Plus

Zandvoort-directeuren: ‘Het laat ons niet koud wat we over ons heen krijgen’

De Grand Prix in Zandvoort gaat door, ook het laatste kort geding is gewonnen. De organisatie roept veel weerstand op in het land, zo merkt de directie van deze Grand Prix. ‘Dit evenement is een mammoettanker, je kan niet meer terug.’

Van links naar rechts: Imre van Leeuwen (directeur Sportvibes), Norbert Chevalier (directeur TIG Sports) en Robert van Overdijk (directeur Circuit Zandvoort). De drie bedrijven organiseren samen de Dutch GP. Beeld Marco Okhuizen
Van links naar rechts: Imre van Leeuwen (directeur Sportvibes), Norbert Chevalier (directeur TIG Sports) en Robert van Overdijk (directeur Circuit Zandvoort). De drie bedrijven organiseren samen de Dutch GP.Beeld Marco Okhuizen

De nacht nadat in Londen het contract werd getekend om de Formule 1 terug te halen naar Nederland, lag Norbert Chevalier wakker. “Oh mijn god, wat hebben we nu getekend? Met een begroting op een bierviltje, op basis van een onderbuikgevoel dat iedereen graag wilde komen en we sponsoren zouden vinden.” De directeur van marketingbureau TIG Sports belde met zijn collega-directeur Imre van Leeuwen van Sportvibes, die ook zijn krabbel had gezet. “Wat hebben we gedaan?”

Van een stikstofdepositie hadden ze nog nooit gehoord, over de zandhagedis sprak niemand, Corona was nog een biertje. In de jaren die volgden waren er rechtszaken van milieugroeperingen, een uitstel met ruim een jaar en aanhoudende kritiek van opiniemakers en andere tegenstanders. Samen met Robert van Overdijk, directeur van het circuit in Zandvoort, kijken ze in de week van de Grand Prix terug op drie roerige jaren en vooruit naar drie dagen die Nederland alsnog trots moeten maken.

Het lijkt erop dat je nu voor de Grand Prix bent, of tegen. Waarin zit hem die polarisatie?
Van Overdijk: “Kijk eerst naar de tijdlijn. Op 14 mei 2019 kondigden we de terugkeer van de Formule 1 aan. Op 28 mei werd de stikstofcrisis een feit. Wij moesten nog gaan verbouwen. Daarna kwam de coronaperiode, in drie fases. Dit is gewoon een bizarre periode geweest. Tegenstanders krijgen altijd meer aandacht dan positievelingen. Terwijl: als we in 2019 een miljoen kaarten hadden gehad, hadden we ze ook verkocht. Dit evenement is zo on-Nederlands groot, dat ons platform gebruikt wordt door mensen om hun standpunt duidelijk te maken. Als ik met de festivalsector praat hoor ik: we zijn niet tegen jullie, maar we willen wel een geluid maken richting Den Haag.”

In de Champions Lounge, hooggelegen achterop het circuit, heeft de directie van de Dutch Grand Prix het beste uitzicht over het circuit. Het binnengewaaide zand wordt opgezogen, de bar gepoetst.

Chevalier: “Toen we het aankondigden was iedereen nog lyrisch.”

Van Overdijk: “De natuurorganisaties hadden we verwacht, die kennen we. We zitten in een hartstikke mooi en kwetsbaarder gebied. Maar feit is: dit is het best vergunde evenement ooit in Nederland. Normaal gesproken krijg je een evenementenvergunning de dag ná je evenement. Nu is elke steen vijf keer omgedraaid. We hebben 36 procedures doorlopen, zijn zes keer in de rechtbank geweest, hebben drie kort gedingen gehad en twee procedures bij de Raad van State. We hebben alles doorstaan. Het kan niet zo zijn dat iemand zegt dat we de kantjes eraf lopen, dat is onzin.”

Zandvoort, gisteren. Beeld Koen Laureij
Zandvoort, gisteren.Beeld Koen Laureij

Waar komt dat sentiment dan vandaan?
Van Overdijk: “Er zijn misverstanden ontstaan, bijvoorbeeld over de verbetering van het spoor van Amsterdam naar Zandvoort. Die zou er alleen voor de Formule 1 zijn gekomen. Nee: daar werd al twintig jaar over gediscussieerd, alleen niemand wilde het bonnetje oppakken. Dit is het enige strand in Nederland met een treinstation, daar profiteert Zandvoort straks elke zomer van.”

Van Leeuwen: “Ander voorbeeld: er was een partij (Red Bull Racing, red.) die een vergunning aanvroeg om met auto’s over het strand van Noordwijk naar Zandvoort te mogen rijden. Dat was niet ons idee, maar het kwám wel door ons.”

Had het ook niet te maken met het niet al te positieve imago van Prins Bernhard junior?
Van Overdijk: “Ook hij valt in de categorie: hoge bomen vangen veel wind. Hij heeft een positieve bijdrage geleverd aan het naar Nederland halen van de Formule 1, hij heeft het zaadje geplant en de eerste gesprekken gevoerd. Maar hij is een minderheidsaandeelhouder van één van de drie private partijen in deze organisatie, het circuit. Niet dé eigenaar of de organisator van de Dutch Grand Prix. Om alles dan aan hem op te hangen…”

Was het niet slim geweest hem een keer op te voeren in de media? Hij zei in alle onrust van de laatste weken helemaal niets.
Van Overdijk: “Dat had gekund. Maar dan gaat iedereen daar weer meningen over vormen. Allerlei zaken worden erbij getrokken, Amsterdam, noem maar op.”

Waarom werd zijn naam dan wel gebruikt om een artiest uit te nodigen om gratis te komen optreden?
Van Leeuwen: “Zo is dat niet gegaan, maar we hebben afgesproken daar verder niet op terug te komen, het zou alleen maar olie op het vuur gooien. Ik heb mijn excuses aangeboden aan het management van Chef’Special. We trekken er lessen uit, het zou dom zijn als we ons nergens iets van zouden aantrekken. Ook niet handig: toen bekend werd dat grote festivals niet mochten doorgaan, hebben wij niet direct op de site van onze camping naast het circuit de zinnen over muziek en eten weggehaald. Dat kregen we ook om onze oren. Maar het is gewoon een camping met tenten, waar je kan plassen en poepen.”

Van Overdijk: “Om het circuit liggen nog vier andere campings. Als we onze camping hadden geschrapt, hadden die mensen een tent geboekt bij de buren. Wat is het verschil? Er zijn regels en er is de publieke opinie. Aan de regels voldoen we, de publieke opinie kunnen we niet veranderen. Ons uitgangspunt is: we respecteren onze tegenstanders, maar we organiseren het voor de fans.”

Jullie moeten af en toe de trots missen. Hoe frustrerend is dat?
Chevalier: “Er wordt niet naar ons gespuugd als we op straat lopen, maar het onweert er soms wel. Het laat ons niet koud wat we over ons heen krijgen, vooral de laatste weken waren heftig. Als ik ’s avonds thuis kwam, keken ze ook van: gaat het nog een beetje met hem? En dan zeiden ze: dit was niet handig, of waar ben je aan begonnen? Je loopt steeds meer op eieren, omdat alles wordt uitvergroot. Maar het hoort erbij.”

Van Leeuwen: “Als je de hele dag de krant leest of op sociale media zit, word je niet gelukkig. Maar op het terrein heerst totale rust. Als hier op deze tent nu een bom valt, gaat de race gewoon door, ons missen ze niet.”

Van Overdijk: “Wij schrijven hier een jongensboek. Dat wordt misschien alleen maar mooier met wat tegenwind. Als vrijdag na 36 jaar de eerste Formule 1-auto’s de pitbox uit rijden, is dat een magisch moment. En zondagavond, als we met de paar honderd mensen die dit organiseren een biertje drinken, zullen er tranen vloeien.”

Het podium wordt opgebouwd in de pitlane op Circuit Zandvoort. Beeld ANP
Het podium wordt opgebouwd in de pitlane op Circuit Zandvoort.Beeld ANP

Hoe dicht bij was een nieuwe afgelasting dit jaar?
Van Leeuwen: “Juni was het moment. Maar op de dansen met Jansen-persconferentie zei minister De Jonge dat we voor 1 september van alle maatregelen verlost zouden zijn. We liepen hier de polonaise. Dat heeft precies twee weken geduurd, toen moesten ze met een serieus gezicht vertellen dat ze het niet helemaal goed hadden gedaan. Maar wij waren ondertussen wel uit het vliegtuig gesprongen. Dit evenement is een mammoettanker, je kan niet meer terug.”

Ook niet toen de overheid de bezetting van honderd procent naar twee derde bracht?
Van Leeuwen: “Toen waren we de tribunes al aan het bouwen. Als we de stekker eruit hadden getrokken, waren wij failliet, de mensen hun geld kwijt en was er geen race. Dat was geen heel lang gesprek.”

Een paar uur voor die laatste persconferentie op 19 augustus leek er in jullie kamp nog paniek over de compensatieregeling van de overheid. Tot ineens het persbericht kwam: het gaat door, wij nemen zelf het verlies.
Van Overdijk: “Het was voor ons tot het laatste moment onduidelijk of wij net als de festivals onder de garantieregeling vielen. Dat bleek niet zo. Dan kun je twee dingen doen: je hoofd in de schoot leggen, of nog één keer uitgaan van eigen kracht. Dat hebben we gedaan. Laat Rutte dan maar zeggen dat we geen steun krijgen, dan is het helder dat wij onze nek uitsteken, als drie partijen met ondernemersgeest, die ergens 1000 procent in geloven.”

Van Leeuwen: “Voor de overheid is het een regeltje, van 100 naar 67 procent. Voor ons was het super heftig. Niet alleen vanwege geld, we moesten ook veel fans teleurstellen. Daar hebben we wel een klappie van gekregen.”

Dagjesmensen rondom het circuit van Zandvoort voorafgaande aan de Dutch GP. Beeld Jeffrey Groeneweg
Dagjesmensen rondom het circuit van Zandvoort voorafgaande aan de Dutch GP.Beeld Jeffrey Groeneweg

Gaat er dit jaar geld worden verdiend?
Van Overdijk: “Nee, dat is een simpele rekensom, met twee derde bezetting en 100 procent van de kosten. Maar we zitten er niet in voor drie of vijf jaar, eerder voor tien of vijftien jaar. Dat geld komt ergens wel terug.”

Voelt het als een beperkt evenement?
Van Leeuwen: “Je bouwt geen tribunes om ze deels leeg te laten.”

Van Overdijk: “We hebben dit bedacht als het Ultimate race festival. Eén onderdeel kan niet, het festival. Dat volgt de komende jaren. Maar we zetten nog steeds een standaard neer die je in de Formule 1 in Europa nergens ziet. We staan met de borst vooruit en de kop omhoog. Ik ben er heilig van overtuigd dat de trots op het evenement er komt, na dit weekend, als iedereen het gezien heeft.”

‘Prins Bernhard maakte in 1948 een eind aan bouwverbod racecircuit’

Voor een bedrag van zo’n 20.000 gulden zette prins Bernhard begin 1948 twee ministers onder druk om een bouwstop voor het circuit van Zandvoort te beëindigen. Dat blijkt volgens Trouw uit archiefstukken van de gemeente Zandvoort en de ministeries van Binnenlandse Zaken en Financiën.

Op 13 februari 1948 was er een vertrouwelijk overleg tussen de gemeente en de Prins Bernhard Stichting, die financiële steun leverde aan veteranen. Daar werd afgesproken dat de stichting de autoriteit van haar naamgever zou inzetten bij de ministeries van Binnenlandse Zaken en Financiën om te benadrukken dat de autowedstrijden in Zandvoort ‘een meerzijdig landsbelang’ hadden - met succes.

In ruil voor deze steun verhoogde de gemeente eenmalig de prijzen van de kaartjes. De verwachte opbrengst van ongeveer 20.000 gulden was voor de stichting, in onze tijd te vergelijken met zo’n honderdduizend euro. Belastingvrij, zo beloofde de gemeente zwart op wit.

Door deze ingenieuze constructie bleef de prins zelf buiten beeld, maar werd via de Stichting Prins Bernhard wel zijn gezag aangewend om de bouw van het circuit op tijd af te ronden. Wat er met het geld is gebeurd, is onbekend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden