Jongeren met een taakstraf moeten maanden wachten op een plek

De Raad voor de Kinderbescherming heeft, mede door de coronacrisis, een tekort aan geschikte werkplekken voor jongeren met een taakstraf. Dat is extra prangend nu er meer gevallen zijn met complexe problemen, zoals extreem schoolverzuim of een moeilijke thuissituatie. Daarom is er maandag een campagne gestart.

Een taakstraf in uitvoering op het Museumplein in Amsterdam. Beeld ANP
Een taakstraf in uitvoering op het Museumplein in Amsterdam.Beeld ANP

De Haagse coördinator taakstraffen Jeanette Lankhuijzen moet stevig puzzelen, zeker de laatste tijd. Nu veel werkplekken waar ze anders jongeren met een taakstraf kon plaatsen, gesloten zijn, is het ‘een drama’ om geschikte plekken te vinden. “In Den Haag zelf gaat het nog wel, maar in kleinere plaatsen is het heel moeilijk geworden.”

Dat terwijl de situatie ook vóór corona al prangend was: er zijn te weinig geschikte plekken waar jongeren hun taakstraf kunnen vervullen, zegt de Raad voor de Kinderbescherming, die jaarlijks zo’n zesduizend jongeren met een taakstraf begeleidt. Want hoewel de jeugdcriminaliteit daalt, neemt het aantal kinderen en jongvolwassenen met een taakstraf en complexe problemen toe.

Uit onderzoek in Brabant blijkt dat de helft van de gezinnen waaruit jongeren met een taakstraf komen, ook al bekend is met instanties voor vrijwillige jeugdhulp. In Den Bosch heeft 73 procent van de jongeren in het verleden al hulp gehad, in Eindhoven 62 procent. Zo kan het dat taakgestraften ook problemen hebben zoals moeilijk gedrag of extreem schoolverzuim.

Extra steuntje in de rug

Dat vraagt ook meer van begeleiders van taakgestraften. Lankhuijzen: “Deze jongeren hebben extra aandacht nodig, een extra steuntje in de rug.” Peter de Zwaan van buurthuis Samson in de Haagse Schilderswijk weet daar alles van. Iedere jongere die hij als jeugdwerker en begeleider van taakgestraften binnen krijgt is weer anders. “De een komt timide binnen en bloeit helemaal op, een ander begint enthousiast en haakt af. Ik heb een jongere gehad die nog acht uur moest doen, maar zijn telefoon niet meer opnam en helemaal onbereikbaar was. Dat is zo zonde.”

Ook omdat het niet alleen om straf draait, vertelt De Zwaan. Het is de bedoeling dat jongeren – in 90 procent van de gevallen gaat het om jongens – vaardigheden opdoen waardoor ze leren na een fout. Dat draagt uiteindelijk bij aan een veiliger samenleving. “Het is geen gemakkelijke straf, we verwachten echt wat van jongeren. Die worden er niet per definitie beter van als ze achter de tralies verdwijnen.”

Ervaring opdoen

Coördinator Lankhuijzen plaatst taakgestraften het liefst op een plek waar ze ervaring kunnen opdoen die van nut is voor hun toekomst. “Zoals een meisje dat nog niet weet of ze in de uiterlijke verzorging wil werken of in de zorg voor ouderen. Die probeer ik op een plek te krijgen waar ze geholpen kan worden een keus te maken. We willen deze jongeren echt iets bijbrengen, waardoor ze enthousiast worden over werk, of verantwoordelijkheid leren nemen.” Het gaat ook om basisvaardigheden: een normaal leefritme, doordat de jongere elke dag op tijd moet opstaan. Plannen, om de taakstraf te kunnen vervullen, en zelfinzicht, beseffen waar het is misgegaan.

Maar dat is moeilijker bij te brengen als er te weinig plekken zijn waar jongeren terechtkunnen. De gemiddelde wachttijd is nu twee maanden, maar de regionale verschillen zijn groot. Lankhuijzen: “Je wilt jongeren ook niet al te lang laten reizen. Tegelijkertijd is het het beste als er snel een geschikte plek is, zodat jongeren hun straf zo snel mogelijk kunnen uitvoeren.”

‘Geen softe bedoening’

De Raad voor de Kinderbescherming begint vandaag met een campagne om meer begeleiders en werkplekken te werven. De Zwaan: “Je kunt jongeren een heel mooie, leerzame ervaring bieden.” Ook ‘gewone’ jongeren, benadrukt Lankhuijzen. “Er wordt veel gedacht dat wij met allemaal criminelen te maken hebben, maar het kan zomaar je eigen kind zijn, dat een lawinepijl afsteekt met oud en nieuw. Dat is een strafbaar feit, ook dan komen jongeren hier terecht. Of het gaat mis in groepsverband: vechtpartijen waarin jongeren worden meegesleept.”

Over dat andere vooroordeel, dat een taakstraf maar een softe bedoening is: jongeren moeten zich aan de afspraken houden, anders krijgen ze een gele kaart. En daarna een rode. Dat laatste betekent dat de taakstraf wordt omgezet in een celstraf. Lankhuijzen: “Maar uiteindelijk hopen we vooral recidive te voorkomen. Gelukkig komen de meeste jongeren ook niet meer terug. Met de taakstraf kunnen ze een rottige periode in hun leven afsluiten.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden