PlusExclusief

Je huis openstellen voor vluchtelingen? Dan kom je bij deze organisatie terecht

Ik heb me als gastgezin aangemeld, waarom duurt het zo lang? Of: waarom is er voor Oekraïners meer mogelijk dan voor Syriërs? Bij Takecarebnb kennen ze de vragen. En de antwoorden.

Hans Nijenhuis
Oekraïners komen aan op Amsterdam Centraal Station.  Beeld Joris van Gennip
Oekraïners komen aan op Amsterdam Centraal Station.Beeld Joris van Gennip

Verplaats u even in de positie van Robert Zaal. Oudere lezers kennen hem misschien nog als voorzitter van de Vereniging van Dienstplichtige Militairen, als directeur van RTV Noord-Holland of tegenwoordig als lid van Provinciale Staten in diezelfde provincie. Hij is ook directeur van Takecarebnb, tot voor kort een parttime baan. Het burgerinitiatief is in 2015 opgericht om vluchtelingen die wel een verblijfsstatus hebben, maar nog geen woning, tijdelijk onder te brengen bij gastgezinnen.

Nieuwkomers aan Nederland helpen wennen, dat is het idee. “Een vluchteling die net een baan had, kon helaas niet naar de vrijdagmiddagborrel, dacht hij, want hij dronk geen alcohol. Dan is het fijn dat je kunt uitleggen dat het woord borrel twee betekenissen heeft,” vertelt Zaal. Contact met gewone Nederlanders, wil hij maar zeggen, daar kan geen inburgeringscursus tegenop.

En toen viel Rusland Oekraïne binnen. Kwam er een vluchtelingenstroom op gang. Wilden tienduizenden Nederlanders iets dóen. Kleding sturen, speelgoed. Of, hartverwarmend, hun huis openstellen voor vluchtelingen. En voor dat laatste verwees elke instantie, of het nu de rijksoverheid was, de gemeente, het Veiligheidsberaad of Vluchtelingenwerk, door naar Takecarebnb. Die organisatie had daar immers ervaring mee. Organisatie? Zes medewerkers waren het. En die zes kregen binnen een maand 29.702 aanmeldingen van gastgezinnen te verwerken. Kon Takecarebnb even de vluchtelingen regelen?

Alles weer inpakken

“Mensen willen het NU,” zegt Zaal. Begrijpt hij best, de oorlog is volop in het nieuws. Maar zorgvuldigheid nu voorkomt ellende later. “We zien helaas al dat enkele gastgezinnen die spontaan mensen hebben opgenomen, hun gast alweer bij de gemeente afleveren. Werkte het toch niet. Moet zo iemand wéér alles inpakken. Wij zijn er nou precies om dat te voorkomen.”

Vijf weken na het begin van de oorlog is het team van Robert Zaal gegroeid tot twintig mensen. Daarnaast zijn er honderd ‘bellers’ aan de slag, deels betaald, deels vrijwillig, die het ene na het andere gastgezin bellen. Takecarebnb heeft zelf ook elders onderdak moeten zoeken: de kantine van KWF Kankerbestrijding. Het eigen kantoor was ineens te klein.

Goed, van die 29.702 potentiële gastgezinnen zijn er nu 7200 ‘gescreend’. Ruim 22.000 dus nog niet. Screenen kost tijd. Normaal gesproken gaat er iemand op bezoek, bekijkt het huis en voert een goed gesprek aan de keukentafel, vertelt Zaal. Weet het gastgezin wat het betekent om een vluchteling in huis te nemen? Is het überhaupt een gezin? En niet, om iets extreems te noemen, een mensenhandelaar? Dat gesprek gaat nu per telefoon. “Maar het blijft belangrijk dat mensen weten dat het iets anders is dan die leuke neef die even komt logeren. De buitenlandse gast heeft niet altijd zin in een kopje thee.”

Een derde van de gescreende adressen viel na het telefoongesprek af. Dachten dat het voor een weekend was. Of voor de gezelligheid. Of, dat komt ook voor, ze wilden niet zo lang wachten en hebben zelf al iemand gevonden, via Facebook of vrienden.

7200 gezinnen gescreend, twee derde daarvan blijft over, hoeveel hebben er via Takecarebnb vervolgens al een Oekraïense vluchteling in huis gekregen? “Nul,” zegt Zaal. “En dat is echt niet zo erg. Er is voldoende opvang, er slaapt niemand op straat. Wij zijn er voor de volgende fase: een meer duurzame oplossing. De oorlog kan wel nu in het nieuws zijn, hij kan ook nog lang duren.”

Matchen

Na screening volgt nog ‘matching’. Een algoritme koppelt een gescreend gezin aan een vluchteling die zich voor particuliere opvang heeft aangemeld. Daarna volgt een kennismaking. Dan bedenktijd. Dan een weekend logeren. Dan weer bedenktijd. Dat moet nu dus korter, maar hoe? Er lopen twee proefprojecten met gemeenten waarbij ambtenaren helpen, over resultaten wil Zaal nog niks kwijt. Hij moet trouwens weer aan het werk.

Kortom, alles bij deze vluchtelingencrisis is anders dan anders. Want nog zoiets, het BSN-nummer. Dat heb je in Nederland nodig. Normaal regelt het COA dat, nadat een vluchteling zich heeft gemeld in Ter Apel, daar is geregistreerd, is gescreend door de IND. Nu is er geen centraal meldpunt en moeten gemeenten dat ineens op zich nemen. En die worstelen daarmee.

Rillingen

Aan het woord is inmiddels Ruth Oldenziel. De hoogleraar Amerikaanse en Europese techniekgeschiedenis aan de TU Eindhoven was tot zes jaar geleden regelmatig op televisie om de ontwikkelingen in de VS te duiden. In de zomer van 2015 ging ze met een vriendin met de trein naar München. En kwam daar toevallig net aan op het moment dat het station volledig werd overlopen door duizenden en nog eens duizenden vluchtelingen. Bondskanselier Merkel had gezegd: ‘Wir schaffen das’.

“Ik krijg er nog rillingen van als ik eraan denk,” vertelt Oldenziel. In de stad waar Hitler ooit was begonnen, werden vluchtelingen nu met open armen ontvangen. Ze moest meteen aan haar moeder denken. Die overleefde de Tweede Wereldoorlog als onderduiker. Opgevangen door mensen die zij persoonlijk niet kende. Eenmaal terug in Nederland meldde Oldenziel zich bij Takecarebnb, dat toen net in oprichting was. Ze wilde óók iets doen. Sindsdien heeft de hoogleraar 21 vluchtelingen thuis opgevangen, de een na de ander, telkens voor meer dan drie maanden. Voorzitter werd ze ook. “Ik vind dit belangrijker dan commentaar geven op televisie.”

Geen asielzoekers

Het grootste verschil met 2015, ze kan het niet genoeg benadrukken, is dat Oekraïners geen asielzoekers zijn. Oekraïne is een Europees land, het heeft een associatieverdrag met de EU, Oekraïners mochten al vrij reizen. Dankzij een beslissing van de EU mogen ze nu ook werken en naar school. “Dat maakt hun situatie echt héél anders dan die van andere vluchtelingen. Terwijl vluchtelingen in hun eigen ervaring allemaal juist hetzelfde zijn: ze hebben allemaal huis en haard achter moeten laten. En ja, dat is wrang voor de mensen die lang hebben moeten wachten op een status, en al jarenlang onder erbarmelijke omstandigheden in een azc verblijven.”

Een tweede verschil: “Bij de oorlog in Syrië raakten ook drie miljoen mensen op drift, maar het duurde wel twee jaar voordat die uiteindelijk in Nederland aankwamen. Nu is het drie miljoen op drift in drie weken. Dat is een schaal die we niet eerder hebben gezien. Daardoor zitten de overheid en organisaties ook met de handen in het haar.”

Vrouwen en kinderen

Nog een verschil. Onder de Syriërs waren veel alleen reizende mannen, nu zijn het juist vrouwen en kinderen. Of dat uitmaakt? “Nou en of. Bij de screening door Takecarebnb geven gastgezinnen heel vaak aan dat ze vrouwen willen.” Terwijl, dat wil Oldenziel wel onderstrepen, een vluchteling in huis je vooral veel leert over jezelf, en over ons land. “Ik ben toch redelijk hoog opgeleid en ik dacht dat ik Nederland kende, maar het lukt mij ook niet om alle procedures te begrijpen en de formulieren op de juiste manier in te vullen.”

Over ongelijkheid tussen vluchtelingen spreken, of zelfs over discriminatie, het heeft voor Ruth Oldenziel weinig zin. “Deze oorlog maakt op allerlei terreinen ineens veel meer mogelijk. Europese wapenleveranties, gezamenlijk gas inkopen, en, ja, ook een Nederlands kabinet dat overheidsgebouwen geschikt wil maken voor vluchtelingen.” Voor álle vluchtelingen, onderstreept het kabinet. En dat kabinet zelf is ook weer een verschil, zegt Oldenziel. Er zit nu een andere staatssecretaris, bijvoorbeeld.

Uiteindelijk, hoopt zij, zal deze oorlog blijvend onze houding veranderen ten aanzien van alle mensen die voor oorlog op de vlucht zijn. “Al is het maar omdat de strijd zo dichtbij is, dat we gaan beseffen dat op een kwade dag we ook zelf vluchteling kunnen zijn.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden