PlusAchtergrond

Na corona wil iedereen ‘minder markt’ in de zorg. Maar hoe dan?

Met het coronatrauma nog in hun vezels schrijven politici aan grootse nieuwe zorgplannen, met meer ic-bedden en personeel, maar ook met ‘minder markt en meer staat’. Is dat wel zo slim? ‘Duitsland kon juist dankzij de marktwerking massaal testen.’

Zorgmedewerksters op de intensive care van het HMC Westeinde ziekenhuis. Beeld ANP
Zorgmedewerksters op de intensive care van het HMC Westeinde ziekenhuis.Beeld ANP

De marktwerking in de zorg moet minder. Pak willekeurig een verkiezingsprogramma en je komt van links tot rechts kloeke teksten tegen over ongezonde financiële prikkels, over gebrek aan regie bij de overheid, over allerlei eilandjes en te weinig gemeenschappelijk belang. Zelfs de vrije marktliefhebbers van de VVD reppen van ‘doorgeschoten marktwerking’.

In hun plannen schilderen politici een zorgstelsel dat hoge kwaliteit levert, maar ook weinig transparant is, productiegedreven en peperduur (meer dan 100 miljard euro per jaar). En de zorg zal alleen maar verder uit zijn voegen groeien. Zonder aanpassingen wordt bijvoorbeeld een verdubbeling van het aantal verpleeghuisbedden in 2040 verwacht (123.000 plekken erbij, schatten TNO en het RIVM) en een tekort van 700.000 werknemers.

Partijen delen de diagnose – te veel markt, te veel versnippering, te weinig samenwerking –, maar hun medicijn verschilt.

Crisiscapaciteit

Over een aantal richtingen heerst wel zo’n beetje consensus op het Binnenhof. Een: de acute crisiscapaciteit en -organisatie moeten anders. Na het coronatrauma (gebrek aan ic’s, tekort aan beschermingsmiddelen, medicijnproblemen) wil de volgende minister van Volksgezondheid bij een nieuwe pandemie niet weer moeten vertellen dat er nog maar een paar beademingsmachines zijn, dat mondkapjes uit exotische oorden worden ingevlogen en ic-bedden vol liggen.

‘We moeten onze zorg schokbestendiger voor plotse gezondheidscrises maken,’ zo schrijft de VVD. ‘Dat vraagt om investeringen in flexibele capaciteit op de intensive care, voldoende zorgpersoneel en materialen.’

Het is weinig controversieel, net als de wens om medisch specialisten door ziekenhuizen in loondienst te nemen. Een reeks partijen – ook CDA en VVD, al eisen zij het alleen voor beginnende artsen - pleit daarvoor, zodat de medici niet langer eigen baas zijn en vooral per ingreep betaald worden – een ‘perverse prikkel’ – met als doel dat onnodige of onzinnige behandelingen niet meer uitgevoerd worden. Oplopende wachtlijsten zijn dan wel een risico.

Concurrentie

En dan is er nog die vermaledijde marktwerking, de ‘concurrentie’ tussen zorgverleners onderling en verzekeraars. Er bestaat nog maar weinig Haagse liefde voor dit model. Sommige partijen willen de marktwerking bruut afschaffen, anderen hopen op een stevige renovatie, een aantal fracties vindt vooral dat het een tandje minder moet.

Maar hoe dan, is de vraag. Een ‘beetje’ marktwerking gaat lastig, zegt SP-Kamerlid en zorgspecialist Maarten Hijink. “Wij – en GroenLinks ook – willen echt het stelsel aanpassen. Wij willen een Nationaal Zorgfonds zonder eigen risico; de rol van zorgverzekeraars vervalt dan. Er zijn nu tig verschillende verzekeraars en even zoveel opties, mensen snappen er geen hout van. Die concurrentie tussen verzekeraars leidt vooral tot verwarring, mensen schieten er niks mee op.”

Veel andere partijen schuren de scherpe randjes eraf. Zo wil de PvdA een verbod op winstuitkeringen van zorgverzekeraars, het CDA neemt afscheid van ingewikkelde aanbestedingen en ‘productietargets’, D66 wil het vergoedingensysteem niet baseren op het aantal behandelingen maar op de ‘toegevoegde waarde’ voor de patiënt.

Oud-topambtenaar van Volksgezondheid Roel Bekker waarschuwt voor te gemakkelijke anti-marktretoriek. “Er is amper marktwerking in de zorg: een verzekeraar kan niet aan risicoselectie doen, moet iedereen accepteren. Ziekenhuizen weigeren ook geen patiënten”, zegt Bekker, die als secretaris-generaal tien jaar lang de hoogste ambtenaar was bij het ministerie (1997-2008).

“En ik heb ook nog geen advertentie gezien met de oproep ‘laat hier uw blinde darm verwijderen voor de helft van het geld’. En neem de testcapaciteit: we keken jaloers naar Duitsland, waar ze gemakkelijker veel coronatests konden doen. Maar die laboratoria daar concurreren juist stevig en konden daardoor zo groot worden.”

Crisisdraaiboek

Ook ic-voorzitter Diederik Gommers vreest voor te ingrijpende aanpassingen van het zorgstelsel. “Als we maar niet de hele zorg weer gaan omgooien,” zei hij eerder. “Natuurlijk moet je een crisisdraaiboek hebben en flexibel kunnen reageren bij een pandemie. Maar de zorg is waanzinnig goed georganiseerd, ga dat alsjeblieft niet overhoop halen. Centrale aansturing verlamt.”

Snel na de coronacrisis zal ook weer de discussie over de betaalbaarheid van de zorg losbarsten. En die wordt post-corona alleen maar ingewikkelder: veel partijen trekken nu eerst nog flink wat extra geld uit voor de zorg, bijvoorbeeld door salarissen voor personeel te verhogen en het eigen risico (nu 385 euro per jaar) te verlagen of af te schaffen. De boekhoudkundige scheidsrechter van de politiek – het Centraal Planbureau, CPB – ziet dat geen enkele partij nu bezuinigt. VVD, D66, CU en SGP houden de stijgende uitgaven grofweg op peil, maar alle andere partijen doen meer, variërend van 1,5 miljard extra (CDA) tot 14 miljard erbij (SP) de komende drie jaar.

Dat komt dus allemaal bovenop de rekening die van nature al oploopt, met bijna 8 miljard euro tot 2025. In 2019 gaf Nederland meer dan 100 miljard euro uit aan de gezondheidszorg (kinderopvang en welzijn meegerekend), per Nederlander komt dat neer op ruim 6000 euro. En dat wordt meer – een kwestie van vergrijzing en van steeds betere en kostbare zorg.

De grote vraag is dus: hoe blijven die uitgaven binnen de perken? Daarop volgen vooral impopulaire antwoorden. ‘Preventie’ is het veiligste toverwoord, maar daarna wordt het snel pijnlijk. Het basispakket kan kleiner, de eigen bijdragen of premies kunnen omhoog; en er kan strengere ‘triage’ komen: wie krijgt nog welke zorg, wie krijgt nog een plek in het verpleeghuis, welk medicijn wordt nog vergoed?

Toekomstplan blijft nog uit

Maar daar wil vrijwel niemand in Den Haag nog de vingers aan branden. Het kabinet beloofde begin dit jaar met een toekomstplan voor de zorg te komen, maar verder dan een ‘discussienota’ eind december kwamen de bewindslieden van Volksgezondheid tot dusver niet.

In die voorbereidende nota hamert de regering – net als alle politieke partijen – op meer preventie. Ook hier staat de mantra ‘minder markt, meer regie’ in hoofdletters geschreven. De medisch specialisten in loondienst nemen is een optie, meer taken naar gemeenten kan werken, de zorg moet minder als verdienmodel beschouwd worden, lezen we. Maar knopen worden niet doorgehakt.

Wanneer dat wel gebeurt, kan een woordvoerder van het ministerie niet zeggen. “Het heeft tot een enorme hoeveelheid reacties geleid, die worden nu verwerkt.” De kreet ‘minder markt’ zal de eindstreep wel halen, maar de zorgverzekeraars waarschuwen: dat kost geld.

In de woorden van de voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland (in Trouw eind vorig jaar) klonk dat zo: “Moet deze behandeling zo veel geld kosten, is de zorg zinnig? De antwoorden daarop zorgen voor een doelmatigere zorg. Zo houd je de kosten in hand.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden