.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden