Interview

Nieuwe directeur Uber gaat zelf de weg op

Lange dagen, lage lonen. Taxidienst Uber kampt met ontevreden chauffeurs. Directeur Maurits Schönfeld besloot de werkvloer op te gaan.

Maurits Schönfeld is nu drie weken directeur van Uber Benelux, en binnenkort tevens Uberchauffeur. Beeld Marjolein van der Klaauw

Binnenkort gaat Maurits Schönfeld (36) zijn taxipas halen en mag hij zelf als chauffeur aan het werk. En dat gaat de nieuwe algemeen directeur van Uber Benelux doen ook. “Het gaat me onschatbaar veel opleveren. Hoe is de wisselwerking met klanten? En hoe gaat het met de Uber-app? Die ritjes gaan me helpen te begrijpen hoe dat voelt. Als ik hier in het gebouw blijf zitten, leer ik niks. Ik hoop te gaan begrijpen hoe het is om te rijden en om op Schiphol te moeten wachten tussen de andere chauffeurs.”

Het mag een cliché heten, de nieuwe directeur die de werkvloer opgaat om meer voeling te krijgen met het personeel en het product, maar er zit wel degelijk een gedachte achter. Schönfeld, nu drie weken in functie, wil voornamelijk de relatie met de chauffeurs verbeteren. “De chauffeurs vinden wij heel belangrijk. Zij vormen het gezicht van Uber.”

Schönfelds opstelling is begrijpelijk. Het afgelopen jaar klaagden chauffeurs veel over het bedrijf, dat hen in contact brengt met de klanten. In maart protesteerden honderden woedende chauffeurs bij het hoofdkantoor in Amsterdam. Zij zijn met name ontevreden over de tarieven die ze mogen rekenen en de lange ­dagen die ze maken.

Schönfeld is zich bewust van de gevoeligheid van het onderwerp en is op zijn hoede. “Ik denk niet dat er iets misgaat, maar we moeten wel beter in gesprek met de chauffeurs, om elkaar te leren kennen en van elkaar te weten waar problemen zitten. Dat kun je een spanningsveld noemen, maar als je erover praat, weet je wat de ander dwarszit.”

Waar komt die onvrede vandaan?

Schönfeld: “Dat moeten we uit­zoeken. Uit onze cijfers blijkt dat meer dan 80 procent tevreden is. 90 procent is blij met de flexibiliteit. De meeste chauffeurs verdienen 24 euro per uur. En daar zijn de kosten dan al af. Dat is in lijn met de markt.”

En toch klagen chauffeurs. Ze zouden te lange dagen moeten maken voor een fatsoenlijk inkomen.

“Van de chauffeurs werkt bijna 80 procent minder dan 40 uur, 60 ­procent werkt minder dan 30 uur. Wij herkennen ons niet in de klachten, als je kijkt naar de verdiensten en de uren die ze maken.”

Hoe kijkt u dan naar de reeks ongevallen met dodelijke afloop waarbij Uberchauffeurs betrokken waren?

“Dat is afschuwelijk natuurlijk. De impact is immens. We moeten ons blijven inzetten voor een verkeersveilige stad en chauffeurs die veilig hun werk kunnen doen. We moeten er streng op toezien dat ze zich houden aan de wet- en regelgeving. En ja: ze moeten zich ook houden aan de Rijtijdenwet.”

En als een chauffeur na twaalf uur op Uber overstapt naar een andere taxi-app?

“Je kunt niet zeggen: er gebeuren nooit meer ongelukken. Maar je kunt wel je verantwoordelijkheid nemen en aan de slag gaan. Wij controleren de uren die worden gemaakt op onze app, maar we controleren niet de ­Rijtijdenwet. We moeten daarover meer in gesprek met andere aanbieders. We zouden moeten kunnen checken of mensen niet te lang achter het stuur zitten.”

Consumenten zijn kritisch op Uber maar blijven wel gebruikmaken van de app. Hoe komt dat?

“Het product staat, maar we hebben niet altijd de juiste stappen gezet. Er zijn fouten gemaakt. We kunnen nog werken aan de manier waarop we samenwerken met steden. We hebben in het verleden te veel vanuit onszelf geredeneerd.”

“Maar mensen worden wel blij van Uber. We hebben taxi’s veel toegankelijker gemaakt dan voorheen. We willen een onderdeel zijn en blijven van het totale mobiliteitspakket. Londen is een voorbeeld: verschillende vervoersmogelijkheden in één app. In Londen werken we samen met andere aanbieders, ik zie niet in waarom dat in Nederland niet óók zou kunnen. Ik kan niet zeggen hoe ver de gesprekken zijn die we daarover voeren met de NS. Maar dat dit iets is wat wij willen, is duidelijk.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden