PlusAnalyse

Remkes richt het vizier op de piekbelasters – wie zijn dat?

Met zijn voorstel om 500 tot 600 grote stikstofuitstoters binnen een jaar fors aan te pakken óf uit te kopen, pleit stikstofbemiddelaar Johan Remkes voor een belangrijke omslag in het kabinetsbeleid. Wie zijn deze piekbelasters? En is die uiterst pijnlijke, gedwongen uitkoop echt een reële optie?

Chris van Mersbergen en Marcia Nieuwenhuis
Johan Remkes: “Ik snap alle emotie. Het gaat over boerenbedrijven die soms generaties lang in een familie zijn. Daar moet je eerlijk in zijn, daar gaat het wel over.” Beeld phil nijhuis/ANP
Johan Remkes: “Ik snap alle emotie. Het gaat over boerenbedrijven die soms generaties lang in een familie zijn. Daar moet je eerlijk in zijn, daar gaat het wel over.”Beeld phil nijhuis/ANP

Hoe komt Remkes tot zijn advies dat er op korte termijn vijf- tot zeshonderd bedrijven moeten worden aangepakt?

De stikstofbemiddelaar stelt vast dat Nederland op slot dreigt te gaan als er niet snel iets gebeurt. Doordat het stikstofbeleid sinds de beruchte uitspraak van de Raad van State in 2019 over het Programma Aanpak Stikstof (PAS) op zijn gat ligt, is er een hele reeks urgente problemen.

Meer dan 2500 boeren, de zogeheten PAS-melders, kwamen door die uitspraak zonder geldige vergunning te zitten. De zo hoognodige woningbouw is moeilijk omdat er geen stikstofruimte beschikbaar is. En intussen blijft de natuur maar achteruit kachelen.

Daarom is vliegende haast geboden, concludeert Remkes na zijn gesprekken met boeren, het bedrijfsleven, juristen, economen en ecologen. Het enige wat volgens hem echt helpt: het gericht en rigoureus aanpakken van bedrijven die veel stikstof uitstoten. Dat is voor een deel van die bedrijven enorm zuur en pijnlijk, beseft hij. Maar er zit volgens Remkes niets anders meer op.

Wie zijn deze piekbelasters?

Remkes zocht een definitie die zo min mogelijk bedrijven treft, maar wel met zoveel mogelijk resultaat. Door per gebied op te tellen wat er nodig is voor de natuur, voor PAS-melders en voor ontwikkelingen zoals woningbouw, wordt duidelijk hoeveel stikstof bedrijven in dat gebied moeten besparen.

Vervolgens is de vraag: welke bedrijven zorgen in dat gebied voor veel stikstofuitstoot en welk effect zou het hebben als zij stoppen? Op deze manier is Remkes in zijn ‘eerste berekeningen’ gekomen tot vijf- tot zeshonderd piekbelasters. Dat zijn vooral boeren, maar het kunnen ook andere bedrijven zijn, fabrieken bijvoorbeeld.

Waar zitten deze bedrijven?

Zo concreet werd Remkes niet. Maar grote veehouders die dicht bij beschermde natuur zitten, zullen hun hart vasthouden, voor zover ze dat al niet deden. Boeren in en rond de Veluwe bijvoorbeeld. Zij hebben vaak veel vee, zitten dicht bij het grootste beschermde natuurgebied van Nederland en boeren ook nog eens in het midden van het land, waardoor stikstofwinst die bij hen gehaald wordt een groter effect heeft dan bijvoorbeeld bij een veehouder op Ameland.

Helaas voor bezorgde boeren: er is voor zover bekend nog geen lijst waarop alle piekbelasters op een rijtje staan. Dat is op zich logisch: hij noemt zijn rapport slechts een ‘denklijn’. Het kabinet kan dat eventueel omzetten in een concreet plan.

Wat wil Remkes van de piekbelasters?

Hij wil simpel gesteld dat ze stoppen met stikstof uitstoten, of minimaal teruggaan tot een emissie van ‘bijna nul’. De ondernemer in kwestie kan zelf met een voorstel komen: stikstof zeer fors terugbrengen door middel van bewezen innovaties bijvoorbeeld, overstappen op een ander bedrijfsmodel, of het bedrijf verplaatsen naar een minder stikstofgevoelige locatie.

Maar ook uitkoop is een reëel scenario, stelt Remkes. Hij wil daarbij ‘uiteraard’ uitgaan van vrijwilligheid. Daarvoor zouden bedrijven zo ruimhartig mogelijk moeten worden uitgekocht, waarbij de overheid moet garanderen dat er later geen gunstiger regeling meer beschikbaar komt.

Bedrijven die op top 500 of 600 staan worden dus niet gedwongen onteigend?

Nee, maar dat betekent niet dat het geen optie is. De broodnodige rigoureuze stappen op korte termijn zijn volgens Remkes alleen mogelijk bij een harde deadline. Hij stelt dus een termijn van een jaar voor, ‘als stok achter de deur’.

Als binnen die termijn geen overeenstemming met een ondernemer wordt bereikt, moet gedwongen uitkoop volgen. En dat gaat pijn doen, erkende de bemiddelaar. “Ik snap alle emotie die daarbij komt kijken. Het gaat over boerenbedrijven die soms generaties lang in een familie zijn. Daar moet je eerlijk in zijn, daar gaat het wel over.”

Een boer of ander bedrijf uitkopen, mag dat zomaar?

Dat is dus nog de vraag. Minister voor Natuur en Stikstof Christianne van der Wal (VVD) kondigde eerder dit jaar een ‘woest aantrekkelijke', vrijwillige uitkoopregeling aan, maar die stuit op bezwaren van de Europese Commissie vanwege ‘ongeoorloofde staatssteun’.

Om te voorkomen dat een Europees veto stikstofsucces op korte termijn dwarsboomt, vindt Remkes dat het kabinet als de wiedeweerga naar Brussel moet om ‘op het hoogste niveau’ in gesprek te gaan. Als Nederland er in slaagt om uit te leggen hoe belangrijk de grote zak geld voor bepaalde boeren maatschappelijk gezien is, is er volgens Remkes veel meer mogelijk dan tot nu toe het geval is.

Boeren houden na de persconferentie van stikstofbemiddelaar Johan Remkes een kleinschalige boerenactie bij Nieuwspoort. Remkes pleit voor de aanpak of uitkoop, binnen een jaar, van vijf- tot zeshonderd grote stikstofuitstoters. Beeld ramon van flymen/ANP
Boeren houden na de persconferentie van stikstofbemiddelaar Johan Remkes een kleinschalige boerenactie bij Nieuwspoort. Remkes pleit voor de aanpak of uitkoop, binnen een jaar, van vijf- tot zeshonderd grote stikstofuitstoters.Beeld ramon van flymen/ANP

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden