PlusAchtergrond

Nederland is het minst duurzame land van de EU, hoe kan dat?

Op de lijst waarop EU-landen worden gerangschikt op het aandeel duurzame energie in hun energiehuis­houding, bungelt Nederland helemaal onderaan. Hoe kan dat?

De koplopers van de lijst, Zweden (54,6 procent) en Finland (41,2 procent) liggen licht­jaren op ons voor.Beeld ANP

1. Staan we er echt zo slecht voor?

Absoluut. In 2018 wekte Nederland slechts 7,4 procent van zijn energie duurzaam op, blijkt uit een door Eurostat gepubliceerd overzicht. Geen enkel EU-land doet het in verhouding slechter. In 2014 wist Nederland Malta en Luxemburg nog onder zich te houden, de laatste jaren alleen Luxemburg. En nu bungelen we dus helemaal onderaan. De koplopers van de lijst, Zweden (54,6 procent) en Finland (41,2 procent) liggen licht­jaren op ons voor.

Er is ook geen land in Europa dat verder achterloopt op zijn doelstelling voor 2020. In het geval van Nederland is dat 14 procent hernieuwbare energie. We komen dus 6,6 procent tekort.

2. Waarom lopen we zo ver achter?

Er zijn wat geografische oorzaken aan te wijzen. Zo is Nederland veruit het dichtstbevolkte land van de EU, met meer dan vijfhonderd inwoners per vierkante meter. Dat is ruim het dertigvoudige van bijvoorbeeld Finland.

Het zorgt ervoor dat in Nederland, gechargeerd gezegd, geen wind­molen wordt geplaatst zonder dat er eerst een actiecomité tegen is opgericht. Voor velden met zonnepanelen hebben we nauwelijks plaats, omdat tweederde van het land in gebruik is als landbouwgrond. En omdat we een land zijn zonder noemenswaardige hoogteverschillen, is waterkracht voor ons ook al geen optie.

Verder moet worden gezegd dat de afgelopen jaren vooral heel veel gepráát is over schone energie. Aan volle overlegtafels werden onder meer een Energieakkoord en een ­Klimaatakkoord gesloten. Geen daden maar woorden, leek het credo.

3. Gaan we de achterstand daardoor nu inlopen?

De doelstelling voor 2020 van 14 ­procent zullen we niet meer halen, voorspelde het Planbureau voor de Leefomgeving eind vorig jaar al. We komen dit jaar waarschijnlijk uit op 11,4 procent duurzame energie. In 2023 zou dat 16 procent moeten zijn, en daarmee halen we precies de ­doelstelling van ons eigen Energie­akkoord.

In 2030 moet het percentage ergens tussen de 27 en 35 procent liggen, dat heeft de regering niet exact bepaald. Wel spijkerhard is de doelstelling voor het terugdringen van broeikasgassen, want daar is het uiteindelijk toch allemaal om te doen. In 2030 moeten we bijna de helft minder uitstoten dan in 1990, en ook dat wordt volgens het bureau nog een hele uitdaging.

4. Is ons beleid voor duurzame energie onomstreden?

Nee. In Nederland wordt de meeste hernieuwbare energie opgewekt met biomassa. Dat zon- en windenergie goed voor het klimaat zijn, staat buiten kijf. Voor biomassa geldt dat niet. Dan gaat het met name om het grootschalig verbranden van houtpellets in onze kolencentrales, zoals die op de Maasvlakte, in Geertruidenberg en in de Eemshaven. Een groot deel van de houtpellets wordt gemaakt van hout uit bossen in bijvoorbeeld Noord-Amerika of de Baltische Staten. Op papier geldt dat als CO2-neutraal, maar een grote groep wetenschappers bestrijdt dat. Zij stellen dat het jaren duurt voor de CO2 die vrijkomt bij de verbranding weer wordt opgenomen door aangroeiend bos. De wetenschappers zijn bang dat Nederland straks op papier zijn doelstellingen haalt, maar dat er in werkelijkheid een veel kleinere bijdrage wordt geleverd aan het oplossen van het klimaatprobleem.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden