Plus verkiezingen

Wie voelt zich een Noord-Hollander?

De kiezer mag morgen naar de stembus om zijn vertegenwoordigers in de provincie te kiezen. Ook de Noord-Hollander. Maar wie voelt zich Noord-Hollander? 'De klant van de provincie is niet de burger.'

Beeld Yoko Heiligers

Wie kent de vlag van de provincie Noord-Holland? Geel, rood en blauw? Dat Haarlem de hoofdstad is wil er nog wel in. Maar het volkslied? 'Noord-Holland, ik houd van het groen van je wei; Het zwart-wit en rood van je koeien; Je velden vol molens versieren de Mei; Wanneer alle bollen gaan bloeien.' Een tekst uit 1950 van de Amsterdamse onderwijzer P.J. Ferdinant, op 22 februari 2000 door het college van Gedeputeerde Staten officieel erkend en vastgesteld.

Opvallend stil
De provincie Noord-Holland, bestaat die wel? In het noorden hebben we de Kop, het eiland Texel en het kermis vierend volk van West-Friesland. In het westen de natuur van Zuid-Kennemerland, het strand en de havens en industrie van IJmond en de Zaanstreek. In het midden de stad Amsterdam die zichzelf het liefst tot republiek zou willen uitroepen en in het oosten de villadorpen van de Gooi- en Vechtstreek en het mediacircus in Hilversum. Los zand.

Voormalig minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken probeerde in 2014 het aantal provincies terug te brengen naar het handzame aantal van zeven.

In Friesland, Groningen, Brabant, Limburg en Zeeland werden de messen al snel geslepen, en dus begon hij met een fusie van de 'makkelijke' provincies Flevoland, Utrecht en Noord-Holland, tot, ja tot wat eigenlijk? Al snel viel de naam 'Flutland'.

Tot een samengaan is het uiteindelijk niet gekomen. Utrecht en Flevoland wilden niet. Maar in Noord-Holland bleef het opvallend stil. Daar hadden de drie miljoen inwoners nauwelijks door dat ze in een provincie wonen.

Gemeenschappelijke vijand
Een klein lichtpuntje. "Noord-Hollanders voelen zich nog net iets meer Noord-Hollander dan dat Zuid-Hollanders zich Zuid-Hollander voelen," zegt Lieuwe Zoodsma, directeur van het Noord-Hollands Archief. Maar ja, daar is alles dan wel mee gezegd.

"Vroeger was Holland één geheel," zegt Zoodsma. "Alles draaide om Holland. Toen in de ­negentiende eeuw het Koninkrijk der Nederlanden ontstond, hebben ze er twee provincies van gemaakt. Heel verstandig: zo werd de macht verdeeld. Maar het gevolg was wel dat niemand zich met zijn nieuwe provincie verbonden voelde."

Hollanders zijn best trots op Holland, zegt cultuurhistoricus Gerard Rooijakkers. Alleen: zij zien Holland niet als een provincie, maar als een ander woord voor Nederland.

Zoodsma, Fries van geboorte: "Op vracht­wagens in het buitenland zie je weleens staan: Holland. Dat zal je niet snel overkomen met een auto uit Friesland." Voor een beetje provinciegevoel heb je, kortom, minstens een gemeenschappelijke vijand nodig. "En die hebben ze niet in Holland, want de Hollanders zijn altijd de baas geweest in ­Nederland."

Welke Noord-Hollander noemt zich ook Noord-Hollander? Een onderzoek in opdracht van de provincie zelf wees twee jaar geleden uit dat de inwoners zich vooral verbonden voelen met Nederland of hun eigen woonplaats. Of desnoods hun eigen straat of buurt. Minder dan de helft krijgt warme gevoelens bij het denken aan hun provincie. De belangrijkste spontane associatie die de inwoners hebben bij 'Noord-­Holland' is 'Amsterdam'.

Gouden eeuw
Wat doe je eraan? "Het is een beetje een achterhoedegevecht," zegt Zoodsma, die graag met zijn beeldarchief door de provincie trekt. "Je ramt het er bij de Noord-Hollanders niet zomaar in. Maar laten we het ook niet belangrijker ­maken dan het is."

Rooijakkers begint hard te lachen: "Citymarketing en regiobranding zijn een hele bedrijfstak geworden. Den Helder probeert zichzelf nu op de kaart te zetten als culturele hotspot van Noord-Holland. Dat werkt dus niet. Imago en identiteit moeten wel op elkaar aansluiten, je kunt het er niet van bovenaf instoppen."

Het beeld dat bij Holland past is dat van de Gouden Eeuw, zegt hij. "Het succesverhaal dat ook door het Rijksmuseum wordt verteld, met alle zwarte kanten die erbij horen.

De cultuur van de stedelijkheid, misschien kan de provincie daar wat mee: van Naarden in het Gooi tot Hoorn en Enkhuizen in het noorden."

Blijft de vraag: waarom zouden de kiezers morgen naar de stembus gaan? Slechts 17 procent is positief over de provincie 'als bestuurslaag tussen de gemeenten en het rijk', bleek uit het onderzoek dat de provincie zelf hield. Bij de vorige Statenverkiezingen in 2015 kwam in ­Amsterdam nog geen 44 procent van de kiezers opdagen (tegen een landelijke opkomst van bijna 48 procent).

44%

Bij de verkiezingen in 2015 kwam in ­Amsterdam nog geen 44 procent van de kiezers opdagen (landelijk bijna 48 procent).

17%

Slechts 17 procent van de Noord-Hollanders is positief over de provincie ‘als bestuurslaag tussen de gemeenten en het rijk’.

Hoogleraar bestuurskunde Arno Korsten somt op: ziet de kiezer urgentie, heeft hij kennis van wat de partijen willen en ziet hij verschillen tussen die partijen?

Bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer kan dat al een probleem zijn, laat staan bij de provincies. Maar voor de opkomst is de belangrijkste factor volgens hem nog wel: voelt de kiezer emotie?

Korsten: "Hij denkt: komt de provincie voor mij op? Dan stuiten we op een probleem, want de klant van de provincie is niet de burger, maar gemeenten en bedrijven. De provincie is een verbindend bestuursniveau. Daar gaat het over coördineren, samenwerken, faciliteren. In de provincie schrijven ze prachtige nota's, maar veel gevoel heeft de kiezer daar niet bij. In de provincie zit vaak een afspiegelingscollege met alle grote partijen. Samen komen we er wel uit, maar wat is er dan nog te kiezen?"

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden