PlusInterview

Schrijver en journalist Mounir Samuel: ‘God kan niets met mij als ik dronken door het leven ga’

Mounir Samuel. Beeld Marc Driessen
Mounir Samuel.Beeld Marc Driessen

Schrijver en journalist Mounir Samuel (31) wil geen uitweg zoeken in alcohol of drugs, likes of Netflix, maar onverdoofd leven, met het geloof als leidraad. ‘Een écht gesprek, daarin zit God.’

Hét probleem van deze tijd? Mounir Samuel stelt vast dat we bang zijn geworden om echt contact te maken, bang ook om echt te worden gezien. “Terwijl het precies dát is wat we willen, doen we er alles aan om die behoefte te verdoven. Als we straks weer naar dansfeesten mogen, doen we dat onder invloed van mdma, xtc of speed. En zitten we net zoals nu weer ieder in onze eigen bubbel. Dan denk ik weleens aan clandestiene feestjes die ik bijwoonde in Egypte, onder de tl-balken, waar niemand alcohol of drugs gebruikte. Je was wel echt samen en na afloop wist je nog precies hoe leuk het was geweest.”

Samuel is kind van een Egyptische vader en Nederlandse moeder en groeide op in protestants-christelijke kringen in Amersfoort, met invloeden vanuit de koptisch-orthodoxe kerk van zijn familie in Egypte en de rooms-katholieke kerk. Hij kreeg relaties met moslima’s en leefde een jaar volgens de islamitische gebruiken en tradities. Nu kan hij naar eigen zeggen de kaddisj meebidden in de synagoge en het vrijdaggebed opzeggen in de moskee, terwijl zijn hart bij Jezus ligt. Over zijn geloofsovertuiging is hij zeer open. “Ik verkondig God zoals ik Die ervaar. Ik had al weinig maskers op, maar heb besloten ook de laatste ongemakken lekker te parkeren bij degene die het ongemakkelijk vindt.”

Samuel schreef Noodzakelijke gesprekken – reflecties op een nieuwe wereld. Voor het boek interviewde hij vijftien mensen over ‘grote vragen’ die zij zichzelf door de coronacrisis zijn gaan stellen. Onder hen psychiater Glenn Helberg, actrice Meral Polat, GroenLinksgemeenteraadslid Imane Nadif, docent Laura Polder en predikant Joost Röselaers. De gesprekken vonden soms plaats tijdens lange wandelingen, maar vaker via videobellen. En dat in een tijd waarin iedereen zich, binnengehouden door de avondklok, al netflixend en tiktokkend heeft teruggetrokken in de eigen ruimte. Het dataverkeer is sinds corona met duizend procent toegenomen, waarvan nog geen kwart werkgerelateerd is.

Inwisselbare avonden

“Ik woon alleen, de avonden rijgen zich aaneen,” zegt Samuel. “Ze worden inwisselbaar, de dinsdagavond lijkt sprekend op de vrijdagavond. Pas merkte ik dat ik al twee weken lang elke avond in mijn eentje thuis had zitten drinken, steeds twee tot vier glazen. Dit gaat fout, dacht ik. Gelukkig heb ik altijd kunnen voorkomen dat ik vlucht in drank. Als het grip op me begint te krijgen, constateer ik dat en stop ik direct. Ga ik vervolgens compulsief porno kijken, dan stop ik daarmee. Vervolgens ga ik schransen, en stop ik dáár weer mee. Dat ik steeds kan stoppen is het resultaat van een enorme geesteskracht in mij en een groot verantwoordelijkheidsgevoel. God kan niets met mij als ik dronken door het leven ga, ik mág mijzelf niet op die manier verdoven.”

Ik voel iets wat in de buurt komt van jaloezie als ik de kalme vastberadenheid van Samuel aanhoor. Niet twijfelen en het gewoon zeggen. Ik mag mezelf wél verdoven, alleen ik wil het niet meer. Behalve dat ik al acht jaar droogsta, is ook porno al een tijd uit mijn systeem verdwenen. Van het kijken raakte ik net zo onvervuld als van McDonald’s eten. Je consumeert wel, maar blijft leeg van binnen. Ook ik ben nu op zoek naar meer vervulling in mijn leven en besteed voor mijn gevoel nog veel te veel avonden aan het kijken naar herhalingen van de tv-serie The Big Bang Theory, die ik woord voor woord mee kan praten. Als kind in Alphen aan den Rijn werd ik vrijwillig lid van de Bijbelclub en zong ik uit volle borst Kumbaya my Lord, Kumbaya mee. De mensen om me heen deden het ook en ik voelde me verbonden als een schaap met zijn kudde, zoveel meer verbonden dan nu.

Verbod op aanraken

Ik en velen met mij lijden onder het verbod op elkaar aanraken, dat al maanden van kracht is. Huidhonger, wordt het genoemd, maar Samuel gebruikt er in zijn boek twee woorden voor die langer bleven hangen: onaangeraakt en onbegeerd. In de jaren 2015 tot 2017 maakte hij een fysieke transitie door. Gevolg is dat hij inmiddels een veertig keer hogere testosteronspiegel heeft dan een ‘cis man’ als ik, wiens genderidentiteit overeenkomt met het geslacht bij geboorte. “Als transgender man ben ik gewoon een man, maar door het toevoegen van het woord transgender word ik een subcategorie. Waar de trans vrouw wordt geseksualiseerd en doorgaans aantrekkelijk wordt bevonden, vervallen trans mannen bovengemiddeld vaak in eenzaamheid, al helemaal tijdens corona.”

In zijn boek vraagt actrice-schrijfster Nazmiye Oral hem in een zeven uur (!) durend Skypegesprek om met zijn innerlijke kind in gesprek te gaan. Uit dat marathongesprek volgt een brief die zo begint: Lieve Mounir. Ik heb je lang niet gehoord, omdat ik je niet waardig genoeg achtte je van een stem te voorzien. Het grootste deel van de brief blijft privé en staat niet in het boek, maar wat me raakt is dat iemand die zichzelf niet waardig genoeg acht erin slaagt om dat te veranderen. Nu is er het inzicht dat hij aantrekkelijk is en liefde verdient: “Ik mag het ontvangen en ik zie in dat ik meer ben dan wat mensen van mij maken. Dat jij dit gesprek niet begon met vragen over mijn trans zijn maakt me zo gelukkig, maar ik merkte dat ik er ook een beetje van in de war raakte, alsof er nog iets verduidelijkt moest worden. Maar dat hoeft niet. Onze lichamelijke verschijningsvorm is belangrijk, maar spirituele liefde is dat veel meer. Ik kan echt klaarkomen van een goed gesprek!”

Het zijn díé noodzakelijke gesprekken die de geestelijke armoede waar veel mensen zeker nu onder lijden kunnen verdrijven. “Ook al ga ik ’s avonds alleen naar bed en word ik ’s ochtends alleen wakker, ik weet dat mijn leven ertoe doet. Iedereen zoekt naar een manier om zich levend te voelen zonder angsten en al die gedachtestromen. Ik kom daar door keihard op black gospel te dansen in mijn woonkamer, of door te bidden. Of door noodzakelijke gesprekken te voeren, zoals met mijn beste vriend Martijn Kamphorst, die chef redactie is van queer lifestylemagazine Winq. We spraken normaal altijd af op terrasjes of in het café, met harde muziek die me al dan niet aanstond, en een ober die de bestelling kwam opnemen. Nu ontmoetten we elkaar op de bank, in stilte, zonder prikkels van buitenaf. We voerden geen kletspraatje, hadden het niet over het weer. Het was een écht gesprek, van man tot man, van hart tot hart. Daarin zit God. Net zoals nu, in dit gesprek.”

Extreem romantisch

Mounir Samuel leeft en heeft lief zonder reserves. In de liefde tot andere mensen gaat het daardoor soms mis, omdat hij te overweldigend overkomt. “Ik ben extreem romantisch en passioneel en kan daarbij doorschieten qua zenden, dat realiseer ik me.” Een recente relatie strandde, wat hij in het boek verwoordt als: Mijn geliefde en ik blijken de kersverse liefde onmachtig. Dat mensen met een gebroken hart hun geloof in de liefde verliezen doet ’m pijn. “Ze sluiten zich af, trekken een pantser op of zelfs een muur en durven zich niet meer onvoorwaardelijk te geven. Ik sluit mijn hart niet, maar zet het juist wijder open. Mede door mijn laatste relatie ben ik meer in de liefde gaan geloven en leer ik de diepte, breedte en omvang van de liefde meer kennen en toestaan.”

Een week na het interview drinken we samen een coffee-to-go in een park in Amsterdam-Noord, dit keer zonder opnameapparaat. Dat doen we omdat we elkaar aardig vinden, maar ook omdat ik tijdens ons gesprek bekende dat ik de meest diepgaande momenten in mijn leven ervoer in aanwezigheid van een zekere grote kracht. Hoe ik die kracht moet definiëren, weet ik dan weer niet. Na thuiskomst vond ik een sms van Samuel op mijn telefoon met zijn favoriete Bijbelcitaat: Heer ik geloof, kom mijn ongeloof te hulp. Hij gaf me er een opdracht bij, namelijk om een week lang elke dag thuis te bidden en daarbij die regels te herhalen. Dat heb ik gedaan en los van de uitkomst, die ik nog even voor me hou, voelde het wel goed om niet te twijfelen en het gewoon te zeggen: ‘Ik geloof.’ Punt.

Mounir Samuel, Noodzakelijke gesprekken - reflecties op een nieuwe wereld, Uitgeverij Jurgen Maas

Onverdoofd

Paroolcolumnist Erik Jan ­Harmens (1970) stopte acht jaar geleden met drinken en schreef daar onder meer de ­autobiografische roman Hallo muur over. Hij leeft niet langer in het donker, maar het licht is ­eigenlijk té licht en het verlangen naar bedwelming nooit helemaal weg. In gesprekken met veel­gebruikers en gematigden, te lezen in de krant en te beluisteren als podcast, zoekt hij antwoord op de vraag: Is het mogelijk om onverdoofd te leven?

Reacties zijn welkom op onverdoofd@parool.nl.

Podcast

Deze aflevering van Onverdoofd, een productie van Het Parool en De Stroom, is als podcast te beluisteren op de website van Het Parool en via alle podcastkanalen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden