PlusAnalyse

Plotseling waren er 700.000 extra prikken gezet, hoe kan dat?

Opeens schoot het aantal coronavaccinaties in Nederland omhoog van ruim drie naar bijna vier miljoen. Dat totaal is een optelsom van registraties, aannames en schattingen. Die methode wekt verbazing, zelfs in het buitenland. “De rapportage van vaccinaties door Nederland is erg slecht en verwarrend.”

Vaccinatie in het Amsterdam UMC locatie AMC. Beeld Dingena Mol
Vaccinatie in het Amsterdam UMC locatie AMC.Beeld Dingena Mol

Eind januari gebeurde het al een keer op zomaar een zondagavond, en deze dinsdag was het weer zover: plotseling maakte het aantal gezette coronaprikken op het coronadashboard van de overheid een bijna wonderbaarlijke sprong omhoog. Turfden het RIVM en het ministerie van Volksgezondheid in de loop van de dag nog iets meer dan 3,1 miljoen inentingen; ’s avonds was de mijlpaal van 4 miljoen prikken ineens binnen handbereik met maar liefst 3,9 miljoen vaccinaties. Plots bevindt Nederland zich niet meer in de Europese kelder, maar doen we volgens het ECDC (Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding) leuk mee in de subtop.

Hoe kan dat? En deugen de aannames onder deze inschatting wel? Ja, vinden het ministerie en het RIVM. Maar elders worden wenkbrauwen opgetrokken.

Berekening

Het totaalgetal op het dashboard is voor een deel namelijk niet de actuele registratie van daadwerkelijk gezette prikken, maar een berekening. Waar de vaccinaties die bij de GGD worden toegediend – dat zijn er nu bijna 2,3 miljoen – dagelijks worden opgeteld in het Covid-vaccinatie Informatie- en Monitoringsysteem (CIMS) van het RIVM, werkt de boel bij de andere prikken een stuk ingewikkelder.

Het RIVM ontvangt cijfers daarvan van enkele tientallen organisaties, zoals koepels van huisartsen, ziekenhuizen en zorginstellingen. Om een beeld te geven: alleen de huisartsen in Nederland gebruiken al elf verschillende systemen om hun gezette prikken door te geven.

“Dat zijn bij elkaar dus veel verschillende systemen, en we krijgen de informatie bovendien niet altijd op tijd,” vertelt een RIVM-woordvoerder. “Dan is het ook nog zo dat mensen die hun vaccinatie krijgen, kunnen aangeven dat ze niet willen dat hun informatie in CIMS terechtkomt. We schatten dat zo’n 10 procent van de mensen daarvoor kiest.”

Kortom, de informatie over bijna de helft van de vaccinaties komt versnipperd, laat en onvolledig. Om toch tot een realistische inschatting te komen, gebruikt het RIVM een combinatie van registraties en aannames over het aantal mensen dat hun gegevens niet wil delen, over lever- en priktijden en verspillingspercentages.

Veranderde aannames

Dat is niet optimaal. Als er in al de aannames iets verandert, wijzigt dus ook het geschatte aantal. Dat gebeurde deze week alweer. Het RIVM stelde een aantal formules bij. Zo schat het rijksinstituut inmiddels dat slechts 1 procent van de vaccins verspild wordt (in plaats van 5) en dat voorraden vaccins die ergens worden afgeleverd, sneller worden weggeprikt. Daarbovenop kwam nog een smak extra AstraZenecaprikken, die door de chaotische gang van zaken rond de pauze met dat vaccin dagenlang niet meegeteld werden op het coronadashboard. Gisteren kwamen er daarom ‘opeens’ ruim 400.000 prikken bij die door huisartsen zouden zijn gezet.

De vraag, gezien alle genoemde onzekerheden en aannames, is of dat aantal wel klopt. Onduidelijk is bijvoorbeeld of alle huisartsen inderdaad van hun voorraad AstraZenecavaccins af konden komen, na berichten over de zeldzame bijwerking en de daardoor afgenomen prikbereidheid.

Huisartsen en AstraZeneca

Na overleg met de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) wordt nu aangenomen dat vrijwel alle geleverde doses AstraZeneca ook echt zijn toegediend. ‘Huisartsen hebben weliswaar meer inspanningen moeten verrichten, maar over het algemeen hebben ze dat wel kunnen wegprikken,’ schrijft minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) aan de Tweede Kamer.

Veel huisartsen hebben extra ouderen uitgenodigd, ook ‘doorprikken’ boven de 65 mag. Al erkende RIVM-vaccinatiechef Jaap van Delden dinsdag wel dat het beeld over AstraZenecatwijfelaars ‘wisselend’ is: sommige huisartsenpraktijken klagen over een lage vaccinatiebereidheid, anderen juist niet.

Een woordvoerder van de LHV zegt dat het inderdaad onzeker is of huisartsen geen vertraging hebben opgelopen door de onrust rond AstraZeneca. “We kunnen die vertraging niet uitsluiten. Tot de pauze van vorige week was ons beeld dat de vaccins snel werden opgeprikt, maar daarna kregen we uit sommige regio’s wel signalen over een lagere opkomst. De huisartsen hebben geprobeerd daar oplossingen voor te vinden. Maar pas als de huisartsen weer nieuwe vaccins mogen bestellen, krijg je een duidelijker beeld. Het kan zijn dat er minder besteld wordt dan verwacht, omdat er nog voorraad over is.”

‘Rapportage Nederland erg slecht’

Ook zulke opmerkingen voeden de onzekerheid over het waarheidsgehalte van de nu gemelde 3,9 miljoen vaccinaties. Zelfs internationaal. Edouard Mathieu, hoofd data bij Our World In Data, dat een wereldwijd veel geraadpleegde website bijhoudt waarop de vaccinaties per land worden vergeleken, zegt dat de rapportage van het prikken in Nederland ‘erg slecht’ is. Hij vindt het onvoorstelbaar dat een schatting als officiële statistiek wordt gebruikt.

‘Het is moeilijk te begrijpen dat nu de vaccinatie al zo lang bezig is, er nog steeds zo’n verwarrend verschil zit tussen het geregistreerde en geschatte aantal prikken,’ mailt Mathieu. ‘Bovendien maakt het officiële dashboard geen onderscheid tussen eerste en tweede prikken, dat gebeurt alleen wekelijks door het RIVM.’

Voor Our World in Data is het apart melden van eerste en tweede prikken wél belangrijk om de internationale vergelijking goed te kunnen maken. ‘Daarom gebruiken we alleen de wekelijkse RIVM-rapporten. Het is een noodgedwongen en niet-optimaal compromis.’

Scepsis Kamerleden

In de Tweede Kamer klinkt eveneens scepsis. SP-Kamerlid Maarten Hijink spreekt met een knipoog van ‘de toverstaf’ die de teller opkrikt: “Eind december hamerden we al op een goede registratie. Cijfers moeten wel de realiteit weerspiegelen, het moet geen slag in de lucht zijn. Dus als er op één moment bijna een miljoen prikken bij komen, snap ik de zorgen daarover wel.”

Kamerlid Fleur Agema (PVV) spreekt van windowdressing: “Het past helemaal in het positieve plaatje van de minister.” Donderdag willen de parlementariërs uitleg van het RIVM en het kabinet, in de middag is het Kamerdebat over de coronamaatregelen, de vaccinaties en het openingsplan.

Weinig mensen zullen protesteren als het aantal prikken inderdaad een stuk hoger is dan aanvankelijk werd gedacht. Misschien klopt het wel en prijkt Nederland terecht bijna bovenaan de Europese lijstjes, zoals nu rond het Binnenhof trots wordt verkondigd. Maar zeker weten doet niemand het, en dat wringt.

Alle vaccinaties geregistreerd, maar niet centraal

Dat het RIVM geen goed overzicht heeft over het aantal vaccinaties dat dagelijks precies wordt gezet, betekent niet dat een inenting die iemand krijgt niet wordt geregistreerd.

Het uitgangspunt is ‘registratie aan de bron’. De zorgverlener die de prik zet – de GGD, huisarts of zorginstelling – is verplicht die te registreren in iemands medisch dossier, daarom wordt ook altijd het burgerservicenummer (BSN) gevraagd. Iemand die een vaccinatie haalt, moet zich ook kunnen identificeren. Alleen als iemand toestemming geeft, worden de vaccinatiegegevens van die persoon vervolgens opgenomen in de centrale database van het RIVM.

Mensen die een coronaprik hebben gehad, krijgen hiervan een bevestiging op papier mee naar huis. Die bevestiging kan ook in iemands gele vaccinatieboekje worden opgenomen. Beide bevestigingen gelden echter niet als officieel vaccinatiebewijs, meldt de overheid. Zo’n bewijs bestaat namelijk nog niet.

Mogelijk komt er in de toekomst wel een vaccinatiebewijs of -paspoort, bijvoorbeeld om naar een ander EU-land te kunnen reizen. Maar hoe dat er dan uit komt te zien en hoe het precies werkt, is nog niet bekend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden