PlusAchtergrond

Varkenshart krijgt in het lab een tweede leven

Met de juiste bloedtoevoer kan het orgaan uren kloppen.Beeld Getty Images/iStockphoto

Op een kloppend varkenshart kunnen cardiologen operaties testen. Amsterdam UMC-onderzoeker Benjamin Kappler maakte van slachtmateriaal waardevolle onderzoeksobjecten.

Het is een fascinerend filmpje dat Benjamin Kappler (Luckenwalde, Duitsland, 1987) laat zien. Een bleek, levenloos varkenshart dat in een laboratorium is aangesloten op tal van slangetjes, verandert binnen een kwartier in een rood, kloppend orgaan. Dankzij bloed, stroomstoten en een lichte massage wordt er leven geblazen in de dode spier.

“De temperatuur van het varkenshart stijgt van 4 graden Celsius naar 37,” zegt Kappler. “Met de juiste bloedtoevoer kan het orgaan vele uren lang blijven kloppen.”

Kappler gebruikt varkensharten uit het slachthuis. Meestal worden die verwerkt tot hondenvoer; voor menselijke consumptie worden ze niet gebruikt. Het voorstel aan een grote slachterij als Vion om de varkensharten ook te gebruiken voor wetenschappelijke doeleinden, was daarom zeer welkom.

Het inzamelen van de varkensharten doen Kappler en zijn team zelf. Kort nadat het dier door vergassing of elektrische bedwelming is gedood voor menselijke consumptie, snijden ze het niet-kloppende hart uit het lijf. Vervolgens koelen ze het hart en brengen het naar het laboratorium, waar het slachtmateriaal door vernuftige technieken verandert in waardevolle onderzoeksobjecten.

Omdat varkens ook zoogdieren zijn en ongeveer zoveel wegen als een mens, is het varkenshart goed vergelijkbaar met een mensenhart. Daarom is het zo waardevol voor wetenschappelijke toepassingen.

Pacemakers en stents

Als mensen echter op grote schaal gorilla’s of een andere apensoort van 70 tot 80 kilogram hadden gegeten, zouden Kappler en zijn collega’s waarschijnlijk apenharten gebruiken in het laboratorium. Een apenhart lijkt nog meer op een mensenhart.

Bij Amsterdam UMC promoveerde Kappler vorige week op het geïsoleerde, maar urenlang kloppende varkenshart. Het biedt vele wetenschappelijke mogelijkheden.

Zo kunnen cardiologen onderzoeken hoe een nieuw soort hartkleppen, pacemakers of stents in een levend hart reageren. De medische hulpmiddelen worden uitgebreid getest voor ze in hartpatiënten worden geplaatst.

In samenwerking met het Eindhovense Catharina Ziekenhuis werd een koeltechniek getest op de varkens­harten. Dat moet de schade van hartinfarcten en dotterbehandelingen beperken, zoals koeltechnieken ook na een sportblessure de spierschade verminderen. De hartkoelmethode is veilig en veelbelovend, en wordt nu grootschalig onderzocht bij mensen.

“Omdat het kloppende varkenshart is geïsoleerd, is het ook erg geschikt om er met een MRI-scanner filmpjes en ander beeldmateriaal van te maken,” zegt natuurkundige en promovendus Eva Peper van de afdeling radiologie van Amsterdam UMC, die werkt met de varkensharten van Kappler. “Zo kunnen we de bloedstroom compleet in beeld brengen, wat bruikbare informatie oplevert voor cardiologen.”

Een interessant onderzoeksonderwerp zou kunnen zijn wat drugs als cocaïne, speed of xtc in combinatie met alcohol betekenen voor de hartspier. Robert Riezebos, hoofd van het OLVG-hartcentrum, waarschuwde eerder dat drugsgebruikers een grotere kans op hartinfarcten hebben. Ze maken zich daar ten onrechte nauwelijks zorgen over, aldus Riezebos, die geïnteresseerd is in drugsonderzoek op het varkenshart.

Juist diervriendelijk

“Ook voor harttransplantaties kan het kloppende varkenshart in potentie veel betekenen,” zegt Kappler. “Maar dat hangt af van de onderzoeksresultaten die cardiologen ermee behalen.”

Kappler is geen cardioloog. Sterker, hij is ook geen arts. Kappler studeerde biotechnische wetenschappen in Berlijn. Via via belandde hij in Eindhoven, waar de Lifetec Group (een spin-off van de TU Eindhoven) iemand zocht voor het project met de varkensharten. Het Catharina Ziekenhuis en het Amsterdam UMC haakten in.

Het inzamelen en tot leven wekken van de varkensharten klinkt als een wat crue procedure, maar het is diervriendelijker dan veel andere medische testmethoden. Die gebruiken immers proefdieren die speciaal in leven worden gehouden voor de experimenten. “De organen die wij gebruiken, zijn een bijproduct van de vleesetende mens,” zegt Kappler. “We hebben simpelweg geen proefdieren nodig.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden