Plus Achtergrond

Restwarmte win je beter met olie, gelooft dit bedrijf uit Haarlem

Door computerservers te koelen in een soort oliebad kunnen datacenters veel energie besparen. Het Haarlemse Asperitas heeft miljoenen opgehaald om de stroomvretende bedrijfstak veel energiezuiniger te maken.

Met de olie die voor de koeling van de computers wordt gebruikt, is warmte veel makkelijker op te vangen. Daarnaast kent deze koeling nauwelijks bewegende delen. Beeld Rein Janssen

Kijk over de rand van de computerapparatuur van Asperitas en de gelijkenis met een frituurpan dringt zich aan je op. Hier geen servers die door razende ventilatoren met lucht worden gekoeld, maar computers die zijn ondergedompeld in een heel zuivere synthetische olie.

Met een duur woord heet dat: immersiekoeling. Dat is niet nieuw, zegt Maikel Bouricius van Asperitas. Al in de jaren zestig gebruikte IBM dit soort koeling in zijn grote mainframecomputers. Nieuw is wel dat de Haarlemse start-up het toepast in datacenters. “De vloeistof neemt heel efficiënt hitte op.”

Nu worden datacenters het grootste deel van het jaar gekoeld via de buitenlucht. Vandaar ook de vijf meter hoge plafonds op elke verdieping en de grote ventilatoren die de hitte naar buiten moeten werken. Die verklaren deels het enorme elektriciteitsverbruik van datacenters en dat is dan weer de reden dat de gemeenten Amsterdam en Haarlemmermeer voorlopig even geen nieuwe datacenters meer toestaan.

Door te koelen met vloeistof kunnen de servers beter presteren zonder dat oververhitting dreigt. Dat geldt vooral voor de nieuwe generatie nog krachtiger computerchips die op komst is. “Die chips zijn met lucht helemaal niet meer te koelen.” Asperitas schat dat moderne datacenters als in Amsterdam hun energieverbruik nu al met een kwart kunnen terugdringen.

Ook is het een oplossing voor datacenters in een warmer klimaat. Daar is de behoefte aan betere koeling helemaal groot. In extreme omstandigheden zoals in India verwacht Asperitas zelfs de helft aan energiebesparing te boeken.

Veelbelovende bedrijven

De computerservers zitten onder in een bassin gevuld met zuivere, synthetische olie. De warmte kringelt omhoog en wordt uit het bassin gehaald met warmtewisselaars. Doordat de afgekoelde olie vanzelf weer naar beneden zakt, verloopt de koeling heel geleidelijk. “Zonder bewegende onderdelen.”

Bijkomend voordeel is dat de hitte van datacenters makkelijk kan worden hergebruikt in stadsverwarming. Dat wil de gemeente Amsterdam graag en dat willen de datacenters ook, maar nu is dat nog niet zo makkelijk omdat ze warme lucht van zo’n dertig graden uitstoten. Met het systeem van Asperitas kunnen datacenters water van 55 graden leveren. “Dat is warmte die zo het stadswarmtenet in kan.”

Dat is ook wat het duurzaamheidsfonds van de provincie Noord-Holland aanspreekt. Directeur Bart Blokhuis spreekt van een ‘revolutionaire methode’ om het energieverbruik van datacenters terug te dringen en de restwarmte beter te benutten. Eerder won Asperitas ook al de New Energy Challenge, een prijs voor jonge, veel­belovende bedrijven op het gebied van energie.

Samen met Shell Ventures, een investeringsfonds van Shell, heeft het Participatiefonds Duurzame Economie Noord-Holland woensdag aangekondigd dat ze een miljoenenbedrag investeren in Asperitas. De investering – het precieze bedrag wordt niet bekendgemaakt, maar Shell Ventures neemt in de regel een minderheidsbelang van ten minste 2 miljoen in snel groeiende bedrijven – moet een nieuwe groei­spurt van Asperitas mogelijk maken.

Nu al heeft het Haarlemse bedrijf vloeistof­gekoelde computerservers staan bij een universiteit in Duitsland, een datacenter voor clouddiensten in Engeland, een datacenter in Eindhoven en een bank in Frankrijk. Niet gek voor een start-up die in 2014 begon met het idee voor computerservers aan boord van schepen – lastige omstandigheden met veel temperatuurverschillen. Inmiddels heeft Asperitas veertien werknemers.

Gratis restwarmte

Door de mogelijkheden energie te besparen en de warmte te gebruiken voor de stadsverwarming denkt Asperitas in Amsterdam als geroepen te komen. Wethouder Marieke van Doorninck (Duurzaamheid) besloot voor de zomer tot een tijdelijke stop op de komst van nieuwe datacenters omdat de snel groeiende bedrijfstak veel ruimte opslorpt rond Amsterdam en Schiphol en het uiterste vraagt van het elektriciteitsnet. Pas als de wethouder later dit jaar nieuw beleid heeft opgesteld, zijn weer nieuwe datacenters welkom. Onderdeel van dit nieuwe beleid zal ook zijn dat die centers hun restwarmte gratis ter beschikking moeten stellen.

En nog een voordeel: doordat voor de koeling geen metershoge plafonds en loeiende ventilatoren meer nodig zijn, kunnen de datacenters die Asperitas ontwerpt ook terecht op gewone kantoorvloeren. Volgens Bouricius nemen de computerservers met vloeistofkoeling net zoveel vloeroppervlak in als in even krachtige datacenters die met lucht worden gekoeld. Maar doordat ze minder hoge plafonds nodig hebben, en door betere koeling zwaarder belast kunnen worden, kunnen ze per kubieke meter veel meer data herbergen. Zo kunnen de datapakhuizen zelfs in leegstaande kantoorgebouwen terecht.

Geprinte brug

Behalve in Asperitas investeert het Participatiefonds Duurzame Economie Noord-Holland ook in het Amsterdamse bedrijf MX3D. Samen met Doen Participaties, een investeerder verbonden aan de Postcode Loterij, steekt het fonds 1,25 miljoen euro in MX3D, dat eerder veel bekijks trok met een 3D-geprinte brug. Het geld wordt gebruikt om een softwarepakket te lanceren dat het mogelijk maakt grote metalen objecten te printen. Daardoor kunnen ook bedrijven uit de metaalindustrie inzetten op 3D-printen. MX3D presenteerde de 12 meter lange brug vorig jaar op de Dutch Design Week in Eindhoven. Het is de bedoeling dat de brug binnen een half jaar wordt geplaatst op de Oudezijds Achterburgwal. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden