Plus

Kaag formeert vrolijk verder: is haar positie aan de onderhandelingstafel beter geworden?

Na de aftocht van Sigrid Kaag en Ank Bijleveld resteert een zwaargehavend kabinet, waar de stemming tot onder het nulpunt is gedaald. Hoe moet het verder in de ministerraad en met de kabinetsformatie?

Defensieminister Ank Bijleveld (CDA) stapte vrijdag op. Beeld Bart Maat/ANP
Defensieminister Ank Bijleveld (CDA) stapte vrijdag op.Beeld Bart Maat/ANP

1. Sigrid Kaag formeert na haar aftreden als minister van Buitenlandse Zaken vrolijk verder. Is haar onderhandelingspositie veranderd?

Ja, dat kun je wel zeggen. Hoewel ze bij D66 bezweren dat ‘er niets is veranderd aan de inzet’, zal Kaag zich een stuk vrijer voelen om de D66-wensen op de onderhandelingstafel te gooien. Zij hoeft immers geen rekening meer te houden met de verhoudingen binnen de demissionaire ministersploeg, waarvan ze prominent lid was.

Dat betekent niet dat ze nu opeens buitensporige eisen gaat stellen, zeggen ingewijden. Zo is ze nog steeds bereid om met VVD-leider Mark Rutte in een nieuw kabinet te stappen. Ook zou ze geen wrok koesteren richting PvdA, GroenLinks en ChristenUnie: het drietal dat de motie van afkeuring steunde die tot haar aftreden leidde. “De relatie met hen is prima, ze kijkt er heel zakelijk naar,” zegt een D66-bron.

De positie van Kaag lijkt niet zwakker te zijn geworden. Rutte noemde haar na haar aftreden ‘een heel grote mevrouw’. Hij heeft haar nog steeds nodig voor een nieuw kabinet.

Informateur Johan Remkes heeft voor vandaag en morgen – als Kaag met Rutte en CDA-leider Wopke Hoekstra in Hilversum onderhandelt over een nieuw kabinet – een ‘volle werkagenda’ opgesteld, weten betrokkenen. Een groot voordeel voor Kaag is dat ze daarbij haar handen vrij heeft, ze hoeft geen ministerie meer te runnen. “Haar agenda is ineens een stuk leger,” zeggen ze bij D66.

Een extra voordeel is dat Kaag – mócht het uitlopen op nieuwe verkiezingen – in de verkiezingscampagne altijd kan zeggen dat ze ‘haar verantwoordelijkheid heeft genomen’. In tegenstelling tot Rutte, die afgelopen april bleef zitten na een motie van afkeuring.

2. Wie neemt het stokje van Kaag over als demissionair minister van Buitenlandse Zaken?

Tom de Bruijn (72), de in augustus ingevlogen D66-minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking. Hij is tijdelijk gepromoveerd tot minister van het hele departement. Dat duurt waarschijnlijk niet lang, want voor de rest van de demissionaire kabinetsperiode gaat de VVD op zoek naar een vervanger. Niet D66, want de VVD heeft sinds de vorige formatie de eerste aanspraak op de post.

Daarmee krijgt het ministerie de zesde (!) minister van Buitenlandse Zaken in vier jaar tijd. Halbe Zijlstra (VVD) moest aftreden na zijn ‘datsja-leugen’, Sigrid Kaag nam de post na zijn aftreden al even waar, Stef Blok (VVD) ging in een stoelendans in het kabinet naar Economische Zaken, daarna maakte Kaag e definitief promotie, gevolgd door De Bruijn en straks de nu nog onbekende VVD-minister.

3. Wat is in de ChristenUnie gevaren, nu de partij zich steeds nadrukkelijker afkeert van het demissionaire kabinet?

Eerlijk is eerlijk: ChristenUnie-Kamerlid Don Ceder hoorde al langer bij het clubje meest kritische Kamerleden in de Afghaanse tolkenkwestie. Oók toen de Afghaanse hoofdstad Kabul was gevallen, stelde hij stevige vragen aan de bewindslieden. Daarbij ijvert zijn partij al sinds jaar en dag voor een ruimhartiger vluchtelingenbeleid. Wat dat betreft is de steun van de ChristenUnie voor de motie van afkeuring geen verrassing.

Maar de partij is onderdeel van de demissionaire coalitie, die doorgaans alle bewindspersonen steunt. Dat dit nu niet gebeurde, heeft volgens ingewijden te maken met de gebrouil­leerde relatie tussen ChristenUnieleider Gert-Jan Segers en Kaag. De D66-leider zei een maand geleden dat ze niet verder wilde regeren met de ChristenUnie, tot ongenoegen van Segers. Ingewijden vermoeden wraak.

Steun aan de motie bracht de christelijke partij bovendien in een gekke spagaat, want de motie keurde het handelen van het hele kabinet af: niet alléén dat van Kaag. Landbouwminister Carola Schouten is vicepremier namens de ChristenUnie en zit sinds de verkiezingen ook in de Tweede Kamer. Zij stemde als Kamerlid vóór een motie die ook haar eigen handelen afwees.

Volgens ChristenUnieminister Arie Slob (Basis- en Voortgezet Onderwijs) heeft de Tweede Kamer ‘het grondwettelijke recht’ om een oordeel te geven over het kabinetsbeleid. Dat zijn partij de motie van afkeuring steunde, wil volgens hem niet zeggen dat Kaag had móéten opstappen. Dat was haar eigen keuze. Het ging namelijk niet om een motie van wantrouwen; als die wordt aangenomen, stapt een bewindspersoon vrijwel altijd op.

4. Kan het demissionaire kabinet nog wel door­regeren in zo’n ijzige sfeer?

Het moet wel, zeggen betrokkenen, al wordt de sfeer er zeker niet beter op. Ga maar na: bewindspersonen van elke partij zitten met krassen aan de tafel van de ministerraad. Rutte – ooit veelgeprezen vanwege zijn personeelsbeleid – ziet voor de zoveelste keer ministers vertrekken.

De verhoudingen tussen D66 en ChristenUnie waren al beroerd, maar de laatste restjes genegenheid zijn nu wel verdwenen. Het CDA zit met Bijlevelds late vertrek in de maag, want gevoelsmatig werd ze toch ‘gedwongen’ door D66-leider Kaag.

Demissionair CDA-vicepremier Hugo de Jonge erkende gisteren dat het flink tegenzit voor het kabinet: “We zitten in een moeilijke fase. We zijn al een tijd demissionair, dat telt ook op. Dat is niet per se bevorderlijk voor de sfeer. Maar we moeten wel door om het land te besturen.”

Makkelijk worden de komende demissionaire weken – of maanden – niet. Het kabinet valt steeds verder uiteen. De ChristenUnie werkte tot nu toe nog mee aan de begrotingen, maar lijkt nu zijn handen van veel beleid af te trekken. Zo stemde de coalitiepartij deze week tegen de massale invoering van coronatoegangsbewijzen en ze eiste – buiten het kabinet om – extra geld voor zorgsalarissen.

5. Kan Kaag in een nieuw kabinet terugkeren als minister?

Ja. Er is geen regel of wet die dat verbiedt. Wel is het de vraag of ze opnieuw haar ‘droombaan’, minister van Buitenlandse Zaken, kan krijgen. Het is ongebruikelijk om na ontslag snel terug te keren op dezelfde post. Er zijn nog andere opties, óók in de buitenlandhoek.

Zo ijvert D66 al langer voor een minister van Europese Zaken – Europa is een stokpaardje van de partij. Op die manier kan ze haar ‘passie’ voor het buitenland alsnog inzetten, maar dan iets dichter bij huis.

Als D66 uiteindelijk gaat deelnemen aan een (minderheids)kabinet, kan Kaag als partijleider sowieso aanspraak maken op het vicepremierschap. Eerder werd rond de formatie gefluisterd dat Kaag wel oren zou hebben naar het ministerie van Financiën, een invloedrijk departement dat in het verleden vaker gecombineerd werd met het vicepremierschap. Maar Kaag kan óók de Pechtoldroute kiezen: hij bleef in kabinet-Rutte II als partijleider in de Tweede Kamer zitten. Een partijbron ziet dat wel zitten. “Kaag krijgt steeds meer lol in het Kamerwerk.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden