Plus

We worden laks met coronaregels: ‘Nederlanders kennen een laag angstniveau’

Beeld Dingena Mol

Nu de intensive cares zijn leeggelopen, lijken Nederlanders nauwelijks nog bang voor het coronavirus. Op terrassen, stranden en in winkelstraten houden steeds minder mensen zich aan de 1,5 meter afstand. Gedragspyschologen zijn niet verbaasd. ‘Zo is ons brein geprogrammeerd.’

Doe deze dagen een rondje Nederland en het lijkt bijna een zomer zoals alle andere. Neem de Tilburgse kermis waar – de kleinere schaal ten spijt – duizenden bezoekers zich in drommen langs attracties als de Booster en de Polyp bewegen. In Amsterdam was het afgelopen weekend zo druk dat het stadsbestuur zich genoodzaakt zag in te grijpen: in de Kalverstraat en ook op de Wallen mocht het publiek zich nog maar in één richting bewegen. 

Hoe kan het dat Nederlanders de teugels zo laten vieren, nog geen drie maanden na het hoogtepunt van de pandemie? Dat zeker 23 mensen in café De Kleine Beurs in Hillegom besmet konden raken na een avondje bieren? En dat iedereen weer drukke privéfeestjes organiseert, zoals in Rotterdam of het Zeeuwse Goes, met tientallen besmette jongeren en hun familieleden tot gevolg? 

Autonomie

“Dat komt omdat mensen geen acute dreiging meer zien,” verklaart gedragspsycholoog Martin Appelo. Hij wijst op de laatste coronacijfers: dit weekend lagen er slechts 75 coronapatiënten in het ziekenhuis, waarvan 16 op de intensive care. Vergelijk dat met de 4500 mensen medio april, waarvan ruim 1400 op de ic. “Slechts bij reëel dreigend gevaar zijn we bereid een stuk autonomie en vrijheid in te leveren, zo is ons brein geprogrammeerd,” doceert hij. Het verklaart waarom in april vrijwel iedereen thuis bleef en zich aan de regels hield en nu niet meer. “Ik zie het aan mijn eigen patiënten. Zij schudden me allemaal weer de hand. Dat doe ik zelf ook overigens.”

Gevolg van de lege intensive cares is dat vrijwel niemand in zijn eigen dagelijkse leven nog coronagevallen kent, zegt hoogleraar gezondheidscommunicatie Bas van den Putte. “Drie maanden geleden kende iedereen wel iemand die ziek was.” Mensen passen hun gedrag er op aan, de angst voor Covid-19 is weg. “Als een vriend nu voorstelt een terrasje te pakken, zal de afweging veel sneller in het voordeel van dat lekkere terras uitpakken.”

We weten bovendien beduidend meer over het coronavirus. “Zeker voor jongeren en gezonde mensen zijn de risico’s laag. Het risico is buiten verder minder groot dan binnen. Veel mensen schatten in dat ze nauwelijks gevaar lopen, maar ze vergeten dat ze anderen kunnen besmetten die wel heel ziek kunnen worden.”

Meerderheid

Hoogleraar Van den Putte plaatst wel de kanttekening dat minder mensen de regels aan hun laars lappen dan het lijkt. “Nederland telt 15 miljoen inwoners van boven de 15 jaar. Zet enkele honderdduizenden mensen op straat en het lijkt al snel vol.” Hij wijst op het laatste RIVM-gedragsonderzoek van begin juli en op diverse andere peilingen. Hieruit blijkt dat de meerderheid zich nog steeds netjes aan de richtlijnen houdt. “Alleen trekt de groep die dat niet doet de meeste aandacht.”

Desalniettemin ziet ook Van den Putte dat de support voor het beleid afneemt: 80 procent van de Nederlanders steunt de maatregel om 1,5 meter afstand te houden, maar dat percentage is tien procent lager dan twee maanden eerder.

Hoogleraar klinische psychologie Jan Derksen zegt dat onderzoek niet zo veel. “Wat mensen aangeven correspondeert vaak niet met hoe ze zich gedragen.” Derksen noemt de afkalvende steun niet vreemd. Psychologisch gezien is het principe van social distancing een ‘beroerde maatregel’. “Dat past niet bij zoogdieren zoals wij: mensen schurken graag tegen elkaar aan, we zijn groepsdieren.” 

Looprichtingen in de Kalverstraat.Beeld ANP

Conformeren

De vraag is wat de overheid kan doen om gewenst(er) gedrag te stimuleren, zeker nu het aantal besmettingen door het lakse gedrag weer oploopt en experts waarschuwen voor een tweede golf. Hoogleraar gezondheidscommunicatie Van den Putte vindt dat de overheid te weinig uitlegt waarom het belangrijk is dat mensen zich aan de regels conformeren. “De persconferenties van Rutte en De Jonge zijn prima, maar verder vertrouwt de overheid te veel op nieuwsmedia. Ik mis een eigen verhaal via tv- en radiospotjes of banners op sociale media.” Zo zou de overheid kunnen stimuleren dat mensen elkaar op een goede manier aanspreken als iemand zich niet aan de regels houdt. 

Hoogleraar gedragspsychologie Jan Derksen is sceptisch. “Nederlanders houden zich nu eenmaal slecht aan regels, dat is in de jaren ’90 al via onderzoek aangetoond.” Alleen door mensen angst aan te jagen, gaan mensen zich tijdelijk beter gedragen, denkt hij. “Leg het accent op mondkapjes, zo maak je het zichtbaar. Ook valt dan beter te controleren of mensen zich aan de regels houden.” Hij noemt het vreemd dat er in het Outbreak Management Team geen enkele klinisch psycholoog zit. “Er wordt enkel met een virologische blik naar corona gekeken, zonder kennis hoe mensen in elkaar zitten.” 

Volgens Derksen zijn Nederlanders door de ontzuiling narcistischer geworden. “In de opvoeding draait het om het kind zelf, niet meer om religie of ideologie.” Dat is op zich een goede zaak, maar brengt nadelen met zich mee. “We staan zelf hoger op de agenda, ons ego is groter.” Derksen wijst op de demonstraties tegen de lockdown. “Nederlanders kennen een laag angstniveau en eisen hun autonomie op. De generatie die de oorlog meemaakte sterft uit, de meeste mensen hebben nooit wat ergs meegemaakt.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden