null

PlusInterview

Jet Bussemaker: ‘De ic is geen wasstraat, waar je zo goed als nieuw uitkomt’

Beeld Paul Tolenaar/Lumen

Dat doodgaan bij het leven hoort, verdient in de coronacrisis meer politieke aandacht, meent oud-PvdA-bewindsvrouw Jet Bussemaker. Bij het verschijnen van haar politieke memoires breekt ze een lans voor jongeren. ‘Die betalen de hoogste prijs.’

Jet Bussemaker is weg uit de politiek, maar de politiek is niet weg uit Jet Bussemaker. De oud-staatssecretaris van Volksgezondheid mist in de kabinetsaanpak van de coronapandemie de discussie over de dood. En als oud-minister van Onderwijs snapt ze niet waarom jongeren, die de hoogste prijs betalen, niet meer betrokken worden.

De oud-PvdA-politica heeft recht van spreken. Bussemaker werd in 2018 hoogleraar in Leiden, waar ze zich bezighoudt met de impact van beleid op de zorg. Ook is ze voorzitter van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS), die het kabinet en de Tweede Kamer adviseert – ook ongevraagd en óók over de coronacrisis. “Maar ik vind het wel jammer dat het kabinet aan ons geen breed advies heeft gevraagd over de maatschappelijke gevolgen van het coronabeleid.”

Pijn

Het stoort haar dat er vooral naar de coronapandemie wordt gekeken als een ziekte die in bedwang gehouden moet worden. “Terwijl de effecten en de pijn die het beleid om het virus te bestrijden met zich meebrengt eigenlijk net zo groot of op de lange duur nog wel groter kunnen zijn.” Een simpele oplossing daarvoor is er niet, benadrukt ze. Wel moet er volgens haar in ‘een breder kader’ naar de publieke gezondheid worden gekeken.

Bijvoorbeeld door sociaal contact in de buitenlucht – tijdens het wandelen – te stimuleren en jongeren te laten meedenken. “Die betalen de hoogste prijs. En ik denk dat die consequenties ook op langere termijn groot zullen zijn.” Niet alleen door het inhalen van opgelopen onderwijsachterstanden, maar ook de mentale effecten. “En, als het economisch slecht blijft gaan, jeugdwerkloosheid.”

Gratis bijles

Ze pleit voor gratis bijles voor alle leerlingen, niet alleen voor kinderen wier ouders het kunnen betalen, gegeven door bijvoorbeeld Pabostudenten. “Waarom is dat niet eerder gebeurd?” Als het kabinet koste wat kost de scholen open wil houden, zegt ze, dan had het bijvoorbeeld in de zomer al kunnen overwegen of leraren niet met voorrang gevaccineerd moesten worden.

Ook zou ze willen dat er anders wordt gedacht over de dood. “Dat we niet onsterfelijk zijn.” Ze weet, zegt ze, dat dit een moeilijke discussie is, die al snel wordt verengd tot ‘dor hout’. “Bij ouderen gaat het niet alleen om dagen toevoegen aan het leven, maar leven aan de dagen. De intensive care is geen wasstraat waar je weer zo goed als nieuw uitkomt. Zo is het niet. Niet voor niets werd een longontsteking voor oude, zieke mensen vroeger the old man’s friend genoemd.”

In 2007 liep Bussemaker als staatssecretaris van Volksgezondheid drie jaar op het ministerie rond dat nu in het middelpunt van de belangstelling staat. “Ik zou niet graag in de schoenen van Hugo de Jonge willen staan. Hij heeft een loodzware taak. En ik weet uit ervaring hoe moeilijk het is om van een eenmaal ingeslagen pad af te komen.”

Ze merkte dat zelf toen ze minister van Onderwijs was (2012-2017) en er veel kritiek kwam op de rekentoets. Achteraf, concludeert ze in haar boek Ministerie van Verbeelding, had ze eerder de stekker uit die omstreden toets moeten trekken. “Het was de erfenis van mijn voorganger, Marja van Bijsterveldt, die er veel waarde aan hechtte. Het is ook onbehoorlijk bestuur als de nieuwe minister zegt: ik ga het helemaal anders doen.” Ook haar staatssecretaris Sander Dekker (VVD) vond de toets belangrijk.

Enkel gebroken

Het schrijven aan het boek hielp haar de afgelopen zomer door. Op een avond wilde Bussemaker haar tuindeur dicht doen, gleed uit op de gladde houten planken in haar tuin en brak haar enkel op drie plaatsen. Van het een op het andere moment was ze hulpbehoevend. “Ik kon niks meer, maar wel aan mijn boek werken.” De platen en schroeven die de chirurg toen in haar gewricht zette, zouden er in december uit worden gehaald. Alles was geregeld, datum geprikt. “Maar die operatie ging niet door.” Corona.

In haar boek schrijft ze over haar jeugd, in Oegstgeest, als dochter van een vader die in de Tweede Wereldoorlog in een jappenkamp zat. Eenmaal in Nederland woonde Henk Bussemaker in Den Haag, in het bovenhuis waar nu Mark Rutte woont. Toen de premier dat hoorde, riep hij meteen dat Bussemaker en haar vader langs moesten komen. Bussemaker had toen geen idee dat Rutte nooit thuis bezoek ontvangt. Ze kwam er daar pas achter dat hij niet eens een koffiezetapparaat heeft. Het is een herinnering die Bussemaker koestert, haar vader overleed in 2018.

Het verkopen van ansichtkaarten tegen de jacht op zeehondjes ziet ze als ‘haar eerste politieke daad’, schrijft ze. Later ging ze via de leerlingenraad naar de Tweede Kamer en kabinet. Daar werd ze aan het eind van haar regeerperiode in 2017 – de verkiezingen waren al geweest – nog verrast door haar partijleider Lodewijk Asscher. Die kondigde aan tegen de onderwijsbegroting, háár begroting dus, te gaan stemmen als er niet meer geld bij kwam voor lerarensalarissen. Bussemaker wist van niets. “Toen ik het hoorde, was het een voldongen feit.” Dat er extra geld kwam, vindt ze ‘alleen maar mooi’. “Maar achteraf denk ik: hadden we daar niet eerder harder op moeten inzetten?” Vóór de verkiezingen dus, waar de PvdA een historische nederlaag boekte.

Bruggen

Bussemaker is niet meer politiek actief, maar nog wel lid van de PvdA. Ze is blij met Lilianne Ploumen als nieuwe partijleider. “Ze heeft, net als ik, een achtergrond bij GroenLinks. Ik ken haar als optimist. Qua persoonlijkheid moet het haar lukken om bruggen te gaan slaan.” Met bruggen slaan, doelt Bussemaker op de samenwerking met GroenLinks. De twee partijen spraken al af om niet zonder elkaar aan de formatietafel te gaan zitten.

Zelf ijverde Bussemaker ook jaren voor een progressieve samenwerking. Zo onthult ze dat de vicefractievoorzitters en een aantal Kamerleden van PvdA, GroenLinks en CDA in 2001 in het diepste geheim zes keer samen zijn gekomen in het huis van PvdA’er Adri Duivesteijn. Bussemaker was daar ook bij. “Het doel was om elkaar beter te begrijpen, elkaar te leren kennen.” Dat had moeten leiden tot een regeringscoalitie, in 2002. Maar toen kwam 9/11, de opkomst en moord op Pim Fortuyn en ‘draaide het tijdsbeeld in één keer’.

Andere pogingen tot samenwerking ‘liepen mis omdat de partij die er het best voorstaat toch afhaakt’, stelt Bussemaker. Zo ging het in 2017, toen GroenLinks hoog stond in de peilingen. “En in 2012 deden wij hetzelfde.” Nu staan de linkse partijen met rond de 10 zetels allemaal ongeveer gelijk in de peilingen. “Dat is misschien een kans.”

Het boek ‘Ministerie van Verbeelding, Idealen en de politieke praktijk’ verschijnt dinsdag 9 februari, en kost 22,99 euro.

Marten en Oopjen

Als minister was Jet Bussemaker in het kabinet Rutte-II ook verantwoordelijk voor Cultuur en koopt ze in 2015, in een veelbesproken deal, samen met Frankrijk twee werken van Rembrandt: de huwelijksportretten van Marten en Oopjen voor in totaal 160 miljoen euro. In haar boek onthult Bussemaker dat toenmalig directeur van het Rijksmuseum Wim Pijbes haar in juni 2015 al sms’t met de mededeling dat het Rijks de doeken probeerde te kopen en dat het alternatief een gedeelde koop met Frankrijk was. Later zou hij er echter alles aan doen om de gedeelde koop te voorkomen en de twee doeken zélf te bemachtigen. Zo toog hij zonder overleg naar Engeland om een voorlopig koopcontract te sluiten met de eigenaar, de familie De Rothschild.

Uiteindelijk wordt het, na maanden gebakkelei, toch een gedeelde koop. Bussemaker concludeert dat ‘we daarmee feitelijk weer terug waren bij het eerste sms’je van Pijbes’. Die voelt zich dan niet meer gehouden aan de eerder gemaakte afspraak dat het Rijksmuseum ook zou bijdragen aan de koop. Per sms liet Pijbes aan Bussemaker weten: ‘Jet, 80 mio vd staat, rijks e.a. dragen alleen bij voor de tweede 80, hgr Wim.’ En die tweede 80 miljoen kwam, in de redenatie van Pijbes, nu voor rekening van Frankrijk.

Achteraf is Bussemaker blij met de uitkomst en stelt ze dat zonder het ‘lef en bravoure’ van Pijbes ‘de schilderijen misschien wel nooit gekocht zouden zijn’. “Maar ik zal niet verhelen dat ik af en toe flink heb gescholden in die tijd.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden