PlusAchtergrond

Justitie verweert zich: ‘Advocaten zijn niet immuun’

Het Openbaar Ministerie stelt dat er helemaal niets mis was met het volgen van twee advocaten om Ridouan Taghi te vinden in Dubai. Dat leidt in de grote liquidatiezaak Marengo tot een harde botsing met de advocatuur.

Advocaten Juriaan de Vries, Benedicte Ficq, Nico Meijering, Christian Flokstra en Laura ter Steeg bij de rechtbank.Beeld ANP

Niet alleen de advocaten in de veelvoudige liquidatiezaak Marengo tegen Ridouan Taghi en vooralsnog zestien medeverdachten hadden zich op 27 augustus fel gekeerd tegen de beslissing van het Openbaar Ministerie (OM ) om raadslieden Nico Meijering en Leon van Kleef in de zomer van 2019 te laten volgen tot in Dubai – om de toen nog voortvluchtige Taghi te vinden. Ook verscheidene verenigingen van advocaten hadden zich in niet mis te verstane bewoordingen uitgesproken.

Gouden regel

Dat de ‘geheimhouders’ met hun ‘verschoningsrecht’ niet gevolgd mogen worden om via hen criminelen op te sporen, is voor de advocatuur een gouden regel. Verscheidene wetenschappers hebben zich de afgelopen weken bij dat standpunt aangesloten. Anderen deden dat overigens uitdrukkelijk niet.

Het Openbaar Ministerie toonde zich gisteren in de zwaarbeveiligde ‘bunker’ van de rechtbank in Amsterdam-Osdorp in reactie op alle kritiek opmerkelijk rigide, zonder diep op de zaak in te gaan en met een, zeg, onorthodoxe uitleg van de wetten en regels. De drie officieren van justitie spraken in deze gevoelige zaak uiteraard niet alleen voor zichzelf, maar ook namens de justitietop.

Advocaten Meijering en Van Kleef mochten met alle risico’s van dien worden geschaduwd door de opsporingsdiensten van Dubai om de ‘most wanted’ crimineel Taghi te vinden. De bescherming van advocaten geldt alleen de inhoud van hun contacten met cliënten, was de strekking van de reactie van de aanklagers. Niet dergelijke contacten zelf.

“Alleen voor de inhoud van het contact tussen advocaten en cliënten geldt het professionele verschoningsrecht (het recht van afscherming),” stelden de aanklagers. De Hoge Raad, ’s lands hoogste rechtsorgaan in het strafrecht, vindt volgens justitie dat het contact op zich tussen advocaten en verdachten of andere criminelen mag worden vastgesteld – dus ook door observaties.

Aan het volgen van Meijering en Van Kleef ‘was een zorgvuldige afweging’ voorafgegaan door politie en justitie, stelden de officieren.

De voortvluchtige Taghi werd voor een trits levensdelicten gezocht en er dreigden nóg meer slachtoffers te worden vermoord in opdracht van hem, dus veel was geoorloofd.

Ook vanwege de moord op de onschuldige broer Reduan van kroon­getuige Nabil B. (maart 2018) en de zoon van een opperrechter in Marokko, toen de schutters blunderden die de Nederlandse crimineel Mustapha F. hadden moeten vermoorden op een terras in Marrakesh.

Voor de beide geruchtmakende moorden had Taghi volgens de opsporingsdiensten vanuit zijn onderduikadres opdracht gegeven, dus hij móest en zou gepakt worden.

Niets te verbergen

Advocaten Meijering en Van Kleef traden niet op voor Taghi, stelden de aanklagers, dus de advocaten­bescherming gold niet. “Er zijn geen ongeoorloofde opsporingsmiddelen ingezet. Advocaten zijn niet immuun voor de inzet van opsporingsmiddelen, al vraagt die inzet buitengewoon zorgvuldige afwegingen. Die zij hier gemaakt.”

Nader onderzoek door het verhoren van onder anderen (hoofd)officieren van justitie, vindt het Openbaar Ministerie dan ook ‘voorbarig’. Justitie zal met een proces-verbaal komen over de gang van zaken.

Het ‘opsporingsonderzoek’ naar Taghi staat bovendien los van het grote liquidatieonderzoek, zo vindt justitie.

Toch: “Het Openbaar Ministerie heeft niets te verbergen en wil de rechter-commissaris voorleggen of en welke informatie de advocaten zouden moeten kunnen inzien.” Tenzij daarin gevoelige, geheime informatie staat.

De advocaten reageerden furieus. “Het OM is elke realiteitszin voorbij,” zei Christian Flokstra mede namens zijn kantoorgenoten Meijering en Van Kleef en de vijf verdachten die hun kantoor bijstaat.

Onwaardig

“Het Openbaar Ministerie geeft er blijk van totaal geen oog meer te hebben voor ieders rol in het strafproces. Hier was maar één belang: Taghi pakken. Alle andere belangen zijn genegeerd, als men zich daar al bewust van was. Het is schokkend dat te ervaren,” zei Flokstra. “Dit is werkelijk een magistratelijk OM onwaardig en doet vrezen voor de toekomst.”

Zijn kantoorgenoot Nico Meijering, tot de rechtbank: “Edelachtbaar college: trap er niet in! Staat u het OM niet toe zich te beperken tot een proces-verbaal (over het heimelijk volgen van het advocatenduo dat in Dubai cliënt Khalid J. bezocht), want dan gaat het hier mis met het eerlijke proces.”

Wanneer de rechtbank oordeelt over alle zeer gevoelige kwesties die tot nu aan de orde kwamen, is nog onduidelijk. Dat de principiële discussie licht ontvlambaar is, voelen alle procespartijen wel aan.

Taghi Podcast

Luister hier naar de Taghi-podcast van misdaadjournalist Paul Vugts.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden