PlusAnalyse

Waarom adviseerde de Gezondheidsraad pas eind november over boosters?

Tot diep in het najaar hield de Gezondheidsraad een grootschalige boostercampagne af. Ook toen er begin oktober onderzoek verscheen over het nut van de boostervaccinaties, duurde het nog weken voor er een definitief advies kwam.

Bas Soetenhorst
null Beeld ANP
Beeld ANP

De moeizame boostercampagne leidt tot gekibbel tussen de Gezondheidsraad en minister van Volksgezondheid Hugo de Jonge. De Jonge wijst naar de trage, aanvankelijk afhoudende adviezen van de raad. De raad zegt al vroeg te hebben opgeroepen tot het voorbereiden van een nieuwe prikcampagne – en is bovendien niet betrokken bij de uitvoering.

Maar de raad adviseerde pas eind vorige maand over een derde prik voor alle volwassenen. Volgens onafhankelijke deskundigen had dat weken eerder gekund.

Israëlisch onderzoek

Terug naar de zomer: eind augustus verschijnt een Israëlische studie die erop wijst dat een extra inenting besmettingen vermindert, net als gevallen van ernstige ziekte door een covidinfectie. Twee weken later acht de Gezondheidsraad een booster alleen zinvol voor patiënten met een ernstige afweerstoornis.

De situatie in Israël, waar een kortere periode gold tussen het toedienen van de eerste twee prikken, is niet één-op-één te vergelijken met Nederland, aldus de raad, die dan wel adviseert ‘te anticiperen’ op een toekomstige boostercampagne.

Een booster kan te prematuur worden ingezet. Een langere periode tussen de tweede en derde prik biedt mogelijk meer bescherming. Ook kunnen in de tussentijd vaccins worden aangepast aan nieuwe virusvarianten, stelt de raad op 14 september. Ander argument: de inzet van een booster terwijl andere delen van de wereld kampen met vaccinschaarste, doorkruist de koers van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).

Niet alleen Israël is dan al veel verder. De Britse tegenhanger van de Gezondheidsraad heeft al eind juni een boostercampagne vanaf september aangekondigd.

‘Geen overtuigende data’

Op 24 september verdedigt voorzitter Bart-Jan Kullberg het negatieve advies van de Gezondheidsraad in Medisch Contact. “Landen als Israël en het Verenigd Koninkrijk hebben ook nog geen overtuigende data openbaar gemaakt die laten zien dat daar wél een probleem speelt.”

Op 7 oktober blijkt uit nieuw onderzoek uit voorloper Israël dat de kans op infectie na een booster tien keer zo klein is. Vijf dagen later zegt Hugo de Jonge: “We gaan over tot een boostercampagne. Met name voor de oudste ouderen is dat als eerste van belang.”

Opmerkelijk, omdat hij doorgaans wacht op de Gezondheidsraad. Die vraagt hij pas op 15 oktober – dus na het aangekondigde besluit – om nieuw advies. De raad kan op eigen initiatief in actie komen, maar ziet in het Israëlische onderzoek dan nog geen reden. Eerdere adviezen lieten soms lang op zich wachten. Nu stelt De Jonge een deadline: 2 november.

Van Dissel heeft geen haast

Dat tempo is aan OMT-voorzitter Jaap van Dissel niet besteed. Er is ‘geen acute haast’ met boosteren, zegt hij op 16 oktober tegen de NOS, ‘want de effectiviteit [van de vaccins] tegen ziekenhuisopnames blijft hoog’. Pas ergens ‘in het voorjaar’ kunnen boosters van pas komen.

Op 2 november – en geen dag eerder – adviseert de Gezondheidsraad alsnog een booster voor 60-plussers en verwijst alsnog naar het Israëlische onderzoek van 7 oktober. Een dikke drie weken later, op 25 november, volgt groen licht voor een derde prik voor alle volwassenen. Dat andere landen daar al in september mee zijn begonnen, noemt voorzitter Kullberg op NPO Radio 1 ‘een gok’.

Begrip en kritiek

Achteraf toont veldepidemioloog Amrish Baidjoe begrip voor de aanvankelijke terughoudendheid. “Je wil ook niet te snel zijn. En het argument dat arme landen het nakijken hebben vind ik valide.”

KPMG-onderzoeker, arts en bedrijfskundige David Ikkersheim, auteur van een in oktober verschenen evaluatie van het coronabeleid, heeft de nodige kritiek op het advies van 14 september. “Op dat moment beschermden vaccins in 95 procent van de gevallen tegen ernstige ziekte. In absolute zin was er weinig ruimte voor verbetering. Maar mede gelet op mogelijke overbelasting in de zorg is ook een bescheiden afname van het risico welkom, omdat het om grote aantallen mensen gaat.”

Hij heeft ook moeite met het standpunt van de Gezondheidsraad dat een boostercampagne gericht moet zijn op het bestrijden van ernstige ziekte en sterfte en niet op het verhinderen van milde infecties en besmettingen. “Voorkómen dat mensen ziek worden is bij uitstek iets om de volksgezondheid mee te beschermen. Een besmetting begint ergens, mogelijk bij kinderen die nauwelijks last hebben. Maar het eindigt in het verpleeghuis.”

Ikkersheim plaatst verder kanttekeningen bij de notie dat arme landen last zouden hebben van een Nederlandse boostercampagne. “De industrie geeft aan geen bestellingen te ontvangen. Het probleem is de vraag, niet het aanbod. Los daarvan is dit een politieke afweging die niet aan de Gezondheidsraad is. Het helpt iedereen als de EU en VS de vaccinatiecampagne in arme landen helpen versnellen, maar het is een kabinetsbesluit.”

‘Boosters beperken besmettingen’

Emeritus hoogleraar vaccinologie Ben van der Zeijst (LUMC) is vooral kritisch over het advies van de Gezondheidsraad van 2 november. Hij struikelt over de passage dat er dan nog geen wetenschappelijk bewijs is dat een booster leidt tot minder viruscirculatie. “Op 7 oktober toonde onderzoek in Israël aan dat transmissie voor 90 procent wordt geremd door boosters.”

Veldepidemioloog Baidjoe onderschrijft dat vaccinaties de kans op besmettingen verkleinen.

Ikkersheim noemt ‘twee verzachtende punten’: “Het sluitende bewijs van de werking van boosters bij 50-plussers lag er pas op 21 oktober, toen een uitvoerige studie van Pfizer verscheen. En een booster heeft het meeste effect bij een interval van een half jaar. Veel van de 60-plussers zijn in mei geprikt. Dan wil je niet al in oktober beginnen.”

Reactie Gezondheidsraad

De Gezondheidsraad benadrukt dat er in september geen medisch-wetenschappelijke aanleiding was om te boosteren. De weken daarna kwam meer onderzoek naar buiten, waarna de raad wél kon adviseren bepaalde groepen een extra prik te geven, aldus een woordvoerder.

Desgevraagd stelt de raad in een e-mail dat er ook in november geen wetenschappelijke studies waren over effecten van een booster op transmissie of viruscirculatie. De Israëlische studie van 7 oktober beschrijft dit volgens de raad evenmin. ‘Het voorkómen van transmissie zou idealiter ook een doel van vaccinatie kunnen zijn, maar de covidvaccins beschermen vooral tegen ernstige ziekte, en in mindere mate tegen transmissie. Het primaire doel van de vaccinatiecampagne is wereldwijd daarom altijd geweest: het voorkomen van ernstige ziekte en sterfte.’

2021-11-19 09:45:44 UTRECHT - Een GGD-medewerker zet een boosterprik op de XL-vaccinatie locatie van de GGD in de Utrechtse Jaarbeurs. Mobiele 80-plussers, volwassen inwoners van zorginstellingen en medewerkers in de zorg met patientcontact kunnen in de Jaarbeurs een boosterprik tegen het coronavirus krijgen. ANP RAMON VAN FLYMEN Beeld ANP
2021-11-19 09:45:44 UTRECHT - Een GGD-medewerker zet een boosterprik op de XL-vaccinatie locatie van de GGD in de Utrechtse Jaarbeurs. Mobiele 80-plussers, volwassen inwoners van zorginstellingen en medewerkers in de zorg met patientcontact kunnen in de Jaarbeurs een boosterprik tegen het coronavirus krijgen. ANP RAMON VAN FLYMENBeeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden