PlusDe Klapstoel

Marcel Levi: ‘Wie adviseert onze minister eigenlijk?’

Marcel Levi (1964) is internist en hoogleraar geneeskunde. Deze maand verruilde hij het directeurschap van het grootste ziekenhuis van Londen voor de Nederlandse wetenschapsorganisatie NWO.

Marcel Levi. Beeld Harmen de Jong
Marcel Levi.Beeld Harmen de Jong

Amsterdam

“Mijn ouders woonden op de Warmoesstraat. Mijn vader was nog bezig met zijn studie, dus ze hadden niet veel geld en woonden met twee kleine jongetjes op een kamertje. Niet veel later zijn we naar Amstelveen verhuisd, waar hij een huisartsenpraktijk begon. Heel ouderwets: hij deed nog bevallingen en had eerste hulp aan huis. Het hele gezin hielp mee. Ik mocht de praktijk schoonmaken, kon ik lekker overal aan zitten. Dokter zijn, ik vond het magisch. Ik keek enorm op tegen mijn vader.”

Koosjer

Kosher style zoals dat heet: geen varkensvlees en schelp- en schaaldieren. Wij zijn modern-orthodox opgegroeid: niet liberaal, maar het Joodse gedachtegoed wel op je eigen manier invullen. Ik ben naar de Joodse kleuterschool geweest. Daar trokken mijn ouders een streep. Alleen maar Joodse vriendjes, dat vonden ze gettovorming.”

“Dat heeft ook te maken met hun oorlogservaringen. Niet dat daar thuis over werd gepraat, maar daar kom je langzaam maar zeker achter. Zij vonden dat veel van de problemen van de Joden voortkwamen uit het feit dat ze niet ­stevig verankerd waren in de Nederlandse samenleving. Mijn vader zat als kind onder­gedoken in Den Bosch en had een prima tijd, maar mijn moeder werd met haar zusje van het ene onderduikgezin naar het andere gesleept, voordat ze in Limburg goed terechtkwamen. Vaak ging het die mensen alleen om het geld. Op vakantie mogen we van haar nog net door Duitsland rijden, maar dan wel heel hard.”

Rosarium

“Ik zat er als student in de bediening en later stond ik er in de keuken. Sla wassen en asperges schillen. Beetje bij beetje leerde ik van chef Otto moeilijker dingen. Ik heb horeca altijd leuk gevonden. Op de middelbare school runde ik al de schoolkantine. Ik heb toen ook mijn vak­bekwaamheidsdiploma’s gehaald. Ik mag een restaurant beginnen. Misschien doe ik dat nog wel eens, maar nu even niet.”

NWO

“Mijn hart klopt sneller van de wetenschap. Het was net de baan die ik zocht, na meer dan 35 jaar in het ziekenhuis. Ik ben nu ook voorzitter van de kenniscoalitie: voor het eerst is het gelukt om iedereen die iets te maken heeft met wetenschap bij elkaar te brengen. Nederland moet meer investeren in onderzoek en ontwikkeling. Tot voor kort ging ieder gebiedje voor zijn eigen plan en was het resultaat dat het geld naar Defensie ging. We zullen duidelijker moeten maken dat wetenschap geen misplaatste hobby is, maar een zinvolle investering. Anders denken ze straks weer: laten we die kers alvast van de taart halen.”

Wiebelbeen

“Ik heb twee opvallende eigenschappen. Ik ben ongeduldig en ik heb last van verschrikkelijke non-verbale communicatie. Dat komt samen in mijn been. Dat begint te wiebelen als ik denk: dit gaat te langzaam. Dokters hebben nog wel eens de neiging om eindeloos door te zemelen als ze moeten vertellen wat er met een patiënt aan de hand is: ‘Toen viel ze over de kat en kwam de buurvrouw binnen en die zei, maar meid, je moet naar de dokter, want de buurvrouw was net zelf naar de dokter geweest...’ Terwijl ik gewoon wil weten: dit is mevrouw Jansen en ik denk dat ze een longontsteking heeft. Dan kun je het ergens over hebben.”

Vaccinatiepaspoort

“Ik vind dat mensen zich moeten laten vaccineren. Ik heb die prikken een jaar geleden zelf al gehad bij een onderzoek en het werkt prima. Ik heb in Londen het programma geleid en ook geholpen met vaccineren. Gewoon omdat ik het leuk vond om te zien hoe dat ging. Het was feest. Maar ik vind dat mensen wel de vrijheid moeten hebben om nee te zeggen. Het is toch een prik door je huid heen. Een vaccinatiepaspoort is een verkeerde prikkel: mensen laten zich vaccineren omdat ze daarmee naar een popconcert kunnen of op vakantie naar Spanje. Zo van: doe dan maar. Je ontneemt ze echte keuzevrijheid en recht op zelfbeschikking. Misschien ben ik een beetje te principieel, maar ik vind dat toch belangrijk.”

AstraZeneca

“Wat een bende, hè. Een bijwerking? Buiten­gewoon interessant, vanuit wetenschappelijk oogpunt, maar extreem zeldzaam en gewoon domme pech. Ik heb er geen goed woord voor over hoe de overheid dit aanpakt. Zogenaamd voor de veiligheid lassen ze pauzes of beperkingen in, maar daarmee brengen ze juist schade toe aan veel meer mensen, die nog langer moeten wachten op hun vaccinatie.”

“Ik wil niet flauw doen of overmatig kritisch: maar wie adviseert onze minister eigenlijk? Met vijfhonderd specialisten uit de hele wereld hebben we een WhatsAppgroep om kennis uit te wisselen. Toen de regering plotseling een prikpauze instelde, zeiden we tegen elkaar: wie is er iets gevraagd? Niemand. Ze laten zich gewoon niet adviseren door mensen die er verstand van hebben. Iedereen praat hier door elkaar, en dan zijn ze ook nog eens anderhalve maand te laat begonnen met vaccineren. In Engeland is geen enkele twijfel over AstraZeneca. Daar wordt het met volle tevredenheid gegeven.”

Maurice de Hond

“Als kleine jongen luisterde ik elke zaterdag op de radio naar In de Rooie Haan. Daar kwam Maurice de Hond vertellen over de laatste opiniepeilingen. Plotseling wilde hij me interviewen voor zijn website. Leuke gesprekken. Ik wist dat hij iets had met mondkapjes en druppels, maar wat ik vanuit Engeland niet door had was dat hij in Nederland een nogal polariserend standpunt had ingenomen. Zo raak je zonder dat je er erg in hebt in zo’n kamp. Naïef van me. Niet zo slim. Maar goed: we zijn een democratie. Iedereen mag vinden wat hij vindt, ik heb er niet zoveel op tegen. Natuurlijk: die mensen op het Museumplein sporen niet, maar het zijn er ook maar heel weinig. We besteden er veel te veel aandacht aan.”

Linkernier

“De rechternier had een extra bloedvaatje. Dan neemt de chirurg bij voorkeur de andere. Geen seconde spijt gehad. Ik heb geweldige reacties gekregen van mensen die er ook over denken om een nier te doneren. Waar ik iets minder van ben gecharmeerd is dat er een soort barmhartige Samaritaan van me wordt gemaakt. Dat was helemaal niet de reden om het te doen. Ik weet niet hoe het nu met de nier gaat. Ik leef in de waan dat hij het heel goed doet. Dat is een heel leuke gedachte.”

Londen

“De stad is fantastisch, maar ging me ook een beetje tegenstaan. Ik woonde in Bloomsbury, aan Tottenham Court Road. Een vrij nette Londense buurt, maar ’s avonds leek het wel een camping: veertig tenten met daklozen. En wat je allemaal zag aanspoelen in het ziekenhuis. Dat zou je in Afrika nog wel verwachten, maar niet in West-Europa. In Engeland zien de ziekenhuizen er sowieso vaak uit als bouwvallen. In Nederland zijn het bijna kathedralen. Je gaat het pas zien als je weg bent geweest: wij leven in een sociaal en prettig land. Hier is alles netjes en goed geregeld. De straten, de fietspaden zonder kuilen, Nederland is een paradijs. Ik ben nu net een paar weken terug in Amsterdam en ik vind het geweldig.”

Stropdas

“Alleen voor de koning en koningin. Ik draag een stropdas als ik denk dat als ik hem niet draag ik er iemand mee voor het hoofd stoot. Dat komt gelukkig vrijwel nooit voor. Ik ben lange tijd de dokter geweest van prins Claus. Die was ook al niet zo van de stropdassen, maar als hij naar het ziekenhuis kwam, deed ik toch maar snel een das om. Een keer kwam hij binnen toen het best wel spannend was. Ik dacht: sta ik hier met mijn das. Ik heb hem afgedaan en heb er nooit wat van gehoord. Een das is een totaal zinloos attribuut en je krijgt er ook nog eens minder bloed van naar je hoofd.”

Italië

“Ik kwam er als onderzoeker toen ik moest wachten op mijn coschappen. Ik werd meteen verliefd op het land en dacht: als ik later veel geld verdien, wil ik hier een huis kopen, maar toen het eenmaal zover was bleek het toch een beetje te duur. Samen met mijn broer lukte het wel. We hebben een mooi huis op een heuveltje met een zwembad en een grote tuin. We hebben olijfbomen en druiven: Sangiovese. Als je bij Albert Heijn San Cristina koopt, heb je kans dat er een druif van ons in zit.”

“Het is een klein dorpje waar ongeveer vijftig mensen wonen, uit drie families. Zij passen op onze tuin en onze druiven. Ik doe hun suikerziekte en pacemakers. Omdat ik er vlakbij in Perugia heb gewerkt, is het voor mij makkelijk om ze naar het ziekenhuis te krijgen voor een scan of zo. Het is een sprookje.”

Minister

“Journalisten vragen altijd of ik het wil worden. Ik geef er geen antwoord meer op, want dat is dan meteen de kop van het artikel. Het is niet aan de orde, laat ze eerst maar eens onderhandelen over een regeerakkoord. De politiek interesseert me wel. Fascinerend: in Engeland is liegen in de politiek volstrekt normaal. Als Boris Johnson iets zegt wat niet waar is, haalt iedereen zijn schouders op, want hij zegt de hele tijd dingen die niet waar zijn. En wij maar boos zijn op Mark Rutte.”

Sosha Duysker

Het Klokhuis? Ik heb geen kinderen. Dat ervaar ik als een gemis, ja. Het is er op een of andere manier niet van gekomen. Niet dat ik er dagelijks onder gebukt ga, maar ik vind kinderen wel heel leuk. Ik beleef nu veel plezier aan de kinderen van anderen. En ik vind het ook wel weer prima als ze zondagavond naar hun eigen huis gaan.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden