PlusInterview

Jongeren met ernstig zieke ouders: ‘Scholen weten niet hoe hier mee om te gaan’

Dicky Yee, Sander Ubbens en Sophie.Beeld Ivo van der Bent

Hoe ga je om met een leerling die een ongeneeslijk zieke ouder heeft? Daarover weten ze op veel scholen nog te weinig, merkten zes jonge lotgenoten. Ze besloten een duwtje in de juiste richting te geven.

‘Het is voorbij, tijd om weer naar school te gaan,’ kreeg een middelbare scholier te horen vlak ­nadat zijn moeder aan kanker was overleden. Zo weinig tactvol als in dit voorbeeld gaat het heus niet altijd, zeggen Sophie (15) uit 4 vwo, stagiair facilitair management Sander Ubbens (18) en geneeskundestudent Dicky Yee (21). Maar het is waargebeurd en allemaal kunnen ze zich wel een moment op de middelbare school herinneren dat anders aangepakt had kunnen worden. Als de school beter had geweten hoe.

Door corona zien ze elkaar nu iets minder, maar normaal gesproken ontmoeten ze elkaar sinds 2018, samen met nog drie andere Amsterdamse jongeren, ongeveer één keer per maand. Wat ze met elkaar verbindt, is dat ze allen een ernstig zieke, of inmiddels overleden ouder hadden terwijl ze op de middelbare school zaten. Tijdens de lotgenotenbijeenkomst kunnen ze hun ei bij elkaar kwijt. Ze kennen elkaars situatie als geen ander, ze begrijpen hoe moeilijk het is en bespreken met elkaar waar ze behoefte aan hebben.

Geen onwil

En juist dat laatste is iets waar veel scholen ­volgens hen te weinig van weten, bleek uit hun gesprekken. “Dat ze er niets mee doen, is geen onwil,” zegt Dicky, “maar een gebrek aan kennis. Niemand praat erover en dan is het logisch dat je maar wat doet.”

Ze kwamen zelfs tot de conclusie dat de juiste informatie over dit onderwerp nergens te vinden was. Daarom besloten ze zelf een folder te maken, Mijn ouder is ernstig ziek, die leraren maar ook medeleerlingen en kinderen die het zelf meemaken, een handje kan helpen.

“School is toch een soort tweede huis,” zegt ­Sophie. “De plek waar je een groot deel van de tijd doorbrengt.” En de plek waar je toekomst voor een deel wordt bepaald. Toch lijkt het of scholen vaak niet beseffen dat ze op dat moment echt een verschil kunnen maken in het leven van deze kinderen, zegt Sander. Soms weten leraren er niet eens van, maar ook als ze wel op de hoogte zijn, hebben ze vaak geen idee wat ze met de situatie aan moeten. “Alsof ze bang zijn dat een kind emotioneel wordt.” En leraren vergeten volgens de drie na een tijdje weer wat de thuissituatie is.

Als een robot

Terwijl niets meer normaal is, daar kun je vanuit gaan, zegt het drietal. Dicky: “Je maakt je zorgen over dingen waar je je als 15-jarige ­helemaal niet druk om zou moeten maken. Je bent constant in de war en je reacties zijn niet altijd consistent.”

Thuis is het vaak rommelig en een ernstig ­zieke ouder gaat gepaard met heel erg heftige emoties, zegt Sophie. Zelf liep ze rond als een ­robot, ze kon zich amper concentreren en een glimlach voelde nooit oprecht. “Als jij je voortdurend afvraagt of dit de laatste dag zal zijn, dan zeurt school wel een beetje achterin je hoofd, maar het is echt het laatste waar je je zorgen over maakt.”

Tips uit de folder

 Laat alle docenten weten wat er speelt, zodat de leerling het niet steeds hoeft uit te leggen. Dat is vermoeiend en verdrietig.
• Het is fijn als de mentor niet steeds verandert.
• Negeer het niet, maar laat zien dat je de situatie kent. Een klein gebaar kan dan al genoeg zijn.
• Voor de medeleerlingen: scheld niet met kanker. Dat doet pijn. En wees niet bang om te vragen hoe het thuis is.

Meer info via: mijnouderisernstigziek@gmail.com

Ze snappen best: dat is voor een leraar ook niet gemakkelijk om mee om te gaan. Zelf deden ze op school juist alsof er niets aan de hand is. Maar laten merken dat je weet wat er aan de hand is, is niet ingewikkeld en helpt enorm. Het kan hem zitten in kleine gebaren, zegt Sophie. “Een knipoog bij een onvoldoende, omdat iemand weet dat je het even moeilijk hebt, kan al genoeg zijn.”

Haal iemand uit de klas en vraag oprecht hoe het gaat, in plaats van ten overstaande van een ­volle klas. Toegeven dat je het even niet weet, is ook oké. Én: zeg er wat van als er wordt gescholden met kanker. Dicky: “Dat is gewoon een klap in je gezicht.”

Ze hopen dat hun folder scholen een beetje op weg helpt, een beginpunt kan zijn van een gesprek. Iets waar ze op sommige scholen al beter in zijn dan op andere. Juist bij die laatste groep valt veel winst te halen. “Want,” zegt Sander, “je kunt een kind in zo’n situatie echt minder verward, minder eenzaam en vrolijker maken.”

‘Het kind moet gezien worden’

Kinderpsycholoog ­Antoinette Berkelbach begon vanuit het OLVG een paar jaar ­geleden met de begeleiding van de lotgenotengroep. Vooral op scholen is weinig aandacht voor het chronische aspect, zegt ze. “Soms zijn ouders wel vier of vijf jaar ziek voordat ze komen te overlijden. Dat is voor sommige kinderen een schoolcarrière, waarbij ze al die tijd rondlopen met zorgen die ze moeten combineren met toetsen.” Meer aandacht hiervoor kan volgens haar schoolcarrières redden en een gevoel van eenzaamheid bij deze kinderen verkleinen. Ook Annemarie Beintema, ­directeur van het Cancer Care Center, ziet dat er nog altijd te weinig aandacht is voor de kinderen van heel zieke ouders. “De aandacht gaat vooral naar degene die ziek is, en het kind is dat niet.” Daardoor blijft het volgens haar zowel binnen de medische zorg als daarbuiten een relatief onbekend probleem. “Áls docenten het al weten, dan weten ze vaak niet hoe ze er mee om moeten gaan. Terwijl het zo belangrijk is dat zo’n kind gezien wordt, zodat hij zich niet afzondert of een school niet afmaakt, omdat hij met zijn hoofd ergens anders was.” Zo neem je bovendien een zorg weg bij de ­ouders, zegt ze, als die weten dat het kind op school goed wordt opgevangen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden