Nieuws

Planbureau sloeg de plank mis: er staan na corona juist mínder winkels leeg

Het aantal lege winkels zou na de coronacrisis dramatisch stijgen, voorspelde het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) vorig jaar. Nu moet de overheidsadviseur bakzeil halen. Het aantal winkels stijgt juist.

Herman Stil
Drukte op het Damrak. De door het Planbureau voor de Leefomgeving voorspelde leegstand van winkels is uitgebleven.   Beeld Robin Utrecht / ANP
Drukte op het Damrak. De door het Planbureau voor de Leefomgeving voorspelde leegstand van winkels is uitgebleven.Beeld Robin Utrecht / ANP

Op basis van het PBL-advies hebben gemeentes bestemmingsplannen gewijzigd, en is het onder meer makkelijker geworden om winkelpanden te sluiten of te verbouwen tot woonhuis.

In coronatijd zou de winkelleegstand 40 procent stijgen, voorspelde het Planbureau een jaar geleden op verzoek van het kabinet. Landelijk zou bijna één op de vijf winkels leeg komen te staan. In de Amsterdamse binnenstad zou de leegstand relatief het meest stijgen en in provinciesteden als Heerlen, Roosendaal en Roermond kwamen de meeste winkelpanden leeg te staan, waarschuwde het planbureau.

In vrijwel alle steden

Maar nog geen jaar later blijkt de werkelijkheid heel anders. In plaats van een dramatische stijging is de leegstand juist afgenomen. Landelijk staat in de binnensteden nu 12 procent van de winkels leeg, mínder dan de ruim 13 procent van net voor corona. Ook in andere winkelgebieden is de leegstand juist afgenomen.

Ook de voorspelde dramatische afname van winkels in grote steden is uitgebleven. In Amsterdam-Centrum zou de leegstand van nog geen 6 procent richting 15 procent gaan, voorspelde het Planbureau. Nu erkent de instantie er faliekant naast te hebben gezeten: de leegstand in Amsterdam is juist licht gedaald, naar 10 procent.

Ook in vrijwel alle andere grote en middelgrote steden daalde de leegstand. In Breda met 14 procentpunt, in Den Bosch en Eindhoven met ruim 10 procentpunt. In maar zeven steden steeg de leegstand, waaronder in Almere, Zaandam, Apeldoorn en Delft.

Plank misslaan

Hoe kon het Planbureau voor de Leefomgeving, een belangrijke adviseur voor overheidsbeleid op het gebied van ruimtelijke ordening en milieu, de plank zo misslaan? Eerder al bleek immers uit cijfers van het CBS dat het voorspelde winkelslagveld uitbleef. En onlangs rapporteerden de Kamers van Koophandel dat sinds februari zich meer nieuwe winkels melden.

Volgens de onderzoekers van het PBL is een aantal aannames simpelweg niet uitgekomen. Zo zijn er veel meer winkeliers overeind gebleven dan verwacht, met dank aan NOW-loonsteun en TVL-voorraadhulp. Nog altijd is het aantal faillissementen en bedrijfsbeëindigingen in winkelland historisch laag.

Daarnaast ging het Planbureau ervan uit dat de Nederlandse economie na corona in een recessie terecht zou komen, waardoor consumenten minder zouden uitgeven. Maar van een recessie is het nog niet gekomen. Wel kan de torenhoge inflatie de koopbereidheid van consumenten temperen. Maar omdat die vooral is gebaseerd op de enorm gestegen energiekosten — en niet omdat consumentengoederen veel duurder zijn geworden — is dat effect tot nu beperkt.

Flitsbezorgmagazijn

De dalende leegstand komt vooral doordat er minder winkelpanden zijn. Vorig jaar is in Nederland 260.000 vierkante meter winkelvloer verdwenen. Een deel is verbouwd tot horecazaak of flitsbezorgmagazijn, of gesloopt.

Daarnaast is het door de oplopende huren en huizenprijzen en de wooncrisis gunstiger geworden lege winkels te verbouwen tot woonruimte. Tegelijkertijd worden de winkels die blijven, gemiddeld steeds groter (doordat vooral de kleinere winkelpanden verdwijnen).

Volgens Hans van Tellingen van winkeladviseur Strabo is de overheid door de eerdere rapportage van het PBL op het verkeerde been gezet. “Het is schadelijk voor de retail dat in coronatijd beleid in gang is gezet dat uitging van krimp. Men dacht: door de lockdowns wordt alles anders. Dat is niet zo. Winkelen verliest zijn functie niet, mensen willen elkaar ontmoeten, rondlopen, producten kopen.”

Funshoppen

“Het aantal winkelunits daalt op termijn licht, maar het aantal vierkante meters per winkel stijgt gemiddeld. De totale voorraad blijft daarmee op peil. Voor funshoppen, bijvoorbeeld, heb je meer ruimte nodig. En de wijkwinkelcentra blijven sterk.”

Volgens Van Tellingen moet de overheid beter luisteren naar winkeliers. “Doe wat de markt aangeeft. De overheid moet daarvoor de voorwaarden scheppen. Ga niet herbestemmen en niet dwingen.” Ook blijft het belangrijk om bij het oplossen van de wooncrisis door nieuwbouw de winkels niet te vergeten. “Als ergens woningen komen, is er ook behoefte aan winkels.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden