Nederland had bij begin crisis meer mensen kunnen testen

In de eerste maanden van de coronacrisis had waarschijnlijk een groter aantal mensen op het coronavirus getest kunnen worden. Ondanks tekorten aan testmateriaal was er wel meer laboratoriumcapaciteit beschikbaar. 

Beeld EPA

Dat concludeert de Algemene Rekenkamer in een rapport dat vanmiddag verscheen. In sommige regio’swas meer capaciteit beschikbaar, dan is benut. Hoeveel meer er getest had kunnen worden, blijft onduidelijk. “Het is niet precies te becijferen hoeveel extra personen er getest hadden kunnen worden.”

De conclusies komen evenwel op een moment dat er toch al veel kritiek klinkt op het testbeleid. Het kabinet ligt hierover de afgelopen weken in toenemende mate onder vuur. Omdat er te weinig testen zijn – en te weinig laboratoria om die te verwerken- verwijten oppositiepartijen minister Hugo de Jonge (Zorg) dat hij onvoldoende heeft gedaan om de capaciteit te maximaliseren.

Volgens de Rekenkamer, die keek naar de periode tot juni, hebben ‘meerdere factoren’ de testcapaciteit onder druk gezet. Zo leidden er ‘vervoersrestricties’ en de ‘snel stijgende internationale vraag’ tot leveringsproblemen van testmateriaal. “Laboratoria houden doorgaans geen grote voorraden aan. De hele testketen kan worden verstoord als in één van de schakels tekorten ontstaan. Een tekort aan bijvoorbeeld wattenstaafjes om tests af te nemen is daarvoor al genoeg.”

Bovendien voelden sommige regio’s al snel schaarste, anderen juist niet omdat de epidemie zich ‘ongelijkmatig over het land’ verspreidde.

Opmerkelijk

Opmerkelijk genoeg heeft Nederland zich in eigen voet geschoten door terughoudend te zijn met het testbeleid, zo is op te maken uit het rapport. Eerst werd alleen geadviseerd mensen in de risicogroep zich te laten testen. Uit het onderzoek van de Algemene Rekenkamer blijkt juist dat internationale leveranciers per land een inschatting hebben gemaakt van de behoefte aan testmateriaal. Ze leverden meer testmateriaal aan landen met een ruimer testbeleid. De leveranciers wilden zo hamsteren van de schaarse middelen voorkomen.

Toch stelt de Rekenkamer dat er sprake is geweest van onvoorspelbare factoren. Achteraf bleek bijvoorbeeld dat zorgmedewerkers en andere doelgroepen zich minder lieten testen dan vooraf was ingeschat door het Ministerie van Volksgezondheid en het RIVM. Daarnaast viel in maart de reguliere zorgvraag onverwacht snel terug waardoor laboratoriumcapaciteit vrij kwam. “Ook dit was niet vooraf ingeschat.”

Bovendien hebben GGD’s de richtlijnen die bepalen wie wel en wie niet in aanmerking komen voor een test “strikter gevolgd dan conform het landelijk beleid nodig was.”

Overigens onderstreept ook de Rekenkamer dat er wereldwijd simpelweg tekorten waren aan testmaterialen. De capaciteit die onbenut bleef lag dan ook echt in de laboratoria: het is niet zo dat er wattenstaafjes waarmee een test was gedaan, niet onderzocht zijn. Het aantal beschikbare testmaterialen was simpelweg kleiner dan de capaciteit om deze te onderzoeken.

Punt van zorg

De Jonge erkende dinsdag dat hij ‘terugkijkend’ eerder de testcapaciteit ‘had kunnen opschalen’, maar dat het ‘in de context van dat moment een niet voor de hand liggend besluit’ was. Dat kwam omdat er begin juli juist minder vraag was naar testen, terwijl er toen 30.000 per dag beschikbaar waren.

De situatie rond het testen is van meet af aan een punt van zorg geweest. Al begin maart waren er tekorten, overigens wereldwijd, waardoor het kabinet een ‘beperkt testbeleid’ invoerde. Alleen personen uit de risicogroep –dus ouder dan 70, of met onderliggende gezondheidsproblemen- mochten toen getest worden.

Ook toen bleef de schaarste een probleem eind maart kondigde De Jonge aan het aantal op te voeren. Op dat moment werden er 4.000 per dag gedaan, maar dat moesten er 17.500 worden.

Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Capaciteitsproblemen

Half april blijkt dat aantal echter nog steeds niet te worden gehaald. Zorgpersoneel, jeugdtrainers, kappers, handhavers en mantelzorgers krijgen in de maand daarna wel toegang tot teststraten, maar het aantal van 29.000 waar de minister naar zei te streven, wordt nog steeds niet gehaald.

Vanaf 1 juni mag iedereen getest worden, maar de capaciteitsproblemen blijken dan nog verre van voorbij. GGD’s zijn overbezet, de uitslag laat langer op zich wachten dan de beoogde 48 uur en sommige teststraten moeten ‘nee’ verkopen.

Het aantal testen staat nu op 38.000 per dag - 270.000 per week – maar ook dat blijkt niet genoeg. Volgens De Jonge worden testmaterialen te laat geleverd en zijn er minder leveranties. Eind oktober hoopt de minister op een testcapaciteit van 70.000 te zitten, zei hij deze week.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden