PlusAchtergrond

Wat nou, crisis? De techwereld groeit en bloeit

Amsterdam telt steeds meer  ‘unicorns’ (‘eenhoorns’), techtaal voor bedrijven die op ­papier meer dan een miljard euro of dollar waard zijn. Beeld Laura van der Bijl
Amsterdam telt steeds meer ‘unicorns’ (‘eenhoorns’), techtaal voor bedrijven die op ­papier meer dan een miljard euro of dollar waard zijn.Beeld Laura van der Bijl

Crisistijd alom, maar niet in de techwereld. In coronajaar 2020 is voor een recordbedrag van 1,7 miljard euro geïnvesteerd in Nederlandse techbedrijven. Het geld gaat daarbij vooral naar gevestigde namen, veel starters hebben het nakijken.

Van couveuse tot puberteit in net twee jaar. Het Amsterdamse beautyplatform We are Eves, dat eerlijke beoordelingen van cosmeticaproducten door gebruikers belooft, zat twee jaar geleden nog in de schoolbanken van startersadviseur Startupbootcamp. Nu is het bedrijf na twee investeringsrondes klaar voor internationale groei.

Afgelopen jaar werd 1,5 miljoen euro groeigeld opgehaald en dat ging opvallend eenvoudig. “We kwamen op de radar bij het Amerikaanse Hearstlab, dat investeert in techstart-ups met vrouwen,” zegt medeoprichter Esther Leloux. “We waren een van hun eerste Europese investeringen. Bijna op hetzelfde moment werden we benaderd door Tablomonto uit Amsterdam. Dat was best een verrassing.”

Beginnende en doorgroeiende techbedrijven hebben regelmatig geld nodig om groei te financieren, of die nu uit nieuwe activiteiten, nieuwe markten of nieuw personeel bestaat. Tech­investeerders – toeschietelijke rijkelui, durf­kapitalisten of investeringsfondsen – springen in dat gat, vaak in ruil voor een belang of invloed in het beleid.

En dat doen ze nu meer dan ooit. Voor zover bekend wisten vorig jaar 97 Amsterdamse techbedrijven investeerders te paaien. Bij elkaar haalden ze 910 miljoen euro op, ruim meer dan de 700 miljoen uit 2019. Met grote investeringen in berichtengigant Messagebird (170 miljoen), veilingsite Catawiki (150 miljoen), betaalbedrijf Mollie (90 miljoen) of de fietsenmakers van VanMoof (34 miljoen) was het record gevestigd. Nog eens bijna 800 miljoen ging naar tech­bedrijven in de rest van het land.

Blijvend effect

In de coronamalaise, waardoor hele branches in crisisstand belandden, bloeit de techwereld als nooit tevoren. “Het is een perfecte storm,” zegt Thomas Mensink van techanalist Golden Egg Check (GEC). “Het talent is er, de kennis is er en nu ook het geld. Door de ultralage, soms negatieve rente is enorm veel kapitaal beschikbaar. Investeren in traditionele bedrijven en multi­nationals die het nu vanwege corona moeilijk hebben, is minder attractief. En de beurs en het vastgoed zijn te onzeker.”

Golden Egg Check voorspelt dit jaar een nieuw investeringsrecord: 2 miljard euro. “Dit is geen hype, dit is een blijvend effect,” zegt Mensink. “In de vorige crisis ontstond een enorme golf aan start-ups, dat verwacht ik nu ook weer. De tekenen zijn goed. De techwereld is een groeimotor geworden: uit de huidige successen ontstaan ook nieuwe. Ondernemers die hun ­bedrijf hebben verkocht, steken hun kennis en netwerk in nieuwe avonturen en weten goed hoe ze daarvoor geld moeten ophalen.”

Het geld klotst tegen de tech, merkt ook Johan van Mil van de Amsterdamse techinvesteerder Peak Capital. “We hebben net het benodigde geld voor ons nieuwste investeringsfonds in zes maanden bij ondernemers en bedrijven ­opgehaald. Normaal doe je daar 1,5 jaar over.”

Geldschieterij

Dat zal best te maken hebben met de rentestand, erkent Van Mil, maar het is volgens hem vooral een indicatie dat tech volwassen is ­geworden. “Als deze crisis iets duidelijk maakt, dan is het hoeveel baat we hebben bij technologie. Mensen en bedrijven zijn meer dan ooit ­bereid online diensten te gebruiken en daarvoor te betalen. Wij hebben in achttien maanden elf investeringen gedaan. Allemaal bedrijven waar consumenten of ondernemers behoefte aan hebben, nu en na deze recessie.”

Er is niet alleen geld om ín tech te steken, er is ook meer animo om dat er weer uit te halen door bedrijven te verkopen of naar de beurs te gaan. “We hebben tot nu toe 29 investeringen gedaan, waarvan we er tien hebben verkocht; drie in het afgelopen kwartaal.” Daaronder tweedehandskledingzaak United Wardrobe, dat is verkocht aan branchegenoot Vinted, en de Zaanse online meubelzaak Flinders, die begin dit jaar in Deense handen kwam.

Ondanks de recordinvesteringen ligt een nieuwe techbubbel, zoals twintig jaar geleden, volgens Van Mil niet voor de hand. Toen spatte na jaren van wilde geldschieterij in de meest fantastische online plannen de ene na de andere techbelofte uit elkaar, waarmee de economische crisis flink werd verergerd.

Tweedeling

“De markt is nu totaal anders. Toen kon je met een powerpointpresentatie miljoenen ophalen, dat is echt niet meer het geval.” Hij ziet wel een verschil tussen Europa en de VS. “Amerikaanse fondsen zijn bereid meer risico te nemen, meer te kijken naar het concept, minder naar de onderliggende cijfers. Europeanen zijn veel voorzichtiger.”

De investeringsgolf is ook lang niet de enige maatstaf voor het Amsterdamse techsucces. De afgelopen vijf jaar nam het aantal creatieve techbedrijven in de stad met bijna een kwart toe tot net geen 12.000 – goed voor 23.400 arbeidsplaatsen. Tech staat daarmee in de top 10 van grootste werkgevers in de stad.

Het succes blijkt ook uit het aantal ‘unicorns’ (‘eenhoorns’), techtaal voor bedrijven die op ­papier meer dan een miljard euro of dollar waard zijn. Het zijn er volgens GEC inmiddels 21. Nog eens veertien kunnen die status bereiken als ze dit jaar een grote investeringsronde doen; bedrijven als vegavleesbedrijf Mosa Meat, online opticien Ace & Tate of fietsfabriek ­VanMoof.

Daarin schuilt volgens Mensink ook een ­gevaar. “Unicorns zijn de top van de piramide, maar het gaat om het fundament. Het is gemakkelijk pronken met eenhoorns, maar het aantal grote techbedrijven moet geen doel op zich zijn. Veel bedrijven worden al overgenomen voordat ze dat ­miljard bereiken; die zijn ook al heel ­succesvol.”

De analist ziet een tweedeling ontstaan, waarbij investeringen in doorgroeiers en gevestigde techbedrijven toenemen en voor starters juist stagneren. “Je ziet nu dat start-ups die tot een half miljoen euro zoeken, het best lastig hebben. Juist daar ontstaan weer kansen. Als niemand starters helpt, dan komen er uiteindelijk ook geen nieuwe eenhoorns. Bedrijven die meer dan een miljard waard zijn, die redden zich wel.”

Investeerder Van Mil ziet het aantal eenhoorns juist als maatstaf voor succes. Het bewijs dat Amsterdam van start-upwalhalla een volwaardige techstad is geworden, die de strijd aankan met Europese rivalen als Londen, Berlijn en Parijs. “De hoeveelheid unicorns is absoluut belangrijk. Die zorgen ervoor dat buitenlandse investeerders Nederland als interessant gaan zien.”

Internationale blik

Dat Nederland goed scoort, vindt hij niet ­verwonderlijk. “Hier zijn bedrijven al vanaf dag één bezig met het buitenland, omdat de eigen markt maar klein is. Dat is in Duitsland of Frankrijk wel ­anders. Met een internationale blik kom je ook in beeld bij buitenlandse investeerders.”

Beautybeoordelaar We are Eves is alweer bezig met de volgende investeringsronde. “De voorbereidingen daarvoor duren best lang,” zegt ­Leloux. “Als je ronde is afgesloten, moet je ­eigenlijk meteen opnieuw beginnen.”

Volwassen: Wetransfer

Het slechtst bewaarde techgeheim van dit moment: Wetransfer gaat ergens in april of mei naar de beurs. De Amsterdamse bestandenverstuurder heeft naar verluidt al banken ingeschakeld om de beursgang voor te breiden. Daarmee wordt waarschijnlijk niet alleen kasgeld opgehaald, maar ook eerdere investeerders en de oprichters uitbetaald. Analisten schatten de waarde van het bedrijf – 200 medewerkers, hoofdkantoor op Overamstel, dependances in Los Angeles en New York – al boven de miljard euro. Heel wat voor een dienst die in 2009 ontstond uit frustratie dat het versturen van een filmpje of volumineus bestand zo omslachtig was.

WeTransfer. Beeld
WeTransfer.

Overgenomen: 3D Hubs

Van startup naar miljoenenexit in zeven jaar. Het Amsterdamse 3D Hubs behoorde in 2013 tot een van de eerste lichtingen van techcouveuse Rockstart, dat starters begeleid bij hun eerste babystapjes. Aanvankelijk met het idee om werkloze 3D-printers bij ontwerpers, architecten en maakindustrie te gebruiken om op bestelling spulletjes – van sieraden tot telefoonhoesjes – voor consumenten te fabriceren. Toen het succes van 3D-printen voor de massa uitbleef, ging het vizier op de professionele markt. Dat betekende de doorbraak. Vorige maand werd het bedrijf, waar 135 mensen werken, voor 231 miljoen euro overgenomen door het Amerikaanse Protolabs. Dat bedrag kan nog ruim veertig miljoen euro oplopen als de komende jaren bepaalde doelen worden gehaald.

3d Hubs. Beeld
3d Hubs.

Aan de start: Lalaland

Ga er maar eens aanstaan als modemerk. Acht keer per jaar een nieuwe collectie en die telkens presenteren door allerlei modellen te laten opdraven of mannequins aan te kleden. Lalaland biedt virtuele paspoppen die klanten naar hun evenbeeld kunnen aanpassen – of dat nu naar leeftijd, maat, lichaamsbouw of huidskleur is – zodat meteen duidelijk is of een kledingstuk past. Dat voorkomt niet alleen de enorme stroom retourzendingen in de online modebranche, maar vergroot ook de diversiteit in de niet altijd inclusieve modellenwereld. Net uit start–upcouveuse Ace Incubator haalde Lalaland vorig jaar 50.000 euro startgeld op bij het Amsterdamse Asif Ventures, dat zich richt op studentenstartups. Eenzelfde bedrag werd binnengespeeld via de Philips Innovation Award.

LaLa Land. Beeld
LaLa Land.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden