Nieuws

Nederland was niet goed voorbereid op coronacrisis, zegt Onderzoeksraad in streng rapport

Nederland was niet goed klaar voor de coronacrisis. De voorbereiding was ondermaats, het ministerie van Volksgezondheid had geen draaiboeken geoefend voor een grote pandemie. Daarnaast was het zicht op het virus aan het begin slecht door ‘een beperkt testbeleid’, want lang niet iedereen kon worden getest.

Tobias den Hartog en Niels Klaassen
Verpleegkundigen in het Van Weel-Bethesda ziekenhuis in Dirksland, waar de druk tijdens de coronacrisis enorm was.  Beeld ANP / Robin Utrecht
Verpleegkundigen in het Van Weel-Bethesda ziekenhuis in Dirksland, waar de druk tijdens de coronacrisis enorm was.Beeld ANP / Robin Utrecht

Dat concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) woensdag in haar eerste rapport over de aanpak van de coronacrisis.

“De overheid dacht voorbereid te zijn, maar dat was ze niet,” zei Jeroen Dijsselbloem, voorzitter van de Onderzoeksraad voor Veiligheid woensdag tijdens een persconferentie. “Er waren oefeningen en draaiboeken, maar niet voor zo’n langdurige crisis. In de praktijk heeft een minister van Volksgezondheid niet de bevoegdheden om zorginstellingen of GGD’s aan te sturen. Dus was de overheid aangewezen op improvisatie. Er waren wel scenario’s voor een pandemie, maar die waren niet uitgewerkt of voorbereid.”

De OVV schrijft dat de ‘crisisstructuur en crisiscommunicatie niet toereikend’ bleken te zijn. ‘Betrokkenen in alle sectoren werkten hard en onder moeilijke omstandigheden. De inzet van velen laat onverlet dat verbeteringen in de crisisaanpak mogelijk en noodzakelijk zijn.’

Volgens Dijsselbloem bleek Nederland ‘kwetsbaar’. “Dat komt door de manier waarop de overheid de zorg en crisisstructuur heeft ingericht: deze bleek niet toereikend voor de aard en omvang van de crisis.” De raad maakt gehakt van het decentrale zorgstelsel: in tijden van crisis moet de minister van Volksgezondheid de macht krijgen om maatregelen af te dwingen.

Volgens de OVV was er gebrek aan kennis over het coronavirus en door het beperkte testbeleid was er in deze eerste periode onvoldoende zicht op de verspreiding van het virus. Verder bleven signalen over maatschappelijke effecten als eenzaamheid ‘lang onderbelicht in de advisering en besluitvorming’.

Het OVV-rapport is het eerste van drie delen. Nu eerst wordt de periode maart 2020 tot september 2020, dus het begin van de pandemie voor Nederland, onder de loep genomen.

Ook maatschappelijke crisis

Volgens de OVV was het logisch dat het kabinet voer op adviezen van het OMT, maar was daardoor de aandacht tijdens de eerste besmettingsgolf ‘zeer sterk gericht op de ziekenhuizen’. ‘Er was weinig aandacht voor andere gevolgen van de coronacrisis. De crisis had ongekend grote gevolgen voor de verpleeghuizen, maar ook voor het onderwijs, de cultuursector en het midden- en kleinbedrijf. Die effecten maakten van de gezondheidscrisis juist ook een maatschappelijke crisis.’

De OVV benadrukt ook dat de nauwe blik op de ziekenhuizen ertoe leidde dat zich in verpleeghuizen ‘een stille ramp’ kon voltrekken, met veel sterfgevallen en zelfs een bezoekverbod voor familieleden. ‘Daardoor is het geestelijk lijden enorm.’

“Ongeveer de helft van de sterfgevallen betrof bewoners van verpleeghuizen,” zeg Dijsselbloem hierover. Zij kwamen bovendien te laat op de politieke radar. Dijsselbloem noemt het ‘meest schrijnende’ dat bewoners en personeel in verpleeghuizen ‘onvoldoende aandacht hebben gehad’. Zo werd quarantaine opgelegd aan grote groepen bewoners, omdat er te weinig beschermingsmiddelen waren. Hierdoor moesten de ouderen maandenlang zonder bezoek in verpleeghuizen verblijven. “Dat is heel schrijnend.”

De crisisorganisatie bleef steken ‘op bestrijding van het virus’, stelt de OVV vast: ‘Daardoor is er te weinig oog voor langetermijneffecten en sociaalmaatschappelijke impact.’ Tegelijkertijd sluiten zich steeds meer partijen aan bij de overleggen, wat ‘kordaat beslissen’ lastig maakt. Maar door informele overleggen in Catshuis en Torentje wordt onduidelijk waar de echte besluiten genomen worden. Door die overleggen verdwijnen ‘checks en balances’ die normaal van toepassing zijn op besluiten.

De Onderzoeksraad concludeert dat het kabinet ‘de effectiviteit van de crisisaanpak had kunnen verbeteren door meer en verder vooruit te kijken’ en door zich ‘breder te laten adviseren dan alleen over de effecten van het virus op de acute zorg’.

Communicatie

Er is ook kritiek op de overheidscommunicatie. Sommige groepen in de samenleving werden niet bereikt door de crisisaanpak of de coronahulp en voelden zich niet gehoord, zegt de OVV. Ook uit de raad kritiek op de stelligheid van het kabinet. ‘Met minder stelligheid, maar wel duidelijk te vertellen over wat wel of niet bekend is over het verloop van de crisis, kan de overheid onrealistische verwachtingen voorkomen bij het publiek.’

De coronapersconferenties en communicatiecampagnes werkten goed in de eerste fase van de pandemie, maar daarna werd de weerstand tegen de aanpak steeds zichtbaarder en sloot de communicatie ‘niet goed aan op het stijgend aantal mensen dat psychisch, sociaal en financieel lijdt’ onder de crisis.

Saillant is dat de OVV impliciet waarschuwt voor het gevaar van de dubbele pet van bijvoorbeeld Jaap van Dissel, zo lijkt het, die én adviseur is als voorzitter van het OMT, maar ook de infectieziektebestrijding leidt bij het RIVM en aanschuift bij informele overleggen in Catshuis en het Torentje. ‘Iedereen moet zich aan de eigen rol houden. Bestuurders zijn besluitvormers, deskundigen de adviseurs.’

Dijsselbloem waarschuwt ook voor potentiële rolvermenging van het OMT, waar de experts in hun wetenschappelijke analyse soms al praktisch-logistieke afwegingen meenamen, zoals het gebrek aan mondkapjes. Dat zou niet bij de experts moeten liggen, zegt Dijsselbloem: “Zo werden factoren als schaarste van capaciteit al verwerkt in het OMT-advies. Onzekerheden en risico’s die bij het OMT op tafel lagen, bereikten de politiek onvoldoende.”

De raad merkt nog op dat Van Dissel het vertrouwen van de bevolking in het coronabeleid van de overheid heeft ‘ondermijnd’ door openlijk te twijfelen aan het nut van mondkapjes. Van Dissel vond aanvankelijk dat mondkapjes konden leiden voor schijnveiligheid, doordat mensen lakser zouden worden met andere voorzorgsmaatregelen. Toen het kabinet in 2020 het dragen van mondkapjes verplichtte, eerst in het openbaar vervoer en later in openbare ruimtes, noemde hij dat een politieke en geen wetenschappelijke keuze. “Door deze uitspraken werd het beleid van de overheid ondermijnd door adviseurs van diezelfde overheid,” stelt de OVV.

De Jonge: Man on the moon

De OVV is kritisch op hoe minister De Jonge communiceerde in de crisis. Volgens de raad had moeten worden gekozen voor een strategie van underpromise and overdeliver: voorzichtig zijn met toezeggingen, zodat er een grotere kans is dat deze kunnen worden waargemaakt. De Jonge echter, zou een the man on the moon-strategie hebben gehanteerd. ‘Een terugkerend patroon waarin de minister van VWS besluiten neemt en toezeggingen doet terwijl nog niet duidelijk is of en hoe die te realiseren zijn.’

Het kabinet heeft al kennis mogen nemen van het rapport en vindt dat de ‘samenhang tussen bepaalde onderwerpen’ uit het zicht geraakt in het rapport. Uit een reactie van toenmalig minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) blijkt dat hij vindt dat de OVV te weinig oog heeft voor de context waarin werd geopereerd. Volgens De Jonge was het onvermijdelijk dat in het onderzoek is gekeken naar losse deelonderwerpen, maar is de totale context daardoor niet goed in beeld gekomen. Zo werden algemene coronamaatregelen ook genomen om de kwetsbare mensen die in verpleeghuizen wonen te beschermen, zo schrijft De Jonge in reactie.

“Dit werpt ook een ander licht op de conclusie dat de situatie in verpleeghuizen onvoldoende aandacht kreeg, nog afgezien van het feit dat juist vroeg in de crisis is besloten tot het bezoekverbod, een van de meest ingrijpende maatregelen tijdens de gehele coronacrisis.”

Dijsselbloem noemt de reactie van De Jonge ‘opvallend’. “Ja, er is hard gewerkt door veel mensen, door iedereen. Maar er moet de bereidheid zijn terug te blikken. Vanuit de verdediging wordt het vaak niet beter. Deze brief stak erbovenuit. Er school iets verongelijkts in. Iedereen mag vinden wat hij wil, maar wij kijken: klopt dit. Uiteindelijk is de kritiek van ons blijven staan.”

Tweesporenaanpak

De OVV adviseert het kabinet veel vaker te oefenen op dergelijke crises. Ook moeten er vanaf het begin veel meer gegevens meegewogen worden, ook ‘minder harde data’: dus niet alleen IC-cijfers, maar ook welzijnsgrafieken. Dat verbreedt de blik en voorkomt een medische tunnelvisie, schetst de raad. ‘En het vermindert het risico dat kwetsbare groepen buiten beeld blijven.’

De OVV adviseert voortaan een tweesporenaanpak: een crisisteam moet zich beraden en adviseren over acute maatregelen, een andere organisatie moet zich richten op de langere termijn, zodat automatisch ook langere termijneffecten buiten de zorg worden meegewogen. Dijsselbloem: “Blijkbaar paste zo’n scenario niet in ons voorstellingsvermogen.”

Het tweede deelrapport wordt rond de zomer verwacht. Dat richt zich op de periode tussen september 2020 en juli 2021. Er komt ook nog een derde onderzoek, naar de periode na juli 2021.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden