Update

Mortiergranaat ongeval Mali kon eerder ontploffen: minister overweegt juridische stappen

Het ministerie van Defensie stelt na eigen onderzoek dat de mortiergranaat die in Mali een fataal ongeval veroorzaakte, onbedoeld eerder kon ontploffen. Bij het ongeluk kwamen twee Nederlandse militairen om het leven en raakte één militair gewond. Defensieminister Ank Bijleveld onderzoekt of er juridische stappen tegen de fabrikant mogelijk zijn.

Beeld ANP

Het nieuwe onderzoek werpt volgens de krijgsmacht nieuw licht op de oorzaak van het ongeluk in de zomer van 2016. Daaruit blijkt dat er bij onderdelen van de mortiergranaat sprake was van ‘onnauwkeurige maatvoering’. Het probleem zit in de ontsteker, het puntje van de mortiergranaat. 

Daarin zit een mechaniek dat op scherp wordt gezet als de mortiergranaat de buis waaruit die wordt afgeschoten verlaat. “Maar bij deze partij blijkt dat de ontsteker onbedoeld al eerder op scherp kan worden gesteld, waardoor de munitie kan ontploffen voor het doel bereikt is”, legt een woordvoerder van het ministerie van Defensie uit.

De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) stelde in 2017 in een vernietigend rapport over het ongeval dat door vocht en opslag bij te hoge temperatuur een chemische reactie in de mortiergranaat ontstond, waardoor die in de schietbuit ontplofte. De mortiergranaat stond ten tijde van het ongeval in ‘de veilige stand’ en niet op scherp, benadrukt een woordvoerder van de OVV. “Daar blijven wij achter staan. We gaan goed kijken of dit onderzoek nieuwe feiten bevat.”

Defensie deed het onderzoek omdat het door de OVV werd opgedragen om de elfduizend resterende 60 millimeter mortiergranaten te vernietigen. Daarbij werden de nieuwe problemen met de munitie ontdekt, zo schrijft minister Ank Bijleveld van Defensie aan de Tweede Kamer. 

Voordat de mortiergranaten, die niet alleen in Nederland, maar ook op Aruba en in Duitsland liggen opgeslagen, kunnen worden vernietigd, bracht Defensie de risico’s in kaart. Bijleveld: “Het is onze verantwoordelijkheid te zorgen voor een veilige afvoer en vernietiging. De Commandant der Strijdkrachten heeft daarom opdracht gegeven een plan van aanpak te maken waarbij rekening wordt gehouden met de in beide rapporten geconstateerde gebreken.” De granaten mogen pas vervoerd en vernietigd worden als de Commandant der Strijdkrachten, admiraal Rob Bauer, daar toestemming voor geeft.

Tekortgeschoten

Het nieuwe rapport doet volgens Bijleveld niets af aan de conclusies van de OVV, die stelde dat Defensie ‘ernstig tekortschoot’ bij het waarborgen van de veiligheid van militairen. “De OVV heeft aangetoond dat er in de aanloop naar het dodelijke ongeval veel veiligheidsbarrières zijn weggevallen. Het is zaak dat we blijven leren, ook van nieuwe onderzoeken.”

De mortiergranaten worden door de Nederlandse krijgsmacht niet meer gebruikt, maar wel door andere landen. Defensie heeft de fabrikant van de munitie op de hoogte gesteld van de fouten met de mortieren, ook werd melding gedaan in een speciaal waarschuwingssysteem van de Navo.

De OVV deed destijds ook onderzoek naar eventuele productiefouten. Daarin werd wel geconcludeerd dat het ontbreken van een ‘dwarspin’ kan leiden tot ‘voortijdige wapening’, maar werd dat als oorzaak van het ongeval ‘zeer onwaarschijnlijk’ geacht.

De woordvoerder benadrukt dat de OVV geen aanleiding ziet om de conclusies en aanbevelingen van het rapport uit 2017 te herzien. Na publicatie van dat rapport stapten toenmalig Defensieminister Jeanine Hennis en Commandant der Strijdkrachten Tom Middendorp op. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden