Vakbonden hebben minste leden sinds 1988

Beeld ANP

De vakbonden in Nederland blijven maar leden verliezen. Dit jaar waren er maar liefst 101 duizend vakbondsleden minder dan twee jaar geleden. Dat is een daling van zes procent. Vooral jongeren haken massaal af. 

Dit meldt het CBS op grond van nieuwe cijfers. De nieuwe cijfers gaan tot eind maart van dit jaar. Toen waren 1,6 miljoen mensen aangesloten bij een vakbond. Het ledental van vakbonden is sinds 1988 niet zo laag geweest. De dalende trend is vanaf 2009 ingezet.

Het aantal mannelijke vakbondsleden is dit jaar met 65 duizend, iets meer dan 6 procent, gedaald naar minder dan een miljoen (984 duizend). Liet het aantal vrouwelijke leden de afgelopen jaren nog een stijging zien, in 2019 daalde het aantal vakbondsleden onder de vrouwen, tot 618 duizend. Dat is bijna 6 procent minder dan in 2017.

Jongeren

In 2019 nam het aantal vakbondsleden in alle leeftijdsgroepen af. De daling was het sterkst te zien onder jongeren in de leeftijdscategorie tot en met 25 jaar (-29 procent). In de leeftijdsgroep van 45 jaar tot AOW-leeftijd was de afname het kleinst (-2 procent), waarbij de daling onder mannen iets groter was dan onder vrouwen.

De helft van alle werknemers die geen lid zijn van een vakbond heeft nooit serieus nagedacht over het lidmaatschap, blijkt uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) 2018 van het CBS en TNO. Van de werknemers was 13 procent van mening dat vakbonden geen invloed hebben op hun arbeidsvoorwaarden, voor 8 procent was het lidmaatschap te duur en een zelfde percentage vond dat vakbonden niet goed opkomen voor hun belangen.

Verklaring

Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt aan de universiteit in Tilburg heeft wel een verklaring voor de daling. “Er zijn meer redenen. Zo zijn er minder jongeren en die jongeren blijven langer op school. Vroeger begon je op je 18e met werken. Jongeren hebben in het algemeen niet zo’n zin om ergens blijvend lid van te zijn. Ze kijken wanneer ze iets nodig hebben en organiseren het dan. Jongeren zijn ook hoger opgeleid en voelen zich daardoor zekerder op de arbeidsmarkt. De economie draait goed, ze vragen zich af waarom ze een vakbond nodig hebben omdat er banen genoeg zijn. Demonstreren op het Malieveld in een hesje zien jongeren niet meer zitten. Dat vinden ze ouderwets.”

Ouderen

Bij de ouderen is het lidmaatschap van de vakbonden wat traditioneler. “Daar zitten de leden nog in de traditionele sectoren, de bouw, industrie, transport, metaalsector. Bij zwaar werk, daar hangt meer de cultuur dat je lid moet zijn van de vakbond. Die hebben ook meer om voor te vechten, ze moeten oppassen dat ze niet ziek worden. Daar is de bond ook begonnen, in de sectoren waar de omstandigheden het slechts waren, met zwaar werk. Bij de wat oudere groep in de nieuwe sectoren is meer vertrouwen in zichzelf en het eigen netwerk. Hebben ze niet meer het gevoel dat ze lid moeten worden van de vakbond.”

Volgens Wilthagen kan de daling zich versnellen. “Als je zwakker wordt in ledental, dan denken mensen ook: wat kunnen we nog bereiken. Deze cijfers lijken wel een beetje te duiden op een vrije val.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden