Plus

Omtzigt en Dassen lanceren anti-corruptieplan: ‘Op veel vlakken doen we het slechter dan andere landen’

Oppositie-Kamerleden Laurens Dassen (Volt) en Pieter Omtzigt willen oneigenlijke lobby en belangenverstrengeling in de politiek aanpakken. Vandaag lanceren ze hun plan. “Als het om integriteit gaat, doen we het echt niet zo goed als we denken.’’

Niels Klaassen en Hanneke Keultjes
Pieter Omtzigt en Laurens Dassen bij de Hofvijver in Den Haag. Het oppositieduo komt vandaag met een anti-corruptieplan.  Beeld Pim. Ras Fotografie
Pieter Omtzigt en Laurens Dassen bij de Hofvijver in Den Haag. Het oppositieduo komt vandaag met een anti-corruptieplan.Beeld Pim. Ras Fotografie

Een minister die óók in het schoolbestuur van een basisschool zit? Moet kunnen. Maar stel dat juist rond díé basisschool een enorme rel ontstaat en de bewindspersoon in kwestie de minister van Onderwijs is. Kan het dan nog steeds?

Dit theoretische voorbeeld laat zien dat integriteit niet zwart-wit is. Maar meer duidelijkheid voor bewindspersonen en topambtenaren is hard nodig, vinden Tweede Kamerleden Laurens Dassen (Volt) en Pieter Omtzigt na eerdere felle kritiek van Greco, het anticorruptieorgaan van de Raad van Europa (zie kader). De gelegenheidscoalitie Volt-Lid-Omtzigt is op integriteitsmissie. Vandaag dient het duo een tachtig pagina’s tellende initiatiefnota in met tal van aanbevelingen om belangenverstrengeling, corruptie en oneigenlijke lobby tegen te gaan.

Nederland mag zichzelf dan beschouwen als volwassen rechtsstaat met een degelijk stelsel van macht en tegenmacht, Dassen en Omtzigt zien – na het toeslagenschandaal, de dividendbelasting en bewindspersonen die prompt lobbyist werden – veel ruimte voor renovatie van dat bouwwerk.

null Beeld Pim. Ras Fotografie
Beeld Pim. Ras Fotografie

“Nederland doet het niet zo goed als we misschien denken,” zegt Omtzigt. “Op een boel vlakken doen we het slechter dan andere landen. Neem de lobby: als je daar niet beter zicht op krijgt, laat je gebeuren dat over heel belangrijke dossiers besloten wordt buiten parlement en kiezer om, door druk van bedrijven of belangengroepen. Kijk naar het plan om de dividendbelasting af te schaffen: het stond in geen enkel verkiezingsprogramma, maar het was er ineens! Hoe dan?”

Dassen: “In 2019 werd al geconstateerd dat Nederland een probleem heeft met bestuurlijke integriteit. Dit knaagt aan het toch al lage vertrouwen in de politiek. Alle alarmbellen zouden moeten afgaan, maar ondanks alle mooie woorden over nieuwe bestuurscultuur en radicale ideeën daarover verandert er eigenlijk niets.”

Op de werkkamer van Dassen in het tijdelijke Tweede Kamergebouw in Den Haag ontvouwen ze hun plannen. Overigens met de voetnoot dat dit thema vele tinten grijs kent, dat ze zelf ook weleens worstelden met integriteit én dat totale transparantie echt geen must is, hoewel hun parlementaire honger naar informatie soms anders doet vermoeden. “Niet alles moet altijd maar openbaar worden,” zegt Dassen. Daarover later meer.

Anticorruptiewaakhond kritisch over Nederland
Nederland kreeg vorig jaar een forse tik op de vingers van de Europese anticorruptiewaakhond Greco, die concludeerde dat ons land treuzelt met stevige regels en toezicht rond integriteit van bewindspersonen en topambtenaren. De bestaande gedragscode voor leden van het kabinet was te vrijblijvend, het ontbreekt aan toezicht op de regels en sanctionering.
Vorig jaar concludeerde de waakhond dat Nederland geen van de zestien aanbevelingen volledig had opgevolgd. “Greco constateerde dat het in Nederland ontbrak aan regelgeving, maar de regering deed niets,” zegt Omtzigt. “Schandalen gingen door, terwijl landen als Noord-Macedonië het wel oppakten.” En zelfs Polen, toch niet het lichtend voorbeeld van een rechtsstaat, deed het beter.
Inmiddels belooft het kabinet vaart te maken met nieuwe wetten en regels, maar minister Hanke Bruins Slot van Binnenlandse Zaken (CDA) zei onlangs in de Tweede Kamer dat ook bij de volgende Greco-deadline nog niet alles geregeld is.

De oppositiepolitici pleiten voor een adviescommissie die bewindspersonen bijstaat. De integriteitsrichtlijnen moeten vervolgens ook afdwingbaar worden via een onafhankelijke toezichtautoriteit – inclusief boetemogelijkheid.

En Omtzigt en Dassen willen ‘de draaideur en de achterdeur’ aanpakken van de ministeries. Er moet een schijnwerper op de achterdeur, de nu vaak onzichtbare lobby die besluitvorming beïnvloedt. Een lobbyfunctionaris moet alle beïnvloeding bijhouden en er verslag over uitbrengen. Verder pleiten ze voor een afkoelperiode van twee jaar om te voorkomen dat ex-bewindspersonen razendsnel terugkeren bij hun oude ministerie als lobbyist of aan de slag gaan bij een bedrijf dat raakt aan het eerdere ministerschap, zoals Cora van Nieuwenhuizen vorig jaar nog deed. “Zij stapte voor het einde van het kabinet op om naar een lobbyclub voor energiebedrijven te gaan, dat is echt apert tegen de belofte die ze zelf in een brief ondertekend heeft,” zegt Omtzigt.

Dassen: “Maar ook andere voorbeelden zijn onwenselijk: oud-minister van Financiën Gerrit Zalm die commissaris wordt bij Shell en drie maanden na zijn ministerschap bij de DSB Bank gaat werken. We moeten betere regels opstellen, zodat dit voorkomen kan worden.”

Maar schrikt dit alles toekomstige bewindspersonen niet juist af? Partijen hebben nu al moeite om geschikte kandidaten te vinden.
Omtzigt: “Uiteindelijk beschermt het juist hun positie. Omdat het nu niet geregeld is en overgelaten wordt aan bewindspersonen zelf, wordt alles al snel ophef.”

Omtzigt noemt als voorbeelden de investeringen en zijn pensioenpot die Wopke Hoekstra vóór zijn ministerschap via belastingparadijzen de Maagdeneilanden en Guernsey liet lopen en het appartement dat oud-D66-leider Alexander Pechtold in 2018 kreeg. De woning gaf hij niet op in het geschenkenregister; hij vond dat een privékwestie. “Als hij als Kamerlid vooraf advies had gevraagd en had opgevolgd, zoals inmiddels wel kan voor parlementariërs, dan was het waarschijnlijk niet zo’n rel geworden.”

U beschrijft grote misstanden en schandalen, zoals rond de toeslagen en het Gronings gas. Zouden die voorkomen zijn als deze integriteitsmaatregelen al van kracht waren?
Omtzigt: “Nee, dat niet. Maar als je het hebt over lobby: Shell en de NAM hadden makkelijk toegang tot de ministeries, de toeslagenouders niet hoor. Met meer openheid en betere antilobbymaatregelen hadden we wel sneller oplossingen gehad in Groningen. Nu werd de gaskraan na de gevaarlijke aardbeving van Huizen nog twee jaar lang vol open gedraaid.”

Dassen: “Lobby is niet verboden, maar het moet wel transparant zijn. Bij grote politieke besluiten ontbreekt nu meestal de beschrijving van deze beïnvloeding. Neem het coronaherstelfonds en de pensioenwet die nu spelen: die lobbyparagraaf ontbreekt daar nu.”
Omtzigt: “Ja, en denk je dat rond die miljardendossiers geen lobby gaande is? Op al die vlakken moeten we stappen zetten. En nee: het is niet zo van ‘Laurens en Pieter schrijven een nota en alles is opgelost’.”

Maar is jullie plan wel nodig? Het kabinet belooft toch al allerlei maatregelen, met nieuwe integriteitsregels en een lobbyverbod.
Omtzigt: “Op een aantal punten slaat het kabinet nu de goede weg in, maar wij gaan wel een stap verder. We willen een echt onafhankelijke toezichtautoriteit bijvoorbeeld, en ik denk niet dat het kabinet aan die strikte en handhaafbare afkoelperiode van twee jaar wil, die wij voorstellen.”

null Beeld Pim. Ras Fotografie
Beeld Pim. Ras Fotografie

Dassen en Omtzigt vinden dat een gebrek aan transparantie het vertrouwen in de politiek schaadt. Maar dat betekent niet dat altijd alles maar openbaar moet worden, stelt het duo met recente persoonlijke ervaringen rond het thema. Dassen kon aanvankelijk geen details geven over het vermeend grensoverschrijdend gedrag van zijn ex-fractielid Nilüfer Gündogan, Omtzigt kreeg van collega-Kamerleden in het mondkapjesdebat met Hugo de Jonge de vraag om alle communicatie over de omstreden mondkapjesdeal te openbaren, maar deed dat niet.

Moet alles openbaar worden?
Omtzigt: “Niet alles hoeft naar buiten, zeker niet. Als jij achter de schermen als bewindspersoon een mogelijk belangenconflict hebt gemeld en besproken met de onafhankelijke adviseur, dan hoop ik dat het helemaal nooit naar buiten komt.”

Dassen: “Als de weging maar gebeurt. Dat ontbreekt nu. Toezicht door een onafhankelijke autoriteit is goed, maar dat betekent echt niet: gooi alles van jezelf en je hele familie maar op straat. Nee, als je dat regime afkondigt, schrikt dat mensen af.”

Wordt dat geen papieren tijger? Voor Kamerleden geldt óók een gedragscode. Maar toen Thierry Baudet de inkomsten uit de verkoop van zijn boek niet opgaf, werd hij berispt en verplicht om dat alsnog te doen. Maar hij weigert. Gevolgen blijven uit.
Dassen en Omtzigt vallen even stil.
Dassen: “Dat is een goeie vraag.”
Omtzigt: “Het is uitgezocht, er is een rapport. Er volgden een berisping en een aanwijzing, iets dat eerder nog niet mogelijk was. Maar uiteindelijk beslissen kiezers in onze democratie dan of Kamerleden na zulke zaken opnieuw gekozen worden in het parlement.”

U hoopt dat er na invoer van striktere regels en instanties rond integriteit ook een zekere mildheid komt bij kabinet en Kamer. Vertrouwt u erop dat die mildheid er is?
Omtzigt lacht.
Dassen: “Je wil af van die afrekencultuur, er moet een andere dynamiek komen, echt een andere cultuur. Deze plannen dragen daaraan bij.”
Omtzigt: “Een cultuurverandering vergt tijd, maar je wil ook een normale verhouding rond zulke thema’s. Alleen maar engelen in Den Haag, dat gaat niet lukken. Op ministersposten wil je mensen met maatschappelijke ervaring, maar je kunt niet alleen maar mensen werven die als monnik in een klooster geleefd hebben. Dat wil je ook niet.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden