Wim en Rita Kok nemen ook in 1998 de schijnwerpers voor lief tijdens de PvdA-verkiezingscampagne.

Plus Achtergrond

Wim Kok: de premier die vrijwel altijd thuis kwam eten

Wim en Rita Kok nemen ook in 1998 de schijnwerpers voor lief tijdens de PvdA-verkiezingscampagne. Beeld ANP

Geen politicus of journalist kwam voorbij de voordeur van Wim en Rita Kok. Biograaf Marnix Krop ontsluit de vesting in het eerste deel van een tweedelige biografie.

Het is zijn thuisfront waardoor Wim Kok goed overweg kan met de stress van het vakbondsvoorzitterschap, het ministerschap van Financiën en zijn latere premierschap. Rita en hun drie kinderen. Bal- en bordspel. Veel vissen. Televisiekijken. En als tussen zeven en acht uur de telefoon gaat, zegt Rita: “Hij is er niet, want hij is voetballen met André.”

Huize-Kok was een clan, concludeert biograaf Marnix Krop. “Een tamelijk gesloten familiekring, met weinig ooms, tantes, neven en nichten. Ook nauwelijks vrienden of goede kennissen.” Rita en Wim houden de buitenwereld op afstand, door de handicap van zoon André en Koks toenemende bekendheid.

Om Wim Kok, een leven op eigen kracht te kunnen schrijven won Krop het vertrouwen van de familie. Voor het eerste deel, Voor zijn mensen, 1938-1994, voerde de oud-ambassadeur in Warschau en Berlijn achttien gesprekken met Kok zelf. De sociaaldemocraat gaf zijn naam aan twee kabinetten. Vorig jaar oktober overleed hij op 80-jarige leeftijd tamelijk onverwachts aan de complicaties van een hartoperatie.

Ontvangst in tuinhuisje

Als vakbondsvoorzitter, fractievoorzitter, minister van Financiën en minister-president worstelde Kok met het licht van de schijnwerpers op zijn openbare functies. Rita Kok beschermde hun privé­leven als een leeuwin. Politici die Kok na zijn premierschap opzochten, kwamen niet over de drempel. Ze werden naar het tuinhuisje geleid, waar hij ontving.

Vakbondsman Wim Kok en Margrietha Lummechiena (Rita) Roukema leren elkaar in 1963 kennen als Kok in de kost is bij Rita’s vader. Zij, 22 jaar en gescheiden met twee kinderen, is weer thuis komen wonen. Daar ontluikt de liefde tussen de gesloten, zwaarmoedige en belangstellende Wim en de optimistische Rita.

Het paar trouwt ruim een jaar later in Londen, omdat de Britse wet – anders dan de Nederlandse – geen barrières opwerpt voor een pas gescheiden vrouw die wil hertrouwen. Rita Kok – zelf uit een gebroken gezin – heeft twee kinderen uit haar eerste huwelijk, André en Carla, die de achternaam van Kok krijgen. Later krijgen ze samen nog een derde kind, Marcel.

Zoon André is ernstig fysiek en verstandelijk beperkt, wat een zware wissel op het gezin trekt. André spreekt nauwelijks en heeft moeite zijn achternaam uit te spreken. Dat leidt ertoe dat ook de geëmancipeerde Rita de achternaam Kok overneemt: “Als André zo zijn best doet om te praten, dan moet jij ook maar zo groot zijn om te zeggen: ik heet ook Kok. Dag meisjesnaam.”

De afspraak om de opvoeding te delen, lukt minder naarmate Wim Koks ster rijst. Hun reddingsboei blijkt de dagelijkse ‘papahap’ met aardappelen, groente en vlees. Daar is hij vrijwel altijd om met de kinderen te spreken en te spelen. Waarna het werk in de avond doorgaat.

Eersteweekshoofdpijn

De oase van familiegeluk is de jaarlijkse zomervakantie: dan rijden ze zingend in de Ford Sierra naar Engeland of Frankrijk. Het hele gezin plooit zich om de blijmoedige, gehandicapte zoon. Elke zondag gaat Kok met André naar Artis, het liefst naar de chimpansees. Als de jongen ouder wordt, komt hij in een instelling en is hij eens in de twee weken een weekend thuis.

Kok maakt zich zorgen om zoon Marcel, die zich als puber in de punkscene beweegt. Hij blowt weleens. Dan houdt Rita haar man een spiegel voor: “Is jouw borreltje nu zo veel beter dan zijn stickie?”

In 1984 wordt Kok op vakantie geveld door een enorme hoofdpijn, niet de normale ‘eersteweekshoofdpijn’ van een zomer. Na twee dagen intense pijn rijdt Kok vanaf de camping in Zuid-Frankrijk terug: ‘roekeloos’ schrijft Krop. Het blijkt hersenvliesontsteking. Kok mag een half jaar niets doen en moet thuisblijven. Hij strijkt de was en helpt Rita met weven op het grote weefgetouw. Als hij is genezen, zegt de neuroloog dat hij 50 procent kans op overlijden had en 25 procent op blijvend letsel.

Kok wint de verkiezingen van 1994 als hij na lang aarzelen in de campagne zichzelf meer als mens laat zien. Kok moet er verschrikkelijk aan wennen maar het werkt: de PvdA wordt de grootste door minder te verliezen dan het CDA.

Als Kok in 1994 premier wordt, tekent hij de overdracht met de vertrekkende Ruud Lubbers. Dan gaat Kok op de vloerbedekking van het Torentje liggen. Op zijn rug. Twee jaar later haalt hij het gezin met aanhang naar het Catshuis, de ambtswoning van de premier. Daar verblijven ze een weekend. Krop: “Werk was een verboden gespreksonderwerp. Vooral spelletjes doen.”

Wim Kok in 2011. Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden