Pensioenkorting voor komend jaar vrijwel van de baan

De meeste pensioenen hoeven komend jaar hoogstwaarschijnlijk toch niet gekort te worden. Daarnaast hoeven de premies niet extra omhoog en kan de pensioenopbouw op peil blijven. 

Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (D66) tijdens een debat in de Tweede Kamer over dreigende kortingen op de pensioenen. Beeld ANP/Bart Maat

Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken heeft binnenskamers gezegd dat hij pensioenfondsen een extra jaar lucht wil geven. Hij is naar verluidt bereid de regels zo aan te passen dat pensioenfondsen die op 31 december een dekkingsgraad van 90 procent of hoger hebben, niet hoeven te korten.

Dit zou betekenen dat de metaalpensioenfondsen PME en PMT de pensioenen niet hoeven te verlagen, mits hun dekkingsgraad de komende anderhalve maand niet dramatisch verslechtert. Beide fondsen noteerden gisteren een actuele dekkingsgraad van 93,4 en 94,6 procent. Een aantal kleinere fondsen staat er echter zó slecht voor dat voor hen korten waarschijnlijk onvermijdelijk is.

Koolmees wil de regels tijdelijk aanpassen om ervoor te zorgen dat er draagvlak blijft voor het nieuwe pensioenstelsel dat op dit moment wordt uitgewerkt, zo bevestigen bronnen. Wel moeten zijn collega’s in het kabinet nog instemmen met het uitstel. Waarschijnlijk wordt het besluit dinsdag aan de Kamer meegedeeld, vlak voor het pensioendebat volgende week.

‘Onnodige kortingen’

Werknemers en werkgevers hadden eerder al aangedrongen op twee jaar uitstel van de kortingen, om rust te creëren. Oppositiepartijen PvdA en GroenLinks sloten zich bij die eis aan, waardoor de politieke steun aan het zwaarbevochten polderakkoord dat in juni werd gesloten, Koolmees dreigde te ontglippen. De regeringspartijen zijn voor steun in het parlement van een van deze partijen afhankelijk.

Amper twee maanden geleden was de toestand voor de pensioenfondsen veel dramatischer. De forse rentedaling in augustus zorgde voor een klap, die nog eens werd versterkt door een dip op de beurzen. “De rek is er een beetje uit,” hield Klaas Knot, president van De Nederlandsche Bank en pensioentoezichthouder, de politiek eind september voor.

Kortingen waren onafwendbaar geworden, zo luidde zijn conclusie. Maar dat was niet wat de Tweede Kamer wilde horen. Die had Koolmees al begin september op pad gestuurd met de boodschap ‘onnodige kortingen’ te voorkomen, zonder daarbij te zeggen welke kortingen zij ‘nodig’ dan wel ‘onnodig’ achtte.

De fondsen staan er inmiddels iets beter voor: de rente is wat opgelopen en de beurzen piekten zelfs. De verbeterde dekkings­graden geven Koolmees – net op tijd – de gelegenheid de spelregels zodanig aan te passen dat hij draagvlak houdt om met werkgevers en werknemers­organisaties het nieuwe pensioen­contract verder uit te werken.

Minder hoge buffers

Werkenden draaien weliswaar op voor de uit­gestelde kortingen, maar de gevolgen daarvan zijn veel minder dramatisch dan eerder nog gevreesd werd. Bovendien, zo stellen betrokkenen, hoeven de pensioenpremies komend jaar niet fors omhoog en blijft ook de pensioen­opbouw op peil door een pas op de plaats te maken.

Koolmees wil toe naar een stelsel waarin pensioenaanspraken minder zeker worden. Daardoor zijn minder hoge buffers nodig en kunnen fondsen eerder indexeren als het goed gaat en korten als het tegenzit.

Daarnaast wordt in dit nieuwe stelsel de zogeheten doorsneepremie afgeschaft, waardoor jongere premiebetalers nu te veel betalen en ­oudere juist te weinig.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden