PlusInterview

Promovenda: ‘Laat school en moskee samenwerken’

Op Nederland toegesneden Koranlessen en een imamopleiding bieden kansen voor de islamitische gemeenschap, zegt onderzoeker Semiha Sözeri, die maandag aan de Universiteit van Amsterdam promoveert op onderzoek naar moskeelessen. Voor een imamopleiding moet wel Turks verzet worden doorbroken.

Sözeri focuste zich op de drie grootste Turks-islamitische organisaties in Nederland die moskeeonderwijs geven: Diyanet, Milli Görüs en Süleymanlis. Beeld Getty Images/iStockphoto
Sözeri focuste zich op de drie grootste Turks-islamitische organisaties in Nederland die moskeeonderwijs geven: Diyanet, Milli Görüs en Süleymanlis.Beeld Getty Images/iStockphoto

Scholen met veel leerlingen met een islamitische achtergrond zouden moeten samenwerken met moskeescholen, bijvoorbeeld door lesmethoden uit te wisselen. Zo kunnen weekendscholen integratie verbeteren, stelt Semiha Sözeri (36), die maandag aan de Universiteit van Amsterdam promoveert op onderzoek naar de moskeelessen die de meeste moskeeën in Nederland geven.

Ook in Amsterdam volgen wekelijks duizenden kinderen lessen waarin ze de Koran leren lezen. Ze concludeert dat de media moskeeonderwijs doorgaans beschouwen als een risico dat etnische segregatie vergroot. Sözeri ziet juist kansen. “Ze bieden kinderen een positieve bevestiging van hun moslimidentiteit en kunnen hun schoolprestaties verbeteren, doordat hun leerhouding wordt gestimuleerd.”

Pedagogische principes

Sözeri deed geen onderzoek naar salafistische moskeeën, waarover regelmatig verontrustende signalen opduiken. Dat neemt niet weg dat haar bevindingen van toepassing lijken op een groot deel van de moskeeën die een gematigder vorm van de islam uitdragen. Ze focuste zich op de drie grootste Turks-islamitische organisaties in Nederland die moskeeonderwijs geven: Diyanet, Milli Görüs en Süleymanlis. Naast islamitische beginselen hanteren de moskeedocenten die zij observeerde en sprak, vaak ook pedagogische principes uit het reguliere onderwijs. Zo stimuleren ze samenwerking en onderlinge binding.

Tegelijkertijd is er een wereld te winnen. Kritische vragen van leerlingen worden vaak niet op prijs gesteld. Een leerkracht noemde dit een ‘opgelost probleem’. Ook is het lesmateriaal vaak niet toegesneden op het leven als moslim in een westerse samenleving. En de lessen bij Diyanet, dat ruim 150 van de ruim 450 Nederlandse moskeeën beheert en valt onder het Turkse ministerie van Godsdienstzaken, draaien voor een groot deel om Turkse nationale identiteitsvorming, aldus Sözeri.

Semiha Sözeri

 Beeld
Semiha Sözeri

U zegt dat moskeelessen positief kunnen uitpakken, op voorwaarde dat de moskee beleid voert op gebied van burgerschap en integratie en docenten en imams de Nederlandse taal en cultuur kennen. Voldoen de Diyanetmoskeeën, waar de imams in dienst zijn van de Turkse overheid, aan die voorwaarden?

“Op het moment dat ik er onderzoek deed grotendeels niet. Maar ook sommige imams waren zich ervan bewust dat het lesmateriaal ongeschikt is, want alleen gericht op Turkije. Diyanet is bezig met het ontwikkelen van tweetalige lesboeken, die rekening houden met de Nederlandse context. Dus er is progressie. En Milli Görüs gebruikt al lesmateriaal ontwikkeld in West-Europa.”

U bepleit het opzetten van Nederlandse imamopleidingen. Diyanet is daarbij een obstakel. Eerdere pogingen stuitten op de weigering samen te werken met universiteiten bij het opzetten van lesprogramma’s.

“Er is echt geprobeerd Diyanet erbij te betrekken. Het punt is dat Diyanet controle wil houden over de vraag wie in de moskee predikt en wat hij predikt. Je kunt ook zonder Diyanet een imamopleiding opzetten. Maar ze vertegenwoordigen een derde van alle moskeeën. Als die geen opgeleide studenten in dienst willen nemen, heb je een probleem. Dan zijn ze gedwongen te werken bij kleinere moskeeën, die veel slechter betalen.”

Hoe kan de blokkade van Diyanet worden doorbroken?

“Nederland geeft werkvergunningen aan de imams die Turkije uitzendt. Daar zit een mogelijkheid. Het gebeurt op basis van een Nederlands-Turks verdrag uit 1982, toen de seculiere islam uit Turkije (uitgaande van een strikte scheiding tussen kerk en staat) aantrekkelijk was voor Nederland, vergeleken met andere vormen van de islam. Maar sinds de AKP van president Erdogan de dienst uitmaakt en de politieke islam in Turkije aan invloed wint, is de situatie veranderd. Zie de beschuldigingen van een paar jaar geleden dat Diyanetimams de Turks-Nederlandse gemeenschap bespioneren.”

U stelt dat ook de Nederlandse overheid zich niet houdt aan de scheiding van kerk en staat.

“Die scheiding veronderstelt minimale inmenging in religieuze zaken. Maar de vraag om een Nederlandse imamopleiding kwam niet vanuit de islamitische gemeenschap, maar vanuit de politiek en het bestuur, vooral in reactie op elf september. Het kwam van bovenaf in plaats van van onderop en dat vergrootte het wantrouwen in de gemeenschap over de initiatieven. Om een nieuwe poging te doen slagen, moet je het vertrouwen herstellen van de gemeenschap in overheidsinitiatieven op dit gebied. Bijvoorbeeld door uitwisselingsprogramma’s van universiteiten met theologische afdelingen uit moslimlanden. Dan kan ruimte ontstaan voor een theologie van de islam met een duidelijke Nederlandse basis.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden