OM wil Syriëgangers zes jaar cel in, maar is dat terecht?

Het Openbaar Ministerie eist zes jaar cel tegen twee teruggekeerde Syriëgangers. Ze zaten volgens justitie bij de terreurgroep Ahrar-al-Sham. Maar het ministerie van Buitenlandse Zaken omschreef die groep eerder juist als 'gematigd'.

Een strijder van Ahrar al-Sham in 2015 in de buurt van Idlib. Beeld Reuters

Plots vertrekken drie vrienden uit de Vogelbuurt in 2013 naar Syrië. Hun families verbijsterd achterlatend, nergens waren bellen gaan rinkelen dat de drie radicaliseerden.

"We gingen om de Syriërs te helpen tegen het regime van Assad'', zeiden twee van de drie, Youssef C. (32) en Iliass J. (30) vandaag in de rechtbank Rotterdam. De derde, Ismail, is inmiddels overleden. Omgekomen bij een mortieraanval in Syrië.

Ismail was de enige van de drie die echt op missie ging en gevochten heeft, stelden de andere twee in de rechtbank. Youssef liep wel wacht, met een kalasjnikov in zijn hand en ging soms mee op 'missie' om met munitie te slepen, verklaarde hij.

Iliass probeerde zichzelf nog verder van gevechten te houden. Hij wilde vooral de bevolking helpen. Het is de verklaring die de meeste teruggekeerde Syriëgangers geven: ze hebben niet gevochten, maar waren kok of verpleger.

'Gematigde' groep, vindt Nederland
Opmerkelijker is de groep waarbij de twee stellen dat ze zich hebben aangesloten: Ahrar-al-Sham. Een islamitische groepering die streed tegen (onder meer) de Syrische president Assad. Die groepering werd in 2015 door het ministerie van Buitenlandse Zaken als 'gematigd' bestempeld.

Dat was nadat de leiding van de groep eind 2015 in de Saoedische hoofdstad Riyad, in het bijzijn van verschillende westerse landen, een verklaring ondertekende waarin ze verklaarde democratische waarden te onderschrijven. Het ministerie noemde ze daarop 'geen radicale organisatie'.

Sterker nog: Ahrar-al-Sham lijkt ook samen te hebben gewerkt met Syrische strijdgroepen die directe steun van de Nederlandse overheid kregen. Nederland leverde die steun om de strijd tegen het regime van Assad te steunen, het was hulp in de vorm van voertuigen, uniformen en medische pakketten.

Officieel is het staatsgeheim naar wie de steun gingen, maar Trouw en Nieuwsuur onthulden de namen van enkele strijdgroepen. Onder meer een groepering die onder dezelfde 'koepel' als Ahrar-al-Sham streedt. Daarnaast zijn er de afgelopen jaren in Syrië talloze allianties gesloten en weer verbroken tussen de tientallen strijdgroepen waardoor onduidelijk is wie er precies van de Nederlandse steun heeft geprofiteerd.

'Wij kijken niet naar politiek'
Het Openbaar Ministerie vervolgt de twee Amsterdammers toch voor lidmaatschap van een terroristische organisatie: "Wij kijken naar de juridische kwalificatie, niet naar politiek."

Ahrar-al-Sham is volgens het OM een jihadistische strijdgroep die misdaden beging en de bevolking schrik wilde aanjagen: terreur dus. Dat geldt ook voor een tweede groep waarbij de twee zich later kort zouden hebben aangesloten: Jund-al-Aqsa. Buitenlandse Zaken heeft justitie laten weten dat Nederland geen directe steun aan Ahrar-al-Sham heeft gegeven.

Justitie wil daarom dat de twee zes jaar de cel in gaan. Een eis die de standaard is geworden tegen teruggekeerde Syriëgangers waarbij niet specifiek kan worden bewezen of ze daar misdrijven hebben begaan.

Advocaat Buruma van Iliass J.: "Dezelfde straf eisen tegen iemand die bij IS heeft gezeten als tegen iemand die bij een heel andere groep heeft gezeten, doet geen recht aan complexiteit van het Syrische conflict.''

Normaal leven
Youssef en Ilias verloren elkaar uit het oog in Syrië, maar beiden zeggen al snel hun strijdgroepen te hebben verlaten en de laatste jaren een normaal leven te hebben gehad: als eigenaar van een koffiehuis (Youssef) en als imker (Iliass).

Ze trouwden Syrische vrouwen en kregen kinderen. Vanwege de toenemende bombardementen vertrokken beiden met hun gezinnen naar Turkije en meldden zich bij de Nederlandse ambassade daar. Daarop werden vorig jaar ze onder begeleiding van de marechaussee naar Nederland gebracht. Hun vrouwen en kinderen zijn nog in Turkije.

Uitspraak eind maart.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden