PlusInterview

Sigrid Kaag: ‘Ik wil D66-lijsttrekker én premier worden’

Het regent aanmeldingen en afmeldingen voor lijsttrekkerschappen. Vandaag geeft Sigrid Kaag (58) witte rook voor D66. Wat zijn haar beweegredenen en ambities?

Sigrid Kaag aankomst op het Binnenhof voor de wekelijkse ministerraad.Beeld ANP

Zelf is er ze er al vier maanden uit. Toen voormalig D66-leider Alexander Pechtold in 2017 Kaag vroeg als minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking wilde hij ook dat ze nadacht over de toekomst van de partij en het lijsttrekkerschap. Dat vroeg hij ook de andere bewindslieden.

Kaag: “Ik heb het een hele tijd van me afgehouden. Vaak ging ik naar bed en stond ik op en dacht: nou nee hoor, absoluut niet. Dat wens je je ergste vijand niet toe, die druk. Maar ik vind het heel belangrijk om betrouwbaar te zijn. Dus als mensen een beroep op je doen... Uiteindelijk is het iets wat in jezelf moet groeien, dat is hoe ik altijd een belangrijk besluit neem. Het moet voelen als het juiste en ik vertrouw daarbij enorm op mijn kernwaarden en intuïtie. Dat wil niet zeggen dat het risicovrij is. Het is echt iets waarvan je denkt: is het belangrijk… en krijg ik er spijt van als ik het niet heb gedurfd.’’

Wanneer hakte u de knoop door?
“In februari was ik voor een handelsmissie naar Israël en de Palestijnse gebieden. Ik zat in een tuin van The American Colony Hotel in Jeruzalem en ik dacht: ik ga het wél doen. Ik steek mijn nek uit. Ik vind D66 te belangrijk. Het leiderschap van D66 is een groot goed, zeker in het tijdsgewricht waarin we leven.’’

Wat gebeurde er precies met u in die tuin?
Ze schiet in de lach. “Het was niet zo dat de Heilige Geest tot mij kwam. Het was wel een moment van rust. Alles wat maakte dat het misschien een slecht idee was viel weg. Wat is nou de kern, waar gaat het nou echt om? Ik vond rust in die afweging. Op een gegeven moment weet je dat het goed is. Dan kun je er nog vijftig keer over praten, dan kun je peilingen doen, daar gaat het niet meer om, het gaat erom wie jij wilt zijn als mens en waarvoor je wilt staan.’’

U had bij terugkeer thuis iets uit te leggen aan uw man en uw vier kinderen.
“Ik ben dat gaan bespreken. Mijn man zegt altijd: ik steun je. Ik kwam terug en we hebben met de kinderen gezeten. In coronatijd waren ze meer thuis. Mijn jongste dochter zei : ‘Mam, je spreekt altijd over durven en risico’s nemen. Je vindt het belangrijk dat vrouwen overal zijn, dan moet je het ook zelf wel doen.’ Daar had ze een punt.’’

“Ik heb een ander kind dat 
politiek totaal niet interessant vindt en zich vooral zorgen maakt om zijn moeder. Die kijkt meer naar wat ik aan heb en of hij dat leuk vindt of niet. Hij ziet soms verschrikkelijke foto’s van mij in media. Dan heb ik een derde kind dat zegt: ‘Dat moet je doen.’ De vierde zei: ‘Je hebt je hele leven al de publieke zaak gediend, moet dit nou? Ga lekker rustig aan doen. Ga een volkstuintje bijhouden.’ Verschillende reacties, maar wel altijd ondersteunend. Ze hebben me geadviseerd, maar blijven helemaal buiten de campagne. Ze hebben hun eigen leven.”

U zegt een ander soort politiek leiderschap te ambiëren. Wat bedoelt u daarmee?
Voor mij staan drie opdrachten centraal: we moeten sterker uit de crisis komen met een schone, moderne en eerlijke economie, een inclusievere samenleving worden en als Nederland weer meer vooroplopen. Daarbij vind ik dat de politiek weer moet durven te leiden, terwijl je luistert en niet schreeuwt. Kansengelijkheid centraal zetten en kansenongelijkheid aanpakken. Dat begint bij het onderwijs.”

“Het centrale punt is leiderschap. Wie voor mij een voorbeeld is, ik wil me daar niet mee vergelijken, maar wel een inspiratiebron voor velen, dat is Angela Merkel. Die rustig op momenten zelf draagvlak creëert en niet wacht tot het vanzelf een veilige landing wordt. Dat is leiderschap.”

Waarom zouden mensen op Sigrid Kaag moeten stemmen?

“Ze moeten op D66 stemmen. Ik wil verbinding leggen vanuit een progressieve, diep liberale overtuiging. Ik heb heel veel ervaring in crises in oorlogstijd maar ook in vredestijd. Ik ben echt van mensen. Ik ben niet onbekend met Nederland, Nederland was onbekend met mij. Ik hoop dat dat snel gaat veranderen.”

“Ik leef niet voor de bubbel, ben misschien wat on-Haags maar heb een goede blik op de patronen. Daarnaast ben ik niet een Haagse partijtijger, ik heb mijn sporen zelf verdiend. Voor elke baan heb ik gesolliciteerd en me moeten bewijzen net als ieder ander. Iedereen heeft bagage: ik heb ook eigen verdriet als mens en moeder. Ik sta met beide benen in de wereld. ik ben buiten de Randstad opgegroeid, in Zeist. Mijn kinderen hebben ook een studielening zoals alle anderen. We werken allemaal voor de kost.”

Welke kiezers hoopt u te trekken?
“Als ik word verkozen door de leden tot D66-lijsttrekker, dan wil ik voor een hele grote groep Nederlanders de hoop vertolken. Met een concrete blik op de toekomst, want anders kun je net zo goed naar de kerk, de moskee of de synagoge gaan. De meeste mensen die gematigd zijn verwachten dat de publieke zaak voor hen is, met hen en van hen. Dat we daar de antwoorden samen vinden vanuit een gematigdheid die daarin een heel belangrijk element is.”

D66-kiezers zijn vaak hoogopgeleid. Hoe bereikt u de gewone mensen?
“Ik weet dat veel mensen die vaak op ons stemmen een hogere opleiding hebben. Maar het geluid van D66 de stem en de waarde, dat is niet bepaald door je opleiding wie je ook bent: we maken ons allemaal zorgen over hoe het verder moet. Met het klimaat, de toekomt van het onderwijs en de zorg. We maken ons allemaal zorgen over de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen.”

U bent achter de schermen van vakminister klaargestoomd tot generalist. Hoe ging dat?
“Ik ben voor een leven lang leren, dat doe je sowieso. Het eerste jaar ben ik heel erg bezig geweest met mijn eigen portefeuille en leren observeren. In het laatste jaar vond ik dat ik me moest laten bijscholen, laten bijpraten op heel veel thema’s. Ook door leden van de fractie, want ik vind het belangrijk om weten hoe het zit. Ik ben bewust de politiek ingegaan. Om een sterkere bijdrage te kunnen leveren moet ik mijn vleugels ook meer kunnen uitslaan. Als een braaf schoolmeisje ga je bijlezen en bijscholen.”

Beeld ANP

Vorig jaar zomer hebt u gezegd: het zou goed zijn als er een vrouwelijke premier kwam in Nederland. Zou u het zelf willen doen?
“Ik ga op voor het lijsttrekkerschap van D66. Als ik verkozen word, dan gaan we ook met de partij voor het hoogste ambt. Nederland heeft nog nooit een vrouwelijke premier gehad. Maar wat veel belangrijker is dat elke kandidaat zich presenteert op basis van de eigen kwaliteiten, ervaring en visie. Daarbij breng ik ook mee dat ik vrouw ben, moeder. Ik ben getrouwd, 55-plus, heb op heel veel plekken gewerkt en gewoond maar ben ook weer bewust teruggekomen naar Nederland. En ik ben katholiek. Dat is de mens, veelzijdig. Ik ga niet voor: ‘Oh, vrouwelijke premier!’ Nee, kies mij om wie ik ben.”

Waarom zou een vrouwelijke premier goed zijn voor Nederland?
“Ik denk dat het heel goed is, dat zie je ook nu in tijden van corona. Veel van de landen waar een vrouw premier is, zijn succesvol in de aanpak van de coronacrisis. Ze hebben een andere manier van opereren. Ze zijn pragmatisch en hebben vaak oog voor mensen met gezinnen en zorgtaken.”

Hoe gebruikt u het geloof ter inspiratie van uw politiek handelen?
“Twee dingen. Ik ben een heel seculier mens en ben bewust lid bij D66. Ik vind geloof echt een privézaak voor de mens en hoe ze daarmee om willen gaan. Ik zou nooit lid zijn geworden van het CDA. Overigens herken ik veel meer van christelijke waarden bij D66. Als het gaat om menselijke waardigheid, rechten van anderen.”

“Als het gaat om mijzelf gaat, dan ben ik een katholiek uit Nederland van boven de rivieren. Ik ben geloof ik nooit op de biecht geweest. Wel ben ik gelovig en bid ik regelmatig, soms om rust. Om goede zaken voor anderen, nooit materieel. Ik krijg er rust uit en vertrouwen. Geloven is voor mij een kwestie van vertrouwen dat er iets anders en hogers moet zijn. Dat probeer ik ook aan mijn kinderen mee te geven Ze zijn allemaal gedoopt en hebben heilige communie gedaan.”

Hoe gaat dat in geloofschemie met uw man?
“Hij is niet gelovig. Mijn man is zo tolerant dat hij het allemaal prima vindt. Alleen het dopen en de heilige communie voor de kinderen, daarna vond het hij het wel oké. Hij zei grappend: ‘Wat zou je ervan vinden als ik koranlessen organiseer?’ Waarop ik zei: ‘Maar jij bent atheïst!’ Ik heb de ruimte genomen die mij werd gegeven.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden