PlusAchtergrond

Mag Cora van Nieuwenhuizen zomaar lobbyist worden? ‘Je kunt bijna alles flikken’

Minister Cora van Nieuwenhuizen wordt lobbyist. Kan dat zomaar? Het is hoog tijd dat er regels komen om belangenverstrengeling te voorkomen. ‘Maar we kunnen ook niet van ze verwachten dat ze de rest van hun leven niets meer doen.’

Cora van Nieuwenhuizen stapte eind augustus op als minister van Infrastructuur en Waterstaat en gaat vanaf 1 oktober lobbyen voor de energie­branche. Beeld Hollandse Hoogte / Guus Schoonewille fotografie
Cora van Nieuwenhuizen stapte eind augustus op als minister van Infrastructuur en Waterstaat en gaat vanaf 1 oktober lobbyen voor de energie­branche.Beeld Hollandse Hoogte / Guus Schoonewille fotografie

Toen de formatie dinsdag klapte – en het proces weer van voren af aan moest beginnen – kondigde minister Cora van Nieuwenhuizen (VVD) aan dat het wat haar betreft lang genoeg heeft geduurd. De minister van Infrastructuur en Waterstaat wordt voorzitter van de branchevereniging van energiebedrijven. Ze memoreerde fijntjes dat ‘we nu een half jaar na de verkiezingen zijn’.

Haar vertrek zegt veel over de uitzichtloosheid in Den Haag. Deze zomer koos D66’er Stientje van Veldhoven, staatssecretaris op ­hetzelfde ministerie, al voor een andere baan. Blijkbaar zijn ook politici zelf het wachten op een nieuw kabinet beu. VVD-leider Mark Rutte erkent dat ‘het niet helpt dat de formatie zo lang duurt’. “Maar we willen ook niet dat mensen lang wachtgeld hebben,” sprak hij vergoelijkend over de keuze van partijgenoot Van Nieuwenhuizen om alvast ander werk te accepteren.

Voormalig Kamervoorzitter Khadija Arib was altijd streng over Kamerleden die tussentijds vertrokken. Dat is ze ook over Van Nieuwenhuizen en Van Veldhoven. Ze verwijt hen ‘gebrek aan verantwoordelijkheidsbesef’. “Minister of staatssecretaris zijn is geen baantje, maar een ambt. Je dient het land. Daar zo lichtzinnig mee omgaan, schaadt het vertrouwen in politici.”

Geen nieuw probleem

De overstap van de bewindslieden roept ook twijfels op over integriteit en belangenverstrengeling. Zo nam Van Nieuwenhuizen– na het vertrek van partijgenoot Eric Wiebes in januari – vijf dagen zijn ministerschap waar op Economische Zaken en Klimaat (EZK) en nu gaat ze vanaf 1 oktober ze lobbyen voor de energiesector.

En het is geen nieuw probleem. De anticorruptieafdeling van de Raad van ­Europa heeft Nederland al diverse keren op de vingers getikt en erop aangedrongen regels op te stellen voor nieuwe banen van oud-bewindslieden om belangenverstrengeling te voorkomen. In andere landen geldt voor hen bijvoorbeeld een verplichte afkoelperiode na hun aftreden. Ook de Orga­nisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling vindt dat Nederland achterloopt met regels voor politici die hun kennis van de overheid meenemen naar elders.

Het huidige (demissionaire) kabinet laat regelgeving evenwel over aan een nieuw kabinet. De plannen die tot nu toe zijn bedacht, kunnen geen van allen op een Kamermeerderheid rekenen.

Het ligt ook niet heel zwart-wit, stelt Arco Timmermans, hoogleraar public affairs aan de Universiteit Leiden. “Links roept snel dat het niet kan als een bewindspersoon aan de slag gaat in het bedrijfsleven. En rechts doet hetzelfde als iemand bij een organisatie gaat werken die met belastinggeld wordt gesubsidieerd. Maar we kunnen niet van oud-bewindspersonen verwachten dat ze de rest van hun leven niets meer doen. Partijen hebben het al zo moeilijk om geschikte mensen te vinden die dit werk willen doen. Wie lid wordt van een kabinet, loopt een enorm afbreukrisico.”

Toch maakt dat de overstap van Van Nieuwenhuizen nog niet in orde, stelt Timmermans. “Het probleem is dat er amper regels zijn. Daardoor kun je bijna alles flikken.”

Ethische grenzen

Als bewindslieden aantreden, krijgen ze het zogenoemde blauwe boek met gedragsregels. Op pagina 45 van dat boek staat dat oud-bewindspersonen tot twee jaar na hun aftreden geen contact mogen hebben met medewerkers van hun voormalige ministerie als ze lobbyist worden voor een bedrijf of andere organisatie. Maar die regel is alleen afdwingbaar via de ambtenaren. Zíj zijn in overheidsdienst en kunnen een sanctie krijgen als ze gedragsregels overtreden. Van oud-bewindslieden wordt verwacht dat ze zelf de ethische grenzen bewaken.

Dat oud-bewindslieden aantrekkelijk zijn voor lobbybedrijven, snapt Timmermans wel. Ze hebben immers ingangen bij politici en ambtenaren in Den Haag. Inderdaad gaan veel politici na hun Haagse loopbaan aan de slag bij een belangenorganisatie. Voormalig staatssecretaris Menno Snel ging in juni aan de slag bij de branchevereniging voor olie- en gasindustrie.

Van Nieuwenhuizen zegt dat ze zich nooit inhoudelijk met energie heeft beziggehouden en dat ze tijdens haar invalbeurt van vijf dagen op het departement van EZK niet eens ‘een voet in het ministerie gezet’. En wie zijn oor te luisteren legt bij de nog zittende leden van het kabinet hoort hen mompelen dat ze de ophef over­trokken vinden. In ministerraden komen alle denkbare beleidsterreinen voorbij. Zo kun je elke vervolgstap in iemands politieke carrière wel verdacht maken.

Timmermans snapt dat sentiment, maar vindt dat bewindspersonen toch langer moeten nadenken voor ze een andere baan accepteren. “Van Nieuwenhuizen hoefde toch niet meteen lobbyist zo dicht bij haar terrein te worden? We hebben niet voor niets een wachtgeldregeling. Dit bevestigt alleen maar alle vooroordelen. Bewindslieden moeten beseffen dat ze een voorbeeldfunctie hebben! Of denkt Van Nieuwenhuizen echt dat ze geen ander werk had kunnen vinden als ze netjes op het aantreden van een nieuw kabinet had gewacht?”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden