Nieuws

Niet alleen in Amsterdam: overbieden is nieuwe norm op Nederlandse woningmarkt

Het tot voor kort vooral Amsterdams fenomeen van overbieden op de huizenmarkt lijkt landelijk de norm te worden, blijkt donderdag uit een nieuw rapport van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) en het Kadaster.

AMSTERDAM - Luchtfoto van de Singel en de Herengracht in het centrum van Amsterdam.
ANP DUTCHPHOTO Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
AMSTERDAM - Luchtfoto van de Singel en de Herengracht in het centrum van Amsterdam.ANP DUTCHPHOTOBeeld Hollandse Hoogte / ANP

Uit het rapport komt een beeld naar voren van een woningmarkt waar de krapte en spanning steeds verder toeneemt. Het aanbod aan te koop staande huizen is zo flink gekrompen, terwijl er nog wel veel mensen willen verhuizen. Ook zijn de hypotheekrentes lager dan ooit. Daardoor bieden kopers flink tegen elkaar op en hebben veel mensen grote moeite om nog een huis te bemachtigen.

Volgens cijfers van de instanties werd de helft van de woningen vorig jaar verkocht tegen een prijs die hoger was dan de vraagprijs, terwijl 38 procent van de verhandelde huizen onder de vraagprijs van de hand werd gedaan. Een paar jaar terug lagen de verhoudingen nog duidelijk anders. In 2015 werd nog 87 procent van de woningen onder de vraagprijs verkocht, tegenover 7 procent die boven de vraagprijs van eigenaar wisselden.

Rabobank: huizenprijzen stijgen dit jaar 11 procent

De spanning op de woningmarkt leidt dit jaar waarschijnlijk ook tot 11 procent hogere huizenprijzen, lieten economen van Rabobank donderdag weten. Zij wijten dit onder meer aan gunstige economische vooruitzichten, ruimere leennormen en het afschaffen van de overdrachtsbelasting voor starters.

In april lagen de huizenprijzen 11,5 procent hoger dan een jaar eerder. Uitgedrukt in euro’s zijn volgens Rabobank de prijsstijgingen van de voorbije maanden de grootste ooit gemeten op de Nederlandse koopwoningmarkt. In een jaar tijd steeg de gemiddelde prijs met zo’n 40.000 euro. Eind jaren negentig en kort na de eeuwwisseling stegen de huizenprijzen procentueel nog harder.

Meer mensen kopen

Woningen worden ook steeds sneller verkocht. Begin 2015 stond een verkochte woning gemiddeld tien maanden te koop en sindsdien werd de gemiddelde aanbodtijd steeds korter, tot ruim twee maanden vorig jaar. Eind 2020 was de gemiddelde aanbodtijd van verkochte woningen in geen enkele provincie langer dan drie maanden.

Uit het rapport bleek ook dat ondanks de moeilijke omstandigheden op de markt het aandeel starters dat toesloeg in de loop van vorig jaar is toegenomen. Dit beeld kwam eerder ook al uit andere cijfers naar voren. Maar in december kwam het aandeel starters wel weer een stuk lager uit.

Kritiek op startersregeling

Mogelijk speelt bij dat laatste mee dat huizenkopers onder de 35 jaar sinds 1 januari dit jaar geen overdrachtsbelasting meer hoeven te betalen over de koopsom van hun huis. Daardoor was het eind vorig jaar aantrekkelijker voor starters om de aankoopdatum van hun huis uit te stellen tot begin 2021.

Over de overheidsmaatregel klinkt de laatste tijd ook veel kritiek. De ingreep is bedoeld om starters te helpen, maar werkt volgens veel kenners juist averechts. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) stelde bijvoorbeeld dat het er alleen maar voor zorgt dat mensen met meer geld tegen elkaar opbieden, met als gevolg dat de huizenprijzen verder oplopen.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden