Rechter: euthanasie bij demente vrouw was geen moord

Een voormalige verpleeghuisarts uit Den Haag die euthanasie pleegde op een demente vrouw (74) heeft zich volgens de rechtbank niet schuldig gemaakt aan moord. 

Rechtbanktekening van verpleeghuisarts Catharina A. tijdens de zitting in de rechtbank van Den Haag. Beeld ANP

De arts heeft zich aan alle voorwaarden van de wetgeving gehouden en was volgens de rechter zorgvuldig. Ze wordt dan ook ontslagen van alle rechtsvervolging. Het is de eerste keer dat een rechter zich buigt over de rol van een arts bij euthanasie op mensen met dementie. De arts was zelf niet aanwezig bij het vonnis.

Het OM wilde met het voor de rechter brengen van deze inmiddels gepensioneerde arts meer duidelijkheid krijgen over wanneer wel of niet zorgvuldig wordt gehandeld bij euthanasie op dementen en heeft dan ook geen straf geëist. Wel moest de rechter beoordelen of de arts voldoende heeft gevraagd of de doodswens nog steeds bestond en als dat niet het geval is of er dan sprake is van moord.

De rechtbank stelt in het vonnis dat het Openbaar Ministerie in ieder geval het recht had om de arts te vervolgen. Volgens de rechtbank heeft de arts zich echter aan alle voorwaarden van de wet gehouden. De rechtbank stelt, anders dan het OM, dat de arts niet meer met de demente vrouw in gesprek hoefde te gaan over haar doodswens.  Dat was vanwege haar ernstige ziekte ook niet meer mogelijk en er lag al jaren een duidelijke wilsverklaring van de vrouw dat ze dood wilde. Bovendien had de arts twee collega’s geraadpleegd. 

Wilsverklaring

Veel dokters hebben te maken met mensen die een wilsverklaring opstellen waarin ze aangeven dat ze euthanasie willen op het moment dat ze met dementie worden opgenomen in een verpleeghuis. Het toetsen of mensen nog steeds achter die doodswens staan als ze eenmaal dement zijn, is moeilijk.

Ook in het geval van de 74-jarige vrouw die de Haagse arts euthanaseerde in 2016 was er sprake van een euthanasieverklaring uit 2012, maar ze gaf vier jaar later wisselende signalen over haar doodswens. Volgens de arts omdat de vrouw ‘geen verleden en geen toekomst kende en geen betekenis meer kon geven aan woorden zoals dood en dementie’. “Er was geen bewust besef meer bij haar,” aldus de 68-jarige arts tijdens de behandeling van de rechtszaak. 

Lijden

De arts heeft de overtuiging dat de vrouw leed en greep dus terug naar herhaalde wensen om niet zo verder te willen leven.  Ze vertelde de rechter tijdens de rechtszaak dat ze het gesprek met de vrouw over haar wensen ook niet meer was aangegaan omdat dit haar alleen maar zou verontrusten. De familie van de demente vrouw staat achter het handelen van de arts en hebben dat tijdens de behandeling van de zaak tegenover de rechter ook benadrukt.

De arts zelf heeft via haar advocaat laten weten het een nachtmerrie te vinden om op verdenking van moord in de verdachtenbank te zitten. “Terwijl je naar eer en geweten hebt gehandeld.”

Omdat het OM ook overtuigd is dat de arts naar eer en geweten heeft gehandeld, is er geen straf tegen haar geëist. Wel heeft de arts volgens justitie de dunne, maar fundamentele grens overschreden door het leven te beëindigen zonder nadrukkelijk verzoek daartoe. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden