Plus

Waarom premier Rutte zegt zich niks te herinneren van burgerdoden in Irak

De tientallen burgerdoden door Nederlandse bombardementen in Irak blijven het kabinet achtervolgen. De Tweede Kamer wil precies weten wie wat op welk moment wist. Opvallend veel betrokkenen zeggen zich dat niet te herinneren. Vier vragen over hoe dat precies zit.

Premier Mark Rutte. Beeld ANP

Ambtenaren op de ministeries van Defensie, Buitenlandse Zaken, Justitie en Veiligheid en Algemene Zaken zijn druk om allerlei archieven door te pluizen. Wat is er in de eerste dagen na 15 juni 2015 onderling aan informatie uitgewisseld? Op die dag kreeg het ministerie van Defensie zwart op wit van de Amerikanen dat het ‘geloofwaardig was dat er bij een bombardement op een bommenfabriek van IS in het Iraakse Hawija burgerslachtoffers waren gevallen. Een bombardement dat in de nacht van 2 op 3 juni van dat jaar door een Nederlandse F-16 was uitgevoerd.

Waar is de Tweede Kamer precies boos over?

Op 24 juni 2015 (dus anderhalve week nadat de Amerikanen hadden gezegd dat er iets was misgegaan) werd nog aan de Tweede Kamer gemeld dat ‘voor zover op dat moment bekend er geen sprake is geweest van Nederlandse betrokkenheid bij burgerslachtoffers door luchtaanvallen in Irak’. De Kamer voelt zich voorgelogen en in een debat met huidig Defensieminister Ank Bijleveld steunde vrijwel de voltallige oppositie een motie van wantrouwen tegen de bewindsvrouw.

Maar daarmee is de kous niet af. Bijleveld meldde dinsdag immers ‘dat het aannemelijk was’ dat Defensie na de mededeling van de Amerikanen ook andere betrokken ministeries gewaarschuwd heeft dat er een onderzoek werd ingesteld naar het bombardement. Dat waren Algemene Zaken, Buitenlandse Zaken en Veiligheid en Justitie.

Zijn de burgerslachtoffers al die tijd onder de pet gehouden?

Het kabinet heeft de Tweede Kamer de afgelopen jaren op meerdere momenten ingelicht over mogelijke burgerslachtoffers door Nederlandse wapeninzet. Eerst vertrouwelijk op 1 juni 2017. En in een brief van april 2018 werd gemeld dat er ‘zeer waarschijnlijk’ burgers waren gedood in Hawija. Om de vliegeniers en hun thuisfront te beschermen tegen mogelijk wraakacties, was het beleid er nooit hardop over te praten. Deze week deed Defensie dat voor het eerst wel. Bij het bombardement in Hawija kwamen zeker zeventig onschuldige burgers om. En later zijn bij een bombardement op Mosul ook nog eens vier burgers omgekomen doordat een woonhuis werd aangezien voor een IS-hoofdkwartier.

Toch is een groot deel van de Tweede Kamer boos dat het kabinet dat niet veel eerder open over was. En door de brief van 24 juni 2015 voelt de Kamer zich ook nog eens voorgelogen. En verkeerde informatie geven aan de Tweede Kamer geldt als een doodzonde. Als bijvoorbeeld premier Mark Rutte ook al voor die datum wist van de mededeling van de Amerikanen, kan hem worden aangewreven dat hij medeverantwoordelijk was voor het fout informeren van de Kamer.

Wat heeft Rutte gezegd?

Rutte heeft gezegd dat ‘hem er helemaal niets van bijstaat’ dat hij op dat moment al geïnformeerd was. Wel kan hij zich voorstellen dat de informatie al bekend was bij ambtenaren. Dat zint de oppositie niet. Is het mogelijk dat er gewaarschuwd is dat er tientallen doden zijn gevallen bij een actie van een Nederlandse F-16 en dat ambtenaren dat niet meldden aan hun politieke baas?

Maar er zijn meer bewindslieden uit die periode die zeggen er geen herinnering aan te hebben. De bewuste brief van 24 juni 2015 is niet alleen ondertekend door voormalig minister Hennis, maar ook door haar toenmalige PvdA-collega’s Bert Koenders (Buitenlandse Zaken) en Lilianne Ploumen (Ontwikkelingssamenwerking). Beiden zeggen zich ook niet te herinneren op dat moment al geweten te hebben van de burgerdoden. En Ploumen zegt ook dat ze het wel had móeten weten.

Saillant is dat de PvdA de motie van wantrouwen tegen Bijleveld steunde, inclusief Ploumen die tegenwoordig Kamerlid is. Terwijl haar naam evenzeer stond onder de brief met de leugen erin.

Hoe loopt dit af?

Bijleveld zegt niet te weten hoe de foute formulering in de brief terecht is gekomen. Volgens betrokkenen is het denkbaar dat het een domme fout was. De brief gaf antwoord op 71 Kamervragen waar weken aan is gewerkt door verschillende ministeries. Het kan zijn dat de formulering ‘voor zover wij weten is er geen sprake van burgerslachtoffers’ er al in de tekst is gezet vóór de informatie van de Amerikanen bekend was. En dat daarna verzuimd is de tekst aan te passen.

Maar mogelijk is er ook bewust geprobeerd de boel onder de pet te houden. Een oud-ambtenaar van Defensie beschrijft de cultuur op het ministerie als ‘uiterst formeel’. Als Defensie aan andere ministeries slechts laat weten dat ‘er onderzoek wordt gedaan naar een bombardement’, gaan er niet direct alarmbellen af bij andere ambtenaren. Dergelijke onderzoeken worden immers vaker gedaan. ,,Dat is toch wat anders dan de mededeling: Let op, er is een hele woonwijk de lucht in gevlogen. Dan loop je meteen naar je politieke baas.’’

Maar het kan ook zijn dat meerdere oud-bewindspersonen boter op hun hoofd hebben. En zeker Rutte heeft bij de Tweede Kamer al de reputatie dat hij soms last heeft van zijn geheugen als hij in politieke moeilijkheden komt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden