Plus Interview

Wiebes: ‘Er is geen reden om de staatsschuld naar nul te brengen’

Eric Wiebes. Beeld Guus Schoonewille

Eric Wiebes is het brein achter het kabinetsplan om de Hollandse zuinigheid wat los te laten en te investeren in de economie. Intussen schopt de minister van Economische Zaken en Klimaat tegen meer heilige huisjes. ‘Gaan wij door het leren van Frans en Grieks de Chinezen van ons lijf houden? Ik vrees van niet’

Al een halfjaar loopt minister Eric Wiebes (56) van Economische Zaken en Klimaat rond met een plan. Een plan, zijn idee, om het economische kabinetsbeleid radicaal om te gooien. “Morgen, op Prinsjesdag, zal weer blijken dat wij een heel rijk land zijn,” vertelt hij. “We zijn rijker dan we ooit zijn geweest. Als je alle landen weglaat die hun geld verdienen met olie of gas, en de kleine landen, dan zijn wij na de Verenigde Staten het rijkste land op aarde. Dat klinkt geweldig, maar er zit een randje aan.”

Dat randje, zegt Wiebes, is dat de meeste Nederlanders niet in hun portemonnee merken dat de economie sinds 2002 met een kwart is gegroeid. “Daarover is onvrede. Veel mensen zeggen dat alleen de rijken rijker zijn geworden. Maar dat is niet zo. Anderen zeggen dat al het geld naar bedrijven is gegaan, maar ook dat klopt niet. Onze welvaartsgroei van de afgelopen vijftien jaar is vrijwel volledig gespendeerd aan pensioenen, de zorg én aflossing van de staatsschuld.”

Allemaal ‘verstandige uitgaven’, zegt Wiebes. “Maar we hielden er in onze portemonnee heel weinig van over. Dat is een probleem. Ik zie dat het politieke landschap versplinterd is. Door de onvrede zitten we nu met dertien politieke partijen in het parlement, als dit zo doorgaat zijn het er straks 26. Dit gaat zo niet.”

Springvorm

Wiebes rekent verder. “De komende twintig jaar verdubbelen de zorgkosten. En de kosten van de vergrijzing – pensioen – verdubbelen óók. We moeten ons afvragen of we op deze voet verder willen. Want als we dat doen, zullen Nederlanders er de volgende decennia niet op vooruitgaan. Het blijft met gemiddeld 1,2 procent groei per jaar misschien allemaal betaalbaar, maar we houden er niks extra aan over in de portemonnee. We blijven de taart herverdelen, maar de taart moet gróter. De springvorm deugt niet.”

Daarom moet er hervormd worden. Én geïnvesteerd. Nu de overheid bijna gratis geld kan lenen is daarvoor momentum. Een gewaagd idee, zeker voor een VVD’er. Hij moest zelf ook over een drempel: “Sterker, ik heb er nog nooit eerder voor gepleit dat de overheid extra geld moet uitgeven.”

Wiebes wist wat hem als eerste te doen stond, zo vertelt hij: de minister van Financiën aan boord krijgen. En zo nodigde Wiebes zijn CDA-collega Wopke Hoekstra uit voor een ‘haardvuursessie’ op zijn ministerie. “Zonder haardvuur,” zegt Wiebes. “Dat was een lokkertje.” Het werden meerdere sessies, waarbij de twee bewindspersonen het eens werden over een groot investeringsprogramma. In Oisterwijk, bij de jaarlijkse heidag van alle bewindspersonen, wist Wiebes de rest van zijn collega’s enthousiast te krijgen.

Ommezwaai

Het is een grote ommezwaai in het economische beleid: de laatste jaren loste Nederland juist af op de staatsschuld. “Sinds Rutte II is de staatsschuld met 50 miljard euro afgelost: ruim 10 miljard euro per jaar,” zegt Wiebes. “Dat was nuttig, maar er is geen reden om de staatsschuld naar nul te brengen. Als je nu als kind wordt geboren, erf je automatisch een enorme welvaart. Dat daar een schuld tegenover staat, is op zich niet raar.”

Hoeveel geld er geïnvesteerd moet worden, is aan minister Hoekstra, benadrukt Wiebes. Maar dat er middelen beschikbaar gemaakt kunnen worden, illustreert hij met een sommetje. “Bij een groei en een inflatie van beide 2 procent en een staatsschuld van 50 procent, kan er per jaar 16 miljard extra geleend worden, terwijl er in de afgelopen jaren juist jaarlijks 10 miljard werd afgelost. Dat geeft 26 miljard euro ruimte. Al met een fractie daarvan kunnen we Nederland verder helpen.”

‘Ik denk dat Nederlanders allemaal redelijk wensen hebben,’ aldus Eric Wiebes. Beeld ANP

Het doel van die extra miljarden: een ‘nieuw verdienvermogen’ voor Nederland. “Ik zit hier geen pleidooi te houden voor ongebreideld consumentisme,” zegt Wiebes. “Ik denk dat Nederlanders allemaal redelijke wensen hebben. Mensen willen beter wonen, is dat raar? Ze willen een opleiding volgen. Neem je ze dat kwalijk? Ze willen iets voor hun kinderen doen. Is dat heel gek? Het zijn legitieme wensen. En ook op overheidsniveau moeten er dingen gebeuren, we ontkomen er bijvoorbeeld niet aan ons defensiebudget fors te verhogen.”

Maar dat geld moet dus wel ergens vandaan komen. “Ons recept voor welvaart verandert. We verdienden altijd veel geld met ongebreidelde handel. Maar kan dat nog op deze manier? Andere landen zijn op onze patenten uit en sommige staten subsidiëren hun bedrijven fors. Wij hebben het grootste petrochemische complex van Europa, de grootste veeteelt van Europa. Maar dat houdt een keer op, omdat de uitstoot van schadelijke stoffen wordt ingeperkt.”

Big data

Wiebes heeft ideeën waar het extra geld naar toe kan: onderwijs, arbeidsparticipatie, innovatie en infrastructuur. “We zakken al jaren op de internationale lijstjes over onderwijskwaliteit. We hebben ook al jarenlang discussie over de inhoud van het lesprogramma. Gaan wij door het leren van Frans en Grieks de Chinezen van ons lijf houden? Ik vrees van niet.”

“Ook hebben we het al jaren over een geïndividualiseerde leeromgeving, waarbij we kinderen met behulp van big data en gametheorie naar het volgende level brengen. Mijn kinderen maken in hun games gebruik van professionelere leermiddelen dan ze op school krijgen. Het schoolbord is digitaal geworden en kleien en knutselen is vervangen door CKV. Dat is allemaal geweldig, maar we zullen met oplossingen moeten komen die beter zijn. Het onderwijssysteem moet echt snel worden gemoderniseerd.”

Wiebes wil dat Nederlanders meer gaan werken. “Deeltijdwerken is een groot goed in Nederland. Dat is fantastisch. Maar inmiddels zijn er sectoren, zoals de zorg en het onderwijs, die voor 60 tot 80 procent worden bevolkt door deeltijdwerkers. Het is nu zelfs zo dat hogeropgeleide vrouwen – vaker dan mannen – al aan het begin van hun loopbaan in deeltijd gaan werken, nog voor ze kinderen krijgen. De helft doet dat. Dan vraag ik mij af: wat is er met ons werk aan de hand? Het moet interessanter.”

“Een miljoen Nederlanders willen graag werken of meer werken,” zegt Wiebes. “Voor sommigen van hen loont dat echter niet of nauwelijks. Het vorige kabinet heeft stappen gezet, maar we kunnen meer doen. Werken is méér dan een manier om in je levensonderhoud te voorzien. Je bouwt mee aan de samenleving, die wordt er groter, mooier en rijker van. Je ontmoet er nieuwe kennissen, je ontplooit je en je maakt jezelf trots. Dat moeten we stimuleren.”

De minister stelt dat de overheid zelf miljarden euro’s extra in innovatie moet steken, en niet langer wacht tot bedrijven dat doen. “Economische groei komt door nieuwe dingen, door innovaties. Daar verdien je geld mee. In Nederland zijn we goed in het bedenken van nieuwe dingen. Denk aan gentechnologie, de ontwikkeling van kunstorganen, microchips die op zonlicht werken, kunstmatige intelligentie. Maar daar maken we nu te weinig werk van. Die bedrijven moeten ook brutaler worden, ze moeten hun slimme ideeën omzetten in geld. We zijn nu heel voorzichtig, bijvoorbeeld als het gaat om privacy. Maar nu besteden we onze privacy uit aan het buitenland: aan Facebook, aan Google. Is dat dan beter?”

Vies

Het stoort Wiebes dat veel mensen negatiever zijn gaan denken over het bedrijfsleven. Zelfs binnen zijn eigen VVD. “De waardering voor bedrijven is klein. Het woord ‘vestigingsklimaat’ vinden we vies. We moeten daar echt weer met meer liefde over spreken. Want zo’n woord betekent niets anders dan dat bedrijven bereid zijn om in ons land meerwaarde te creëren, om onze welvaart te vergroten.”

In politiek Den Haag wordt nog weleens gedagdroomd van prestigeprojecten, zoals een luchthaven in zee. Wiebes kijkt echter uit om concrete projecten te noemen. Wel laat hij doorschemeren dat investeringen vooral niet moeten worden gebruikt om politieke hobby’s te financieren. “Het moet wel aannemelijk zijn dat een investering écht bijdraagt aan het vergroten van de taart. Dat zijn ongemakkelijke keuzes. Daarvoor wil het kabinet lef tonen. We moeten nu allemaal lef tonen.”

Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden