PlusAchtergrond

Is onze maatschappij bestand tegen deze ontwrichtende crisis?

Premier Rutte heeft verzocht ‘het gezamenlijke belang boven het eigenbelang te stellen’.Beeld Rein Janssen

Samen komen we deze moeilijke periode te boven, zei premier Rutte. Maar hoe groot is ons incasseringsvermogen? Hoe dun is het laagje beschaving als er mensenlevens op het spel staan?

We moeten afstand houden en we moeten elkaar vasthouden. We moeten ziek worden om anderen gezond te houden. We moeten doorwerken terwijl alles langzaam tot stilstand komt. Het zijn, om het zacht uit te drukken, verwarrende tijden.

“De opgave waar we voor staan is groot, en we moeten dit echt met zeventien miljoen mensen doen. Samen komen we deze moeilijke periode te boven,” zei premier Mark Rutte in zijn toespraak tot het land. Dat was bedoeld als een hart onder de riem, maar klonk toch vooral alarmerend.

Samen? Een volk dat prat gaat op eigenwijsheid, trots zingt dat het zich de wetten niet laat voorschrijven en waar de balans tussen collectivisme en individualisme de afgelopen decennia volledig is doorgeslagen naar het laatste, kan dat een gezamenlijke opdracht van deze omvang wel aan?

“De maatregelen die hier en elders worden getroffen zijn ongekend voor landen in vredestijd,” zei Rutte. Het woordje ‘vredestijd’ sprak hij niet toevallig uit. Want inderdaad, het is geen oorlog, maar wat iedereen wel op zijn vingers kon natellen, was dat de boodschap die hij verkondigde betekent dat er de komende maanden veel mensen zullen overlijden. Dat in het ziekenhuis misschien wel keuzes gemaakt moeten worden over wie blijft leven en wie moet worden opgegeven. Dat het openbare leven mogelijk nog maanden grotendeels stilligt.

Wat staat ons nog te wachten, qua maatschappelijke ontwrichting? Hoe groot is het incasseringsvermogen van een samenleving die gewend is dat alles piekfijn is geregeld? Hoe dun is het laagje beschaving dat ons scheidt van de kladderadatsch?

Hectiek

“In tegenstelling van wat dikwijls wordt beweerd raakt de samenleving niet zo snel in ­paniek,” zegt Kees Boersma, universitair hoofd­docent aan de faculteit sociale wetenschappen van de VU en expert in rampenbestrijding. “In een crisis raken mensen onzeker, maar ontplooien ze ook veel initiatieven. Dat zie je nu ook ontstaan: mensen melden zich als vrijwilliger bij bestaande organisaties of zetten zelf iets op op buurtniveau.”

Boersma onderscheidt twee soorten rampen: een flitsramp, zoals een aardbeving of een orkaan, en een sluimerende crisis, zoals deze. “Daarbij kijkt men eerst even de kat uit de boom. Over corona werd eerst wat lacherig gedaan, toen werd het serieuzer, en nu zie je dat er initiatieven zijn om bijvoorbeeld eenzame mensen hulp te bieden. Dat patroon zie je ook bij rampenbestrijding: het kost even voor het op gang komt.”

Toch valt niet uit te sluiten dat de betrekkelijke rust van de afgelopen week omslaat. Als in ziekenhuizen onvoldoende capaciteit is om corona-patiënten op te nemen, en er keuzes moeten worden gemaakt over wie wel en wie niet geholpen wordt, kan het sentiment omslaan. “Dat zijn situaties die we in Nederland niet kennen, situaties waarbij mensenlevens in het geding zijn. Zeker als er kinderen bij betrokken zijn, roept dat heel heftige emoties op. Mensen die het niet pikken en het heft in eigen hand nemen,” zegt William Cuijpers, oprichter en directeur van Cuijpers Consultancy, gespecialiseerd in rampenbestrijding en crisisbeheersing.

Drie fases

Hij onderscheidt drie fases: rust, hectiek en chaos. Bij de laatste fase ontstaat er complete wetteloosheid. “Dit gebeurde op Sint Maarten nadat orkaan Irma daar in 2017 was overgetrokken. Er waren plunderingen, het recht van de sterkste gold. Dat zie ik in Nederland niet zo snel gebeuren. Maar er kan wel hectiek ontstaan. Mensen die in kazernes of noodhospitalen worden opgenomen, of in vakantieparken. Met name in en rond ziekenhuizen kunnen orde­verstoringen ontstaan, en moet misschien het leger eraan te pas komen.”

Denken in scenario’s, dat is waar het om gaat bij het beheersen van crisissituaties, zegt Cuijpers. “Elke crisis is uniek, maar er vallen wel degelijk lessen te trekken uit voorgaande crises. Hiervoor geldt de 80-20-regel: een crisis is voor tachtig procent herkenbaar, twintig procent is nieuw. Nederland heeft lessen geleerd uit de aanpak van de Mexicaanse griep, Sars, de MKZ-crisis, Q-koorts en zelfs de Spaanse griep. Die komen nu van pas.”

Wat ook zal helpen, is het fijn­mazige netwerk van organisaties, de ‘civil society’. “Nederland kent een zeer hoge mate van participatie en de overheid neemt al die maatschappelijke partners ook mee in het beleid,” zegt Danny de Vries, universitair docent antropologie aan de Universiteit van Amsterdam. “Dat zag je bij het besluit om de scholen te sluiten: dat werd genomen nadat de Federatie Medisch Specialisten was aangeschoven en de oproep van leraren. Het is van groot belang dat besluiten die nu worden genomen ook draagvlak hebben in de maatschappij. In een land als de Verenigde Staten is de afstand tot de overheid veel groter, en het vertrouwen erin veel lager.”

Poldermodel

De Vries bestudeert de sociale reacties en het gedrag van samenlevingen bij grote ziekte-uitbraken. “Bij de ziekte van Lyme heb je ook een structuur van maatschappelijke partners die de overheid helpen bij het geven van voorlichting. Je hebt de ‘groene Lyme werkgroep’ en de Week van de Teek, waarbij het RIVM ondersteund wordt door Staatsbosbeheer, maar ook door clubs als de Nederlandse Jagersvereniging, en de Vereniging het Edelhert.” Het poldermodel in optima forma. “Het belang daarvan moet je niet onderschatten.”

Ook Boersma put vertrouwen uit de kracht van de instituties. “De samenleving wordt nu getest op een schaal die we niet eerder hebben meegemaakt, maar het fundament van Nederland is goed. Een crisis legt de zwaktes bloot die al in een samenleving aanwezig waren, dat zie je ook bij de corona-uitbraak. De aardbeving in Nepal of die in Haïti zijn daar voorbeelden van, dat waren al ‘zwakke staten’, en tijdens zo’n ramp wordt dat extra zichtbaar. Dat er geen Europese aanpak komt is ook geen verrassing: voor deze crisis hadden de lidstaten het al moeilijk om tot gezamenlijke afspraken te komen.”

Een ander aspect dat een rol kan gaan spelen: de tijd. Want hoewel deskundigen van mening verschillen over wat de beste aanpak is, zijn ze het over een ding wel eens: dit gaat nog wel eventjes duren. De strijd tegen het coronavirus zal er een van de lange adem zijn. Hoe houdt Nederland zich als alle beperkende maatregelen nog maanden doorgaan?

“We zijn een rijk land, dus qua economie kunnen we het nog wel even opvangen. En Nederland is bovengemiddeld hoogopgeleid, waardoor je mag aannemen dat de meeste mensen de noodzaak van de maatregelen ook begrijpt,” zegt De Vries. “Maar dit kan best nog een paar maanden duren ja. Ik sprak een collega die in Wuhan antropologisch onderzoek heeft gedaan, zij vertelde dat haar informanten het isolement minder erg vonden dan gedacht. Saai, maar niet verschrikkelijk. Misschien kan het ook een moment van bezinning zijn. Dat het tempo even omlaag gaat, en we ons realiseren dat al die spullen die we verzamelen helemaal niet zo belangrijk zijn. Dat neemt niet weg dat er mensen gaan overlijden. Dat gaat een harde klap geven.”

Patatgeneratie en millennials

Bezinning, dat klinkt hoopvol. Niet voor niks werden sociale media de afgelopen dagen overspoeld met inspirerende quotes en holistische Deepak Chopra-achtige wijsheden over liefde, hoop en geduld. Maar de realiteit die zich de komende periode zal opdringen, is hoogstwaarschijnlijk een stuk harder. Heel veel mensen zullen ernstig ziek worden, geliefden en familieleden zullen overlijden, en het leven zal voorlopig een stuk soberder worden dan we gewend waren.

En dat terwijl de bevolking, met een steeds kleiner wordend deel dat de Tweede Wereldoorlog bewust heeft meegemaakt, bestaat uit opeenvolgende generaties die nooit écht een levensbedreigende crisis hebben gekend. De babyboomers, de patatgeneratie, de millennials: allen kenden ze perioden van tegenspoed, maar toch vooral van groeiende welvaart. Als de pandemie die zich nu voltrekt werkelijk zo’n dramatische impact heeft als wordt voorspeld, zal de weerbaarheid danig op de proef worden gesteld.

Opnieuw tempert Boersma het defaitisme. “We worden nu als samenleving getest, en de omvang van deze crisis is inderdaad ongekend. Maar je moet de weerbaarheid van de samen­leving, en zeker van jongeren, niet onderschatten. Die hebben een crisis als deze nog nooit meegemaakt, maar zijn wel heel goed in staat om informatie te verwerken, om netwerken en verbindingen aan te gaan.”

Solidariteit

Terug naar Rutte, die maandag opriep ‘het gezamenlijke belang boven het eigenbelang te stellen’. Want dat is ook waar streven naar groepsimmuniteit, waarbij een meerderheid van de gezonde mensen ziek wordt om de zwakkeren te ontzien, op neerkomt. Ga maar na: zo’n zestig procent van Nederland zal een griep ondergaan waardoor je je in het beste geval een paar daagjes slecht voelt, maar in het slechtste geval op de intensive care belandt of zelfs overlijdt. Om nog maar te zwijgen van de opofferingen die zullen worden gevraagd van het zorgpersoneel.

Dat is een opgave die in vredestijd inderdaad ongekend is en die vraagt een mate van solidariteit die veel verder gaat dan, pak ’m beet, de stijging van de zorgpremie van een paar tientjes. En als de lege schappen in de supermarkt dienden als voorbode voor de tijd die ons in het verschiet ligt, biedt dat weinig reden tot optimisme. Het onzichtbare karakter van een rondwarend virus kan het onderlinge wantrouwen alleen maar aanwakkeren: we moeten elkaar mijden en fysiek op afstand houden, want iedereen kan het hebben. Het kleinste hoestje maakt iemand tot paria.

“Let een beetje op elkaar. Ik reken op u,” sloot Rutte zijn toespraak maandag af. Het was vermoedelijk niet de laatste keer dat hij een beroep doet op de gemeenschapszin van de Nederlanders.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden