Plus Achtergrond

Kan een hersenscan de rechter helpen?

Scans van het hoofd van een 46-jarige vrouw. Bepaalde hersenactiviteiten kunnen een rol gaan spelen in de opsporing. Beeld Getty Images/Science Photo Libra

De wetenschap legt steeds meer bloot van brein en gedrag. Dat raakt ook het strafrecht, zegt filosoof en psychiater Gerben Meynen. ‘Moeten we een techniek toestaan die gedachten leest?’

Gerben Meynen heeft wel een concreet voorbeeld. Een waargebeurde casus over de relatie tussen hersenveranderingen en crimineel gedrag. Het betreft een 40-jarige leraar zonder strafblad die ineens interesse in kinderporno aan de dag legt. Hij maakt avances bij zijn stiefdochter, die haar moeder inlicht, waarna de zaak uitkomt. De rechter oordeelt dat de man schuldig is en hij wordt behandeld met libidoverminderende medicatie en een programma voor seksverslaving, wat de man niet kan volhouden.

Buiten de onsuccesvolle behandeling klaagt de man over hoofdpijn en hij meldt zich in een ziekenhuis. Opvallend is dat hij zich nauwelijks schaamt als hij publiekelijk zijn plas niet kan ophouden. Tijdens het neurologisch onderzoek in het ziekenhuis toont hij seksuele interesse in het vrouwelijk personeel. Een hersenscan laat een hersentumor zien.

Na een operatie verdwijnt het seksueel ont­remde gedrag van de man. Om terug te keren als ook de tumor weer groeit. En opnieuw te verdwijnen als hij voor de tweede keer is geopereerd. Daarmee lijkt aangetoond dat de hersentumor verantwoordelijk was voor het strafbare gedrag. Toch is er discussie over: kon de man zijn gedrag echt niet controleren, ook niet in het begin van de ziekte?

Ook in het strafrecht spelen hersenscans al een rol. In meer dan 70 zaken werd neurobiologische informatie gebruikt om toerekeningsvatbaarheid bij een verdachte vast te stellen.

Maar ook op systemisch niveau zijn de neurowetenschappen van invloed geweest op het Neder­landse strafrecht. Sinds 2014 bestaat het adolescentenstrafrecht. Dat maakte een einde aan de strikte scheiding tussen het jeugd- en het volwassenenstrafrecht bij de leeftijd van 18 jaar.

Rechters kunnen er nu voor kiezen verdachten tot 23 jaar toch volgens het jeugdstrafrecht te berechten, waarbij de nadruk meer ligt op gedragscorrectie dan op straf. Het brein rijpt door tot ver na je achttiende, zo ontdekten hersen­wetenschappers, wat mede de aanleiding vormde voor de aanpassing.

Radicaal nieuwe blik

Wat Meynen betreft moeten de inzichten van de neurowetenschappen ook worden toegepast op gevangenisstraf. In een onderzoek onder 37 gedetineerden in de Bijlmerbajes toonde hij met onder anderen neuropsycholoog Erik Scherder, hoogleraar aan de Vrije Universiteit, aan dat na drie maanden gevangenis gedetineerden impulsiever gedrag laten zien. Vermoedelijk is dit het gevolg van de prikkelarme omgeving. Die toename van impulsiviteit vergroot na vrijlating de kans op recidive, terwijl gevangenisstraf crimineel gedrag juist wil terugdringen.

“Minister Sander Dekker van Rechtsbescherming vond het, in reactie op Kamervragen hierover, niet nodig om daar verder onderzoek naar te doen,” aldus Meynen. “Terwijl het een radicaal nieuwe blik kan werpen op deze wijze van straffen. Misschien moet de detentieomgeving op de helling om de recidive te beperken.”

Elon Musk

Het is niet met Tesla, maar met Neuralink dat de Amerikaanse ondernemer Elon Musk in de toekomst misschien grote invloed zal hebben op het strafrecht. Neuralink richt zich op de wisselwerking tussen het brein en machines.

Ook bedrijven als Facebook en Google houden zich daarmee bezig. “De zoektocht van techbedrijven kan leiden tot vormen van hersenlezen of gedachte­lezen,” zegt Meynen.

In dit verband is ook P300 interessant. P300 is de naam voor een elektrisch signaal dat in de hersenen ontstaat als mensen iets heel relevant vinden, bijvoorbeeld vanwege herkenning. Het maakt een vorm van gedachtelezen mogelijk.

Een moordverdachte die zich beroept op zijn zwijgrecht kun je, in theorie althans, confronteren met het gebruikte mes, de bebloede trui van het slachtoffer en een foto van de plaats delict. Hoe meer P300-signalen, hoe aannemelijker het is dat de verdachte ook daderkennis heeft.

De techniek is nog niet zuiver genoeg, maar kan op den duur wellicht worden gebruikt bij opsporing. “Daarom moeten we nu al nadenken of je het mag gebruiken,” aldus Meynen. “Een verdachte mag in bepaalde gevallen dna-onderzoek niet weigeren, maar hoe staat het met dit soort vormen van gedachtelezen?”

Techbedrijven zullen ook op een andere manier van zich laten horen, verwacht Meynen. Ze lopen voorop in het meten van de wereld. Het is hun corebusiness om uit de grote hoeveelheden data die ze verzamelen, met behulp van algoritmen menselijk gedrag te voorspellen. Hoewel het voor het strafrecht nu nog een stip is op de horizon, kunnen die technieken in combinatie met neurowetenschappen mogelijk grote impact hebben.

Zweeds onderzoek toonde dit jaar aan dat het voorspellen van recidivegedrag met behulp van hersenscans aanzienlijk verbetert. Als bekende risicofactoren, zoals iemands justitiële voor­geschiedenis en het al dan niet hebben van werk, worden aangevuld met informatie van het brein, is nauwkeuriger aan te geven wat de kans op reci­dive is dan zonder.

“Een betere voorspelling is om twee redenen van belang,” zegt Meynen. “Je kunt de maatschappij beter beschermen en mensen met een laag recidiverisico hoeven niet onnodig lang te worden vastgehouden.”

Lobotomie

De enige keer dat iemand een Nobelprijs kreeg voor een psychiatrische ingreep (António Egas Moniz in 1949) werd met terugwerkende kracht vastgesteld dat het eigenlijk een barbaarse ­operatie was. Via neus, oogkas of met schedelboring werden bij mensen die leden aan psychoses, dwangstoornissen of andere onbehandelbare aandoeningen verbindingen in het voorste gedeelte van de hersenen vernietigd.

De behandeling was soms effectief, maar had veel bijwerkingen. Mensen overleden tijdens de operatie, verloren het vermogen om te plannen, raakten het kortetermijngeheugen kwijt of ze werden heel impulsief. De methode werd uiteindelijk verboden.

Nieuwe methoden zoals diepe hersenstimulatie behoren inmiddels echter tot de mogelijkheden. Met deze methode, waarbij met een elektrode stroomsignalen in de hersenen worden afgegeven, kunnen bijvoorbeeld parkinson­verschijnselen worden verminderd. Wellicht is deze techniek in de toekomst ook toepasbaar bij zedendelinquenten.

Meynen heeft geen pasklaar antwoord op de vraag of dat in de forensische psychiatrie dan ook geoorloofd zou moeten zijn. “Forensisch psychiaters kunnen ook patiënten met libidoremmers behandelen, maar voor diepe hersenstimulatie heb je een operatie nodig. Dat is ingrijpender, al kun je de elektrode wel aan- en uitzetten.”

De oratie die Meynen deze week uitsprak, had als titel Neurorecht: hoop of hersenschim?. Ook daarin klinkt door dat hij geen conclusies trekt, maar ethische dilemma’s opwerpt.

Forensische psychiaters die de rechter nu een deskundig oordeel moeten geven over het mentale leven van de verdachte, zijn vooral afhankelijk van wat die er zelf over zegt. Met daarbij het risico op valse informatie. De verdachte die de stemmen met moordopdrachten in zijn hoofd verzwijgt, kan wellicht een tbs-maatregel ont­lopen.

Neurowetenschappen bieden psychiaters in de toekomst misschien meer mogelijkheden om ‘in iemands hoofd te kijken’. “Ook al is dat nu niet altijd heel concreet, we moeten er wel al over nadenken. We moeten ons niet door zulke ontwikkelingen laten overvallen.”

Gerben Meynen, Culemborg, 25 december 1971. Gerben Meynen is filosoof en psychiater. Hij werkt als behandelend psychiater bij de Amsterdamse instelling GGZ InGeest. Aan de Vrije Universiteit is hij bijzonder hoog­leraar ethiek en ­psychiatrie en aan de Universiteit Utrecht is hij hoogleraar forensische psychiatrie. Dinsdag sprak hij in Utrecht zijn oratie uit. Beeld Ed van Rijswijk
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden