PlusAchtergrond

Toeslagenaffaire: Het kabinet kan het nooit meer goed doen

Het kabinet trekt de portemonnee zodat slachtoffers van de toeslagenaffaire nog vóór 1 mei 30.000 euro op hun rekening hebben staan. Maar of gedupeerde ouders nu sneller worden geholpen of het hele kabinet alsnog aftreedt, een bevredigend antwoord bestaat niet.

null Beeld ANP
Beeld ANP

Alle ouders die gedupeerd zijn door de toeslagenaffaire krijgen 30.000 euro, binnen vier maanden. Die snellere en ruimhartiger compensatieregeling kondigde het kabinet, na een middag vergaderen op het Catshuis met de tien meest betrokken bewindslieden, dinsdagavond aan. Het is het minste wat de regering na het vernietigende rapport over de toeslagenaffaire kan doen, zeggen betrokkenen: zorgen dat er genoegdoening komt voor ouders die het slachtoffer zijn geworden van een falende rechtsstaat.

Met het geld denkt staatssecretaris Alexandra van Huffelen (Financiën) de helft van de nu 9000 slachtoffers die in beeld zijn ‘goed te kunnen helpen’. Ouders die vanwege hun situatie meer compensatie zouden moeten krijgen, houden dat recht. Een speciale commissie buigt zich over het leed dat hen is aangedaan en plakt daar een prijskaartje op.

Schrijnend

Schrijnend is de vaststelling dat ruim anderhalf jaar nadat het kabinet besefte dat er compensatie moest komen, de meeste slachtoffers nog altijd op hun geld wachten. Van de misschien wel 30.000 ouders die naar schatting de dupe zijn geworden, is nog maar een derde in beeld.

Lang hield Van Huffelen vol dat een versnelling van de compensatieregeling niet mogelijk was. Zij wilde dat iedere gedupeerde krijgt waar hij of zij recht op heeft. Maar daarvoor moest elk geval individueel worden bekeken. Omdat situaties vaak complex zijn, dossiers incompleet bleken en de uitvoeringsorganisatie niet goed voorbereid was, heeft de hersteloperatie vertraging opgelopen.

Dat er nu toch wordt versneld, komt omdat in het Catshuis is besloten niet langer onderscheid te maken tussen verschillende groepen ouders. Iedere gedupeerde krijgt recht op dezelfde compensatieformule. Daardoor kan het uitkeren op grote schaal gaan beginnen, al zal het kabinet ook beseffen dat met geen compensatieregeling de nachtmerrie kan worden uitgewist waarin duizenden gezinnen verzeild zijn geraakt.

Stress

Vele gedupeerden belandden door toedoen van de overheid diep in de schulden, hebben soms al jarenlang moeite om de eindjes aan elkaar te knopen of zijn inmiddels bezweken onder de stress. Huizen werden verkocht, huwelijken liepen spaak en banen werden verloren. Of zoals een van de ouders het eerder in de Tweede Kamer verwoordde: nooit meer kan het vertrouwen in de overheid worden hersteld.

De portemonnee trekken is één ding, recht doen is een ander verhaal. En dan is er nog de kwestie van de politieke verantwoordelijkheid. Eén van de vier coalitiepartijen vindt alvast dat het kabinet zichzelf de vraag moet stellen of het nog geloofwaardig door kan na de conclusies uit het rapport van de parlementaire ondervragingscommissie. Die partij is de ChristenUnie, zo bleek gisteren uit een interview met vertrekkend Kamerlid Joël Voordewind op Radio 1. Maar antwoord geven op die vraag wilde Voordewind niet.

Aftreden

Het is ook een moeilijke vraag. Opstappen – één of allemaal – lijkt al snel een symbolisch gebaar. De gedupeerde ouders zijn er niet mee geholpen. En de verkiezingen zijn al in maart, dus bestuurlijk heeft het weinig consequenties. Na de verkiezingen kan premier Mark Rutte (en veel van zijn bewindspersonen) immers gewoon weer door. Uit een peiling van EenVandaag bleek dinsdag dat aftreden van 56 procent van de 25.000 ondervraagden niet hoeft.

Het heeft ook nadelen: het kabinet probeert de grootste crisis sinds de Tweede Wereldoorlog te bezweren en in een crisistijd heeft het land baat bij een kabinet dat nog volledig gezag heeft. Ook al verliest een kabinet als het opstapt formeel geen bevoegdheden, er zal toch gezagsverlies optreden. Ook in Europa zal Nederland aan invloed inboeten als het kabinet demissionair is. Wat zijn toezeggingen of afspraken die met premier Rutte worden gemaakt nog waard, als hij niet verzekerd is van steun in de Tweede Kamer? De timing is onhandig, nu er belangrijke afspraken moeten worden gemaakt over de nieuwe relatie met het Verenigd Koninkrijk na de brexit.

Wat ook meespeelt is dat de verkiezingen eraan komen. Een aantal partijen komt het niet slecht uit dat concurrenten een kras oplopen door de toeslagenaffaire. Niet voor niets werd vorige week al gefluisterd: als het kabinet opstapt en daarmee premier en VVD-lijsttrekker Rutte en minister van Financiën (en CDA-lijsttrekker) Wopke Hoekstra verantwoordelijkheid nemen, dan kan PvdA-lijsttrekker Lodewijk Asscher toch zeker niet achter blijven? Die was in het vorige kabinet als minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid immers verantwoordelijkheid voor de kinderopvang.

‘Ongeloofwaardig’

Asscher wordt samen met minister Eric Wiebes – die tot 2017 als staatssecretaris verantwoordelijk was voor de belastingdienst – door het EenVandaag Opiniepanel het vaakst genoemd als politicus die het veld zou moeten ruimen. Wiebes wordt ‘doof en blind’ voor signalen gevonden, Asscher zou ‘ongeloofwaardig’ zijn. Van de PvdA-stemmers vindt 55 procent toch dat hij door kan als lijsttrekker.

Volgens Van Huffelen is het op het Catshuis nog niet gegaan over de ‘verantwoordelijkheidsvraag’. Op 3 januari komt het kabinet opnieuw samen om het over de toeslagenaffaire te hebben. Wat er ook gebeurt – het hele kabinet treedt af, één minister stapt op of iedereen blijft zitten – er zal altijd iets op aan te merken zijn, weten ze in coalitiekringen. “Elke vorm van het nemen van politieke verantwoordelijkheid zal met scepsis worden ontvangen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden