PlusExclusief

Moeten we leren leven met corona? ‘Als circulatie zo hoog is, kún je niet met het virus leven’

Is het Nederlandse zorgsysteem zo te organiseren dat de zorg ook in coronatijd niet in het geding komt? We vragen het de mensen die er middenin staan. ‘Door nu te sturen op de ic-opnames spannen we het paard achter de wagen.’

Phaedra Werkhoven
De intensive cares lopen steeds verder vol met coronapatiënten.  Beeld Jakob Van Vliet
De intensive cares lopen steeds verder vol met coronapatiënten.Beeld Jakob Van Vliet

Is het mogelijk om de zorg coronaproof in te richten? Armand Girbes, hoofd intensive care van het Amsterdamse UMC op de locatie VUmc, denkt van wel. En dat hoeft helemaal niet zo ingewikkeld te worden. “We zijn al een flink eind als we Covid-19 gewoon als onderdeel van de gehele zorg zien,” denkt hij hardop.

“Ziekten zullen blijven komen, maar we moeten het anders gaan organiseren waardoor het behapbaar blijft voor ons als maatschappij. We zien nu dat door dit kleine aantal zieke mensen – momenteel 466 mensen op de ic en 1850 op de verpleegafdelingen (inmiddels: 470 om 1960 patiënten, red.) op 18 miljoen mensen – het zorgsysteem verstopt raakt. Het is toch gek dat ziekenhuizen ontwricht raken door vier extra coronapatiënten op de ic?’’

Om dit in Nederland voor elkaar te krijgen moet het ‘bevoegd gezag’ keuzes durven maken. Maar wie dat dan is, dat is volgens Girbes de essentie van het probleem. “Niemand heeft de overkoepelende regie. Het gaat steeds over geld, de zorgverzekeraars, de angst dat ziekenhuizen failliet gaan door de coronazorg, over de regering die niet doorpakt. Je zag bijvoorbeeld in Frankrijk dat de privéziekenhuizen volop verdienden aan de reguliere zorg, terwijl de publieke ziekenhuizen volliepen met ‘dure’ coronapatiënten, die lang liggen, en daardoor niets verdienden.”

Volgens Girbes kan de zorg daarom beter de coronapatiënten concentreren, net zoals vroeger met tbs en aids, in aparte ziekenhuizen of vleugels van bestaande ziekenhuizen. “In die ziekenhuizen werken verpleegkundigen die misschien parttime in een regulier ziekenhuis werken, voor een dubbel salaris wel fulltime, voor een bepaalde periode. Goede omstandigheden, kinderopvang, boodschappenservice. Dan kun je als verpleegkundige zeggen: ik ga mijn vakantie naar de Bahama’s dit najaar bij elkaar verdienen in het coronaziekenhuis.’’

Geen bottleneck

Waar Girbes niet schrikt van de aantallen besmettingen op dit moment, ziet Bert Mulder, arts en microbioloog en onderdeel van het voormalige Redteam dezelfde cijfers juist met lede ogen aan. Volgens hem ligt de oplossing voor coronaproof zorg vooral in het voorkomen van die besmettingen, waardoor de zorg beheersbaar blijft.

“Een beter bestrijdingsplan is nodig. We moeten stoppen met sturen op de ic-opnames zoals nu wordt gedaan, want daardoor spannen we het paard achter de wagen. Als je weinig ic-bedden hebt, kun je het niet op die bottleneck laten aankomen.’’

“Hoe houd je draagvlak voor maatregelen als een minister een liedje gaat zingen en het mondkapje weggooit?” zucht hij, verwijzend naar veiligheidsminister Grapperhaus. Om de vijfde of zesde golf te voorkomen geldt opnieuw: stuur op besmettingen. “Luisteren naar de WHO en niet eigenwijs zijn: hit hard and early. En probeer te zorgen dat je in de schaakpartij met het virus een keer de eerste zet doet.’’

Coronamelder

Was er, om die besmettingen laag te houden, niet ooit een app bedacht? Karel Moons, hoogleraar epidemiologie aan de Universiteit Utrecht was betrokken bij de ontwikkeling van de Coronamelder- en Coronacheck-app. Hij ziet dat de Coronamelder een zachte dood aan het sterven is; wat hem betreft blaast de overheid er nieuw leven in. “Coronamelder zou echt een goede tool kunnen zijn in de toekomst. Daarmee haal je de besmette mensen er eerder tussenuit.’’

Op dit moment wordt de Coronamelder amper meer gebruikt: slechts 30 procent van de mensen heeft hem op de telefoon. Moons vindt dat het belang ervan te weinig is benadrukt. In plaats daarvan is er gefocust op de Coronacheck – die mensen kunnen gebruiken als toegangscheck bij bijvoorbeeld horeca – maar die app houdt geen zicht op het aantal besmettingen.

“Er had een campagne moeten lopen, naast iedere teststraat een poster: installeer de Coronamelder. Mijn indruk is dat we er te voorzichtig mee zijn geweest, want als iedereen hem gedownload had, hadden we de golf eerder zien aankomen en de GGD kunnen ontlasten in het bron- en contactonderzoek – en daarmee de zorg.’’

Meer capaciteit

In de toekomst kijken blijft moeilijk. Want als we iets zeker weten met corona, is het dat we niets zeker weten, benadrukt Patricia Bruijning, kinderarts en epidemioloog bij UMC Utrecht. “Oplopende besmettingen in het najaar zullen we de komende jaren waarschijnlijk blijven zien, en daar moet je je op voorbereiden. Het is een combinatie van de besmettelijke deltavariant, een vaccinatiegraad die net niet hoog genoeg is en een afnemende immuniteit bij de oudere bevolking.” Om de piek op te kunnen vangen is structureel een hogere capaciteit in de zorg nodig, en dat vraagt volgens Bruijning om beleidskeuzes.

Daarnaast vermoedt ze dat het nodig is voor volgend winterseizoen de risicogroepen opnieuw te vaccineren. Om de piek voor te zijn moet je daar op tijd mee beginnen. “Er zullen toch plekken in de ziekenhuizen nodig blijven voor mensen die zich niet laten vaccineren of bij wie de vaccins niet goed werken.”

Of volgend jaar mensen onder de 60 jaar ook een booster moeten krijgen, is nog niet te zeggen, misschien wel als er te veel besmettingen zijn. “Als we niet ieder jaar in de wintermaanden drie weken de restaurants willen dichtdoen, zullen we ervoor moeten zorgen dat het aantal besmettingen gecontroleerd blijft. Misschien kan ook een booster voor jongere mensen daarbij helpen, maar misschien is het ook niet nodig. We weten het nog niet.”

Geld

Een hoog aantal besmettingen hoeft strikt genomen geen probleem te zijn als iedereen beschermd is tegen de ergste gevolgen van Covid-19. “Het gaat erom dat mensen niet in het ziekenhuis terechtkomen. Je kunt alleen niet elke ziekenhuisopname voorkomen met vaccinatie. Als het virus massaal rondgaat, en heel veel mensen tegelijk ziek worden, gaat het toch weer wringen.”

Het probleem wordt dus minder groot als de zorg wordt uitgebreid, maar dat kost geld. “Ik denk dat we daarin moeten investeren. Met het risico dat het over een paar jaar misschien niet meer nodig is en de ziekenhuizen leeg staan, maar voor de komende jaren kan het wel een oplossing zijn.”

Geen perspectief voor zorgpersoneel

Verpleegkundig specialist in de huisartsenzorg Nienke Ipenburg vindt het veel te vroeg om te zeggen dat we met het virus moeten leren leven. “Dat is namelijk heel hard werken. Dit virus is niet normaal. Op het moment dat de viruscirculatie zo hoog is, kún je niet met het virus leven.”

Volgens Ipenburg moet er ‘veel beter geluisterd worden’ naar verpleegkundig personeel dat het voor gezien houdt. Wat hebben zij nodig om te blijven? “Het zal jaren duren voordat we het zorgsysteem op een nieuwe manier hebben ingericht. Maar een deltaplan is wel nodig. Alle reserves zijn uitgeput en er is voor mensen die in de zorg werken nu geen perspectief dat het beter wordt. Onze zorg is op geen enkele manier voorbereid op wat voor uitbraak dan ook.”

Het is ingewikkeld om over de huidige crisis heen te kijken, aldus Ipenburg, die nu zelf voor de tweede keer plat ligt met corona. Ze is teleurgesteld in het gemak waarmee zij en haar collega’s aan gevaren zijn blootgesteld. Ze vindt dat de verantwoordelijkheid bij de politiek ligt, omdat corona een infectie A-ziekte is, net zoals polio, pokken en Mers, wat wil zeggen dat er wettelijke maatregelen aan hangen, zoals thuisisolatie en quarantaine.

“Mensen moeten struikelen over de juiste informatie, over de voorlichting wat ze moeten doen. Het belang van testen uitleggen, het tegengaan van desinformatie. Eerlijk zijn over de vaccinaties. We vaccineren ons niet deze crisis uit. Vaccinaties zijn heel belangrijk, maar met zo’n grote viruscirculatie zijn we er nog lang niet.”

Kwaliteit

Sander de Hosson, longarts uit Groningen, kan er moeilijk iets over zeggen, omdat hij te druk is met de coronazorg op dit moment. Volgens hem ligt een oplossing sowieso in het zorgen dat het zorgpersoneel niet wegholt uit de zorg. “Ga dat tegen. Ik schrik dat 43 procent van de verpleegkundigen binnen twee jaar wat anders gaat doen.”

IC-baas Girbes van het VUmc denkt dat er in de loop van de jaren minder coronapatiënten zullen komen, in de winterperiode zo’n twee- tot driehonderd op de ic’s en zo tussen de 1200 en 1500 op de verpleegafdelingen. “Dat betekent dat de bestaande capaciteit iets vergroot moet worden als je de kwaliteit van zorg wil blijven bieden van vóór corona. Het zal zo zijn dat de risicogroepen en mensen die dat willen, ik zou zeggen vanaf vijftig jaar, in het najaar een coronaprik halen.”

Hij verwacht dat oudere mensen, die sowieso meer risico lopen, in het coronaseizoen misschien meer afstand zullen gaan houden en moeten opletten. “Naarmate je ouder wordt, loop je meer risico dat corona voor jou uiteindelijk de nekslag kan zijn, net als griep of diarree. Maar we gaan niet meer geobsedeerd de aantallen besmettingen bijhouden, nee, het heerst. Punt.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden