Plus

Jeugdzorg faalt: jong kind soms niet meer terug naar ouders door onthechting

Het ontbreken van goede, intensieve jeugdhulp zorgt ervoor dat de terugkeer van uit huis geplaatste kinderen ernstig wordt bemoeilijkt. Vooral de jongste kinderen lopen risico op een – onnodige – definitieve breuk met hun biologische ouders.

Carla van der Wal
null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Soms wordt advocaat Mieke Krol er wel eens moedeloos van. Staat ze weer in de rechtszaal, te vechten voor elke millimeter winst voor haar cliënten: ouders die onder een vergrootglas liggen bij jeugdzorg. Ze hebben te maken met een ondertoezichtstelling, of een uithuisplaatsing van hun kind. Daarbij zijn ze geregeld overgeleverd aan instellingen die óf op omvallen staan door financiële problemen, of kampen met een tekort aan medewerkers, of allebei. Rapportages zijn met regelmaat gebrekkig, onvolledig of er staan fouten of onwaarheden in.

Zelfs het maken van een plan voor hulp aan een gezin na een uithuisplaatsing gaat niet altijd vanzelf, laat staan dat die hulp er ook echt komt – er zijn enorme wachtlijsten. “Op basis van mijn dossiers kan ik inmiddels zeggen: er is geen sprake van incidenten, maar een patroon in mijn praktijk.”

Onomkeerbaar

Dat patroon – ook erkend door jeugdzorg – heeft soms schadelijke en onomkeerbare consequenties. Na een uithuisplaatsing is het de bedoeling dat kinderen zo snel mogelijk terugkeren naar hun ouders, maar het gebrek aan hulp staat dat in de weg. “Ik had onlangs nog een zaak: moeder blijft er continu bovenop zitten, ik blijf dat doen, maar er komt geen update van de gecertificeerde instelling die hulp moet organiseren. En er komt ook geen hulp. Dus komen we weer bij de rechter, die het kind niet naar huis laat gaan. En daar gaan we: verlengen, verlengen, verlengen van de uithuisplaatsing. Zo lang, tot er wordt gezegd dat het uit huis geplaatste kind zo gehecht is aan het pleeggezin.” En dan komt dát de terugkeer naar huis óók nog in de weg te staan.

Misschien is dát wel het meest schrijnende aan de crisis die zich nu in de jeugdzorg voltrekt, zegt hoogleraar jeugdrecht Mariëlle Bruning. Dat het gebrek aan hulp biologische ouders en kinderen uit elkaar rukt, omdat eenmaal uit huis geplaatst er simpelweg te weinig personeel is om de terugkeer naar huis te ondersteunen. “Bij een uithuisplaatsing zijn de zorgen zo groot dat er heel vaak geen twijfel over is dat het moet. Maar de vraag hoe je zorgt dat kinderen zo snel mogelijk thuiskomen is een belangrijke. Je moet het gezin versterken, zorgen voor passende hulp, dat is er meestal allemaal niet. Zeker bij jonge kinderen is er een omslagpunt waarbij ze het beste binnen hun nieuwe, stabiele gezin kunnen blijven. Biologische ouders hebben dan geen eerlijke kans gehad, simpelweg omdat de juiste hulp ontbreekt.”

45.000 kinderen per jaar

Daar sta je dan, als ouder, in een land dat het aantal uithuisplaatsingen wel terug wil brengen, maar dat niet voor elkaar krijgt. Het blijft gaan om rond de 45.000 kinderen per jaar. “Het gaat dan om uithuisplaatsingen waar de rechter bij betrokken is, maar er zijn ook semivrijwillige uithuisplaatsingen. Het wordt niet heel precies gemeten,” zegt Bruning. “In de afgelopen twee jaar zijn er drie rapporten van de inspectie geweest, waarin de jeugdbescherming als zwaar onvoldoende wordt beoordeeld. Inmiddels spreken ook rechters zich uit, die zeggen dat dossiers ondermaats zijn en ze soms niet passende beslissingen moeten nemen. We zien elke dag dat het niet lukt om het op orde te krijgen. De jeugdbescherming is verslechterd, gecertificeerde instellingen die hulp moeten organiseren blijven nauwelijks overeind en moeten met tientallen gemeentes inkoopcontracten sluiten. De gesloten instellingen zijn een afvoerputje voor kinderen waarvan niemand weet wat je er mee moet.”

Voor elke ouder die denkt nooit in die wereld verzeild te raken, en ‘dat jeugdzorg echt niet zomaar komt kijken’, heeft advocaat Krol nieuws: het kan iedereen overkomen. “Een echtscheiding waarbij ouders niet goed communiceren kan zorgen voor een jeugdzorgtraject. Een vervelende ex, die meldingen doet. Het kan sneller gaan dan je verwacht. Volgt eenmaal een ondertoezichtstelling, dan komen ouders echt onder een vergrootglas te liggen. Het moet dan ‘perfect’ zijn, maar dat is toch niemand? Wie heeft nooit een woordenwisseling waar de kinderen bij zijn?”

Zonder rechtsbijstand

Hoogopgeleide ouders hebben vervolgens vaak de beste kansen om er goed uit te komen. Zij hebben in de regel de financiële middelen om zich beter te kunnen verweren. Maar dan nog: in de rechtszaal gaat het er bij dit soort zaken anders aan toe dan je bijvoorbeeld ziet terugkomen in het strafrecht. Meldingen over gezinnen worden lang niet altijd even goed geverifieerd en op feiten getoetst. Gezinsvoogden zeggen volgens Krol zelf dat ze niet altijd aan waarheidsvinding doen. Krol: “En bij een spoeduithuisplaatsing is er sprake van een telefoontje van een gezinsvoogd of de Raad voor de Kinderbescherming naar de piketrechter, maar aan zo’n ingrijpende beslissing komt geen advocaat te pas. Dat is pas binnen twee weken daarna, in de rechtbank.”

Lang niet alle ouders hebben dan rechtsbijstand. Advocaat Chris Sent ziet soms een wanhopige zoektocht ontstaan naar een geschikte advocaat die op zo’n korte termijn tijd heeft. Wat niet helpt: de vergoedingen voor dit soort zaken zijn zo laag, dat advocaten er nauwelijks van rond kunnen komen.

Gratis advies

Toch geeft Krol op maandagen gratis advies, waarin ze vragen beantwoordt. “De drempel om een advocaat te benaderen is soms hoog. Sommige mensen vinden het eng en zijn bang om voor elk telefoontje een flinke rekening te krijgen, terwijl sommige vragen eenvoudig te beantwoorden zijn, waardoor je ouders ook meer gerust kan stellen.”

Eigenlijk zou elke ouder juridische bijstand moeten krijgen bij zeer ingrijpende beslissingen, zegt advocaat Sent. Toen ze voor het eerst bij een jeugdzorgzaak betrokken raakte, kon ze amper geloven wat zich achter gesloten deuren voltrekt – de rechtszaken zijn besloten omdat het over kinderen gaat. “Het begon er al mee dat er een zittingsvertegenwoordiger was namens jeugdzorg.” Die vertegenwoordiger kende alleen het dossier, maar was zelf niet bij de familie betrokken. Dat zou niet zo’n probleem hoeven zijn, ware het niet dat de dossiers dus lang niet altijd op orde zijn. “Hoewel de richtlijnen voorschrijven dat er aan waarheidsvinding moet worden gedaan, ontbreekt het vaak aan onafhankelijke toetsing van wat medewerkers van jeugdzorg in gezinnen constateren.” Sent pleit er dan ook voor dat medewerkers onder ede komen te staan, waardoor de waarheid nadrukkelijker centraal staat, en het niet vertellen van de waarheid consequenties heeft.

Herkenning

Maar echte oplossingen liggen uiteindelijk in het verbeteren van jeugdzorg zelf, zegt ook Jeugdzorg Nederland. Die erkent ruiterlijk dat het niet goed gaat. Een woordvoerder: “We herkennen de problemen en de kritiek en trokken hierover ook zelf begin dit jaar al aan bel. Het gaat niet goed in de jeugdzorg en gezinnen en kinderen krijgen te vaak niet de hulp en begeleiding die ze nodig hebben. Ook wij vinden dat het te vaak niet goed gaat.”

Maar jeugdbeschermers staan nu voor een onmogelijke opdracht. “Om kinderen goed te helpen is het nodig dat er naar alle problemen in het hele gezin gekeken gaat worden. Dat betekent dat ook de volwassen ggz verantwoordelijk wordt voor deze gezinnen en dat armoede, huisvestingsproblematiek en problemen die de bestaanszekerheid bedreigen, veel eerder worden opgelost.” Daarnaast moet de rechtsbescherming voor kind en ouders verbeteren. Jeugdzorg pleit zelfs voor gratis rechtsbijstand en zegt kritisch naar haar eigen rol te willen kijken.

Dat verandert op korte termijn niet het systeem. Jeugdzorg roept het rijk en gemeente op te investeren. Hoogleraar Bruning zegt dat het de allerhoogste tijd is dat het rijk ingrijpt, ook al zijn gemeentes verantwoordelijk voor het organiseren van de jeugdzorg. “De eindregie ligt toch echt bij het rijk. We hebben internationale verplichtingen waaraan we moeten voldoen, zoals het kinderrechtenverdrag. We kunnen niet meer wachten. Wat nu gebeurt, is te urgent en te ernstig.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden