PlusUitleg

Zijn scholen dan toch een brandhaard van Covid-19?

In alle leeftijdscategorieën daalde afgelopen week het aantal besmettingen, maar bij middelbare scholieren (13-17 jaar) steeg dat juist. Experts zien de oplossing in een langere kerstvakantie. Vijf vragen over het gevolg van de infecties onder scholieren.

De ramen staan open voor ventilatie in een klaslokaal tijdens de les van het Amsterdams Lyceum.  Beeld ANP
De ramen staan open voor ventilatie in een klaslokaal tijdens de les van het Amsterdams Lyceum.Beeld ANP

Kinderen en scholen hadden een kleine rol bij de virustransmissie, zo was de teneur in Neder­land. Wat is er veranderd?

“De besmettingen onder scholieren waren lange tijd lager dan in veel andere leeftijdsgroepen, maar de cijfers zijn gewijzigd,” zegt kinderarts-epidemioloog Patricia Bruijning van het UMC Utrecht. Aan het begin van het schooljaar liep het percentage positieve tests in de groep van 12-17 jaar achter op het landelijke gemiddelde, maar inmiddels scoren ze hoger: 14,6 procent ten opzichte van 12.

Nu de recente RIVM-cijfers tonen dat het aantal nieuwe besmettingen ondanks de strenge maatregelen nauwelijks is gedaald in de afgelopen twee weken, dringt zich de vraag op welke rol de scholieren daarbij spelen. In tegenstelling tot bijvoorbeeld de horeca of bioscopen zijn de middelbare scholen immers altijd opengebleven.

Ook basisscholen en crèches bleven open. De besmettingscijfers van kinderen onder 12 zijn echter onbetrouwbaar, omdat die groep een hele periode niet is getest. “Tieners lijken meer op volwassenen dan kinderen onder de 12, daarom dragen ze meer bij aan de virustransmissie, zo blijkt,” aldus Bruijning.

Moet de kerstvakantie van de scholen niet twee, maar drie weken duren om de tweede golf te breken?

Ja, twittert antropoloog Ginny Mooy van het kritische RedTeam. De kerstvakantie een week vervroegen is slimmer dan hem een week verlengen, want zo bereik je sneller effect. De overheid, het Outbreak Management Team (OMT) en het RIVM hebben de rol van scholen bij de virustransmissie onderschat, stelt Mooy.

Epidemioloog Susan van den Hof van het RIVM denkt daar anders over. Kinderen en tieners hoeven als enige groepen geen 1,5 meter afstand te houden, zegt zij, maar hun aandeel in het totale aantal besmettingen is lang laag gebleven. “Daarom zijn de scholen niet de aanjager van de virustransmissie. De GGD vindt nauwelijks bewijs dat leerlingen hun leraar besmetten.”

Toch is Van den Hof voorzichtig. “Het virus blijft nooit beperkt tot één leeftijdsgroep, zo weten we sinds de groep jonge twintigers afgelopen zomer als eerste besmet raakte. Een week online lesgeven als aanvulling op de kerst­vakantie kan daarom een goed idee zijn.”

Wat doet een weekje langer vakantie op het reproductie­getal (R)?

“Ik ben benieuwd wat de rekenmodellen zeggen, maar van één week extra kun je geen grote effecten verwachten,” zegt Bruijning. “Al kan het helpen de daling sneller in te zetten.”

De grote vraag is nog altijd hoeveel kinderen en tieners bijdragen aan de virustransmissie. In welke mate besmetten ze volwassenen?

Dat is precies wat Bruijning onderzoekt. De studie loopt nog en is afhankelijk van waar en wanneer er clusters met besmettingen optreden, dus het moment waarop de resultaten bekend zijn, is lastig voorspelbaar.

De virustransmissie van minderjarigen naar volwassenen gedegen onderzoeken is moeilijk, zegt Bruijning. Minderjarigen hebben vaker milde ziektesymptomen dan volwassenen, dus waarschijnlijk blijven meer infecties onder de radar. Bovendien waren de scholen bij de eerste coronagolf gesloten, dus de vergelijking met de tweede golf kan niet zonder – beredeneerde – inschattingen. “Het is als schieten op een bewegend doel,” aldus Bruijning. “Je kunt resultaten uit het buitenland daarom niet 1 op 1 over­nemen in de Nederlandse situatie. Landen verschillen te veel in beperkende maatregelen en de inrichting van het onderwijs.”

Hoe is de situatie in Amsterdam?

“Steeds vaker geven scholen nu noodgedwongen online les aan bepaalde klassen, omdat in die klassen besmettingen zijn vastgesteld,” zegt Rob Oudkerk, voorzitter van de vereniging voor Amsterdamse schoolbesturen in het middelbaar en voortgezet onderwijs (Osvo).

“De hoeveelheid online lessen schommelt. Het gaat meestal om één of enkele klassen per school. Bij de scholen varieert het van een paar procent tot mogelijk rond de tien.”

Of Amsterdamse tieners de stijgende besmettingstrend van Nederland volgen, weet Oudkerk niet. “Actuele cijfers van de GGD moeten nog komen, maar de ervaring leert helaas dat grote steden vaak vooropgaan in coronatrends.”

Er zijn geen duidelijke regels bij hoeveel besmette leerlingen een middelbare school overstapt op online-onderwijs. “Een oudere leraar met hartproblemen doet dat begrijpelijkerwijs sneller dan een fitte twintiger.”

Oudkerk vermoedt dat Amsterdamse middelbare scholen zich achter een langere kerst­vakantie scharen, maar schetst de keerzijde. “Er is al een manifeste onderwijsachterstand opgetreden. Vooral over het mbo en vmbo maken we ons grote zorgen.”

Coronaregels in de winter nog streng

Het ziet er niet naar uit dat de coronamaatregelen in december al verruimd kunnen worden, liet minister Hugo de Jonge van Medische Zorg de Tweede Kamer dinsdag weten. “De daling die we zo goed hadden ingezet, is gestagneerd afgelopen week. Dat betekent ook dat eventueel verruimen in december, waar we door de oogharen heen naar aan het kijken waren, op losse schroeven is komen te staan.’’ En: “Positieve berichten over de vaccins helpen ons op korte termijn niks.”

Het Outbreak Management Team (OMT) heeft het kabinet geadviseerd de coronamaatregelen niet verder te versoepelen richting de feestdagen. De restaurants kunnen, met de huidige besmettingscijfers, volgens het OMT half december ook nog niet open. In een tussenadvies – er is pas op 8 december weer een grote persconferentie – melden de experts dat de situatie nu nog niet stabiel genoeg is, waardoor het onverantwoord zou zijn om nieuwe stappen te zetten.

Aura Timen, secretaris van het OMT en hoofd van het Centrum Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding: “De reproductiefactor zit boven de één, dan krijg je geen afname, maar een stabilisatie. En dan duurt het heel lang voordat je bent waar je wilt zijn. Dit is geen goede uitgangspositie voor de wintermaanden. Nog altijd zien we relatief veel besmettingen in de thuissituatie, bij het ontmoeten van vrienden en familie.”

Het RIVM telde dinsdag fors minder nieuwe infecties (3979 versus 5200 op maandag). Het is te vroeg om daar conclusies aan te verbinden, vindt Timen.

Niels Klaassen en Edwin van der Aa

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden