PlusAnalyse

Wordt het virusvrije noorden straks de dupe van problemen Randstad?

Toeristen en dagjesmensen op het Damrak.Beeld ANP

Niemand wil het, een tweede landelijke lockdown. Maar werken regionale afsluitingen wel in het ‘dorp Nederland’? Experts twijfelen. Toch zou het bijna coronavrije noorden van het land straks graag zélf beslissen of de scholen of terrassen dicht moeten of niet. 

Precies zes dagen in maart werd het moedig geprobeerd. Maar corona in Noord-Brabant houden en daar uitroeien bleek al snel een onhaalbare missie. Dus werden de provinciale beperkingen van 6 maart nog geen week later ook landelijk van kracht. “Nederlanders leven intensief samen en reizen veel,” zei RIVM-directeur Jaap van Dissel daarover. “Dus moet je de maatregelen voor Nederland rechttrekken met die van Noord-Brabant.”

De wereld ziet er krap vijf maanden later compleet anders uit, zou je zeggen. Corona is geen exotische nieuwkomer meer, iedereen is alert, we testen, doen aan bron- en contactonderzoek, houden allerlei basisregels in acht. En dus, zeggen RIVM, GGD en kabinet, moeten we kleine clusters vooral lokaal aanpakken. Door patiënten en hun contacten te traceren en te isoleren. Een gebouw of bedrijf sluiten of groepjes in quarantaine plaatsen. 

Mocht dat allemaal niet werken, dan is er nog de noodrem, kan een gemeente of regio in ‘intelligente lockdown’. Dat betekent bijvoorbeeld: kroegen en sportscholen dicht, een avondklok en zoveel mogelijk thuisblijven.

Besmettingshaard

Neem de corona-uitbraak in het Zuid-Hollandse Hillegom, vorige week. Een lokaal café groeide uit tot besmettingshaard, met tot dusver 39 bekende gevallen. “Als we het niet onder controle krijgen, zitten we dicht tegen een regionale lockdown aan,” waarschuwde de Leidse burgemeester Henri Lenferink, tevens voorzitter van de veiligheidsregio Hollands Midden (waar Hillegom onder valt). In het dorp lijkt de brandhaard inmiddels onder controle. Toch blijft Lenferink voorstander van regionale maatregelen. “Waarom zouden mensen in Groningen binnen moeten blijven als we in Hillegom een uitbraak hebben?”

Dat vindt Alex Friedrich, arts-microbioloog bij het UMCG in Groningen, dus ook. ,,In Winschoten alles dichtgooien als er in Goes een uitbraak is, dat heeft epidemiologisch gezien niet zoveel zin,” zegt hij. ,,En ik denk dat veel economen dat ook niet zo’n goed idee zullen vinden.” Ingrijpende maatregelen als lockdowns zijn volgens Friedrich een teken dat je een infectieziekte niet onder controle hebt. “In het voorjaar moest dat, omdat we niet waren voorbereid. Maar nu zijn we dat als het goed is wél. Virussen verspreiden zich niet landelijk, maar altijd eerst lokaal. En dus moet je daar je maatregelen op aanpassen.”

Zijn noorderlingen braver?

Wat doet het noorden van het land toch zo goed? Weer springen provincies als Groningen en Friesland er positief uit, als het gaat om het aantal coronabesmettingen. Dat is bijvoorbeeld in Groningen in verhouding bijna 25 keer lager dan in provincies als Zuid-Holland en Zeeland. Voor een deel is het geluk, zegt arts-microbioloog Alex Friedrich, verbonden aan het Groningse UMCG. “We hebben hier dit voorjaar geen carnaval gevierd en waren meteen alert op mensen die terugkwamen van wintersport. Daardoor hebben we de corona-epidemie tot nu toe altijd onder controle gehouden.”

Maar misschien ligt het verschil ook wel in de wat meer voorzichtige volksaard van de noorderlingen. Uit het laatste gedragsonderzoek van het RIVM blijkt bijvoorbeeld dat een kwart van de Nederlanders naar het buitenland op vakantie gaat, of dat van plan is. Onderzoekers van het UMCG kwamen bij een onderzoek onder tienduizenden Noord-Nederlanders uit op een veel lager percentage: 14 procent. Ook is de steun van noorderlingen voor beperkende maatregelen groot: 93 procent is het eens met het vermijden van bars, restaurants, festivals en voetbalwedstrijden, mocht er een tweede golf komen.

“Ons onderzoek wekt de suggestie dat Noord-Nederlanders wat anders omgaan met het coronavirus,” zegt Lude Franke, onderzoeker bij het UMCG. “Dat kan te maken met cultuurverschillen. Misschien zijn mensen in het noorden toch wat nuchterder, behoudender. Ze houden van nature wellicht al wat meer afstand tot de ander.”

Daarom zou Friedrich het heel logisch vinden: in de ene regio scholen en horeca een of twee weken dicht, terwijl het elders in het land niet gebeurt. In de ene provincie tijdelijk een mondkapjesplicht, in de andere niet. “Mensen zullen ook heus wel begrijpen dat als het virus ergens heftig om zich heen slaat, dat daar even strengere maatregelen gelden.”

Burgemeester: regionaal keuzes maken

De Groningse burgemeester Koen Schuiling, tevens voorzitter van de veiligheidsregio Groningen, schaart zich - hoewel ietwat genuanceerder - achter het betoog van Friedrich. “Ik zou nooit kiezen voor regionaal beleid dat ingaat tegen de adviezen van het Outbreak Management Team of RIVM. Maar ik denk wel dat je regionaal je eigen keuzes moet kunnen maken.”

Schuiling maakt de opmerking niet voor niets. Sinds dit voorjaar telt het noorden van het land veel minder coronabesmettingen dan het zuiden en westen. In de provincie Groningen zijn in verhouding bijvoorbeeld bijna 25 keer zo weinig mensen besmet als in Zuid-Holland. En terwijl er in de drie noordelijke provincies samen vrijdag slechts vier nieuwe gevallen waren, telde alleen de GGD-regio Rotterdam-Rijnmond er op dezelfde dag al bijna zestig. Geen wonder dat burgemeesters in de Randstad eerder over mondkapjes beginnen. “Daarom wil ik maatregelen kunnen treffen die relevant zijn in onze noordelijke context. Een mondkapjesplicht op straat is in Amsterdam misschien een idee, maar in Bourtange is dat echt niet nodig. Zeker als mensen zich aan de regels houden, wat ik hier vaak zie gebeuren.”

Reislustig land

Toch zijn veel experts huiverig voor ingrijpende maatregelen op regionale schaal. De bevolkingsdichtheid en reislust maken Nederland lastig op te knippen in geïsoleerde gebieden, stellen zij. Als ontdekt wordt dat het virus ergens verspreid is, is de kans groot dat het ook verderop in het land voet aan de grond heeft gekregen in het ‘dorp Nederland’: “We mengen hier continu en hebben nog veel besmette mensen rondlopen. En door de vakanties is er potentieel een gestage import van nieuwe gevallen,” zegt hoogleraar theoretische epidemiologie Hans Heesterbeek (Universiteit Utrecht).

Heesterbeek is een van de meest vooraanstaande experts op gebied van infectieziektemodellering. Onder zijn leiding onderzoekt een groep wetenschappers nu de optimale controlestrategie. Resultaten zijn er nog niet, maar de professor waarschuwt alvast: staar je niet blind op lokale mogelijkheden. Nederlanders ontmoeten normaal gesproken zo’n veertien anderen per dag, blijkt uit eerder onderzoek. Duitsers zijn bijvoorbeeld een stukje minder ‘sociaal’, met acht verschillende dagelijkse contacten.

Met een virus dat soms al overspringt voordat je klachten krijgt, is het lastig indammen bij veel wisselende contacten en een grote mobiliteit. Iemand kan op zaterdag ongemerkt besmet raken in een Maastrichts café, een paar dagen later naar Amsterdam gaan en daar anderen aansteken, die op hun beurt weer vrolijk verder verspreiden. Weg is je lokale grip, het is onbegonnen werk voor de detectives van de GGD. “Dus het kan best zijn dat het bedwingen van een grote golf alleen op nationaal niveau kan,” tempert hoogleraar Heesterbeek de hoop.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden