null

PlusExclusief

Verdachte beschrijft de methode-Taghi: ‘Hij probeerde me er steeds meer in te trekken’

Beeld Sjoukje Bierma

Voor het eerst heeft een reguliere verdachte in liquidatieproces Marengo een verklaring afgelegd over Ridouan Taghi. Daarin beschrijft hij hoe hij diens organisatie werd ingetrokken. ‘Soms wilde ik hem het gevoel geven alsof we met hem waren, om te voorkomen dat hij straks helemaal door zou slaan en mij als doelwit zou zien.’

Wouter Laumans en Paul Vugts

Hij wiens naam niet genoemd zal worden, zal worden aangeduid als 26C. Daarvoor heeft de rechtbank alle begrip, deze zomer in een besloten verhoor. Inmiddels durven zovelen de naam Ridouan Taghi amper uit te spreken. “Ik denk eerlijk gezegd dat het voor uw veiligheid en die van uw naasten best een grote zorg is,” zegt de voorzitter tegen Mohamed el A. “Ja, het is meer voor mijn naasten,” zegt die. “Voor mezelf heb ik niet zoveel angst.”

Het is dinsdag 23 juni 2021. Vandaag verhoort de Amsterdamse rechtbank El A. in de zwaarbewaakte bunker in Amsterdam-Osdorp, achter de gesloten deuren van de raadkamer. De verdachte in het megaproces Marengo heeft een ongebruikelijke stap genomen. Hij heeft de omerta doorbroken. Hij heeft een verklaring afgelegd waarin hij de naam van Ridouan Taghi heeft genoemd. Nu hij door de rechtbank gehoord wordt over die verklaring wil hij die naam niet meer noemen. “Om te voorkomen dat ik er nog meer gezeik mee ga krijgen.”

Gebakjes

Op het moment van het verhoor zal het nog twee weken en een dag duren voordat Peter R. de Vries, vertrouweling van kroongetuige Nabil B., op straat wordt doodgeschoten. Hoewel het proces onder strenge veiligheidsmaatregelen gebukt gaat, lijkt de sfeer in de zittingszaal enigszins losjes. “Van harte,” zegt de rechter tegen El A., die vandaag zijn 32ste verjaardag viert.

“Dank u wel,” zegt die. “Ik had graag gebakjes mee willen nemen. Maar het BOT (het Bijzonder Ondersteuningsteam van justitie, verantwoordelijk voor het zwaarbewaakte vervoer van verdachten) wilde nergens stoppen. Ze vonden het geen goed idee.”

Een ophanden zijnde ontvoering van de man die later zijn schoonvader is geworden, daarmee begint volgens Mohamed el A. het verhaal waardoor hij ‘in deze put’ terecht is gekomen. In 2010 verdient hij geld met het kweken van wiet. Daarnaast runt hij met zijn twee broers een eetcafé in Utrecht. Daar krijgt hij bezoek van een neef die vraagt of hij een huisje kan regelen om iemand tijdelijk vast te houden. “Voor een ontvoering dus.” Als El A. erachter komt wie het beoogde slachtoffer is, besluit hij diegene te waarschuwen.

Zijn latere schoonvader stelt Mohamed el A., na een boel hevige toestanden rondom de kidnap, voor aan Ridouan Taghi. Daarbij wordt hij wel gewaarschuwd. “Mijn schoonvader had al gezegd dat ik met die persoon moest uitkijken omdat hij gevaarlijk is.”

Overbodige kennis

El A. vertelt dat hij aanvankelijk een zakelijke relatie onderhoudt met Taghi. “Dat ging voornamelijk over handel in softdrugs.” Tijdens die contacten valt het Mohamed el A. wel op dat soms overbodige kennis met hem wordt gedeeld. Informatie waar hij niet op zat te wachten, en ‘die helaas ook over levensdelicten ging’. “Op het gebied van handel hebben wij een beetje ons vertrouwen opgebouwd. Het leek alsof hij steeds meer met mij wilde delen om mij automatisch er een beetje in te trekken. Dus ik liep een beetje met het gevoel dat ik te veel over deze persoon wist en dat ik best wel voorzichtig moest zijn om zomaar ineens afscheid te nemen.”

Volgens El A., verdacht van deelname aan Taghi’s criminele organisatie, was het niet mogelijk aan te geven dat hij wel met Taghi in drugs wilde handelen maar niets van andere zaken wilde weten. “Bij het kleinste ding kon hij al omslaan. Ik had te maken met een onberekenbaar persoon.”

Meepraten

Tegenover de rechters beschrijft El A. hoe hij stap voor stap Taghi’s wereld in is gezogen. “Eén keer was er wat gebeurd. Toen had hij een plekje nodig en vroeg hij aan mij: kun je mij alsjeblieft even helpen om dit tijdelijk te stashen? Zo heeft hij dat contact opgebouwd richting de ernstige delicten.”

De rechtbank houdt El A., die heeft toegegeven de gebruiker te zijn geweest van bepaalde versleutelde PGP-toestellen, voor dat uit onderschept berichtenverkeer blijkt dat hij behoorlijk heftige dingen zegt. Zo noemt hij de recherche ‘vieze honden’. Ook lijkt het erop dat hij meewerkt en meedenkt. Volgens El A. was dat een geval van meepraten. “Soms wilde ik hem het gevoel geven alsof we met hem waren, om te voorkomen dat hij straks helemaal door zou slaan en mij als doelwit zou zien.” El A. beschrijft een sfeer van meepraten en emoties dempen om te zorgen dat hij niet in bepaalde zaken wordt meegesleept. Toch wordt het steeds ingewikkelder dingen te weigeren.

Op een gegeven moment krijgt El A. het verzoek een chauffeur te regelen voor de liquidatie van iemand die bekendstaat als ‘Chino’. Hij schuift een jongen naar voren die daar mogelijk wel voor te porren is. “Toen werd ik verrast met een wapen dat ineens werd afgeleverd, een vluchtauto, er werd druk uitgeoefend dat het vandaag moest gebeuren, wat helemaal niet de afspraak en de bedoeling was.”

Waar ben je mee bezig? vraagt El A. zichzelf naar eigen zeggen op dat moment af. “Dus daar trok ik meteen de streep, van: hier zal ik nooit aan meewerken. Toen heb ik er alles aan gedaan om het te voorkomen.”

Eigen rol

Is het waar? Of probeert El A. zijn eigen rol te marginaliseren? Hij wordt er onder meer van verdacht voor Taghi’s criminele organisatie, samen met zijn broer Charif, auto’s en wapens te hebben geregeld voor de moord op Ranko Scekic, in 2016 in Utrecht. Indien bewezen, riskeert hij een straf met dubbele cijfers. Er staat dus nogal wat voor hem op het spel.

Volgens Mohamed El A. was zijn omgang met Taghi ingegeven door maar één motief: keep your friends close, but your enemies closer. “Wat ik heb ervaren uit bepaalde gesprekken en zijn denkwijze over andere mensen is dat sommigen twintig jaar zijn leerling zijn geweest en weet ik veel wat allemaal en er de volgende dag niet meer waren. Dan ben je heel voorzichtig als je iemand net een jaartje kent.”

Ridouan Taghi. Beeld Sjoukje Bierma
Ridouan Taghi.Beeld Sjoukje Bierma

Waarschuwde Mohamed el A. voor de moord op Derk Wiersum?

De advocaten van Mohamed el A. hebben erop gewezen dat hun cliënt verteld heeft dat hij in contact stond met het Team Criminele Inlichtingen (TCI), de geheime dienst van de politie. Op het station van Zwolle zou hij, begin 2019, gewaarschuwd hebben dat er een dreiging was op het leven van advocaat Derk Wiersum en nog een tweede advocaat die kroongetuige Nabil B. destijds bijstond.

Derk Wiersum werd op 18 september 2019 doodgeschoten in Buitenveldert. Op dat moment was El A. al aangehouden. Hij beweert dat er op de dag van de moord op Derk Wiersum nog contact is geweest tussen hem en het TCI.

Het Openbaar Ministerie stelt niets te weten over contacten tussen de TCI en Mohamed el A., voorafgaand aan de moord op Derk Wiersum. De advocaat van El A. zegt dat hij de Deken Midden-Nederland over de dreiging op de twee advocaten. Die heeft aan De Telegraaf laten weten niet op de hoogte te zijn gesteld.

Luister naar onze Taghi Podcast:

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden