Plus Achtergrond

Is gejubel over het pensioenakkoord terecht?

Onderhandelaars bejubelen hun zwaarbevochten pensioenakkoord. Toch zijn er nog losse eindjes, vooral over het nieuwe pensioenstelsel, die ook veel geld kosten. En daar was het nou juist om te doen.

Het was misschien het gebrek aan slaap. Toch kon de anders zo opgewekte werkgeversvoorman Hans de Boer de kritische bejegening van het zwaarbevochten pensioencompromis gisteren bij de presentatie lastig velen. “Dit is geen kattenpis,” kapittelde VNO-NCW-voorzitter de criticasters die nog de nodige onzekerheden ontwaren, vooral over hoe de rekening van het nieuwe pensioencontract straks precies uitpakt voor verschillende generaties.

Een ‘stuurgroep’ gaat hiermee aan de slag, bemand door kabinet en sociale partners. Zij gaan de nieuwe pensioenregeling ‘verder uitwerken’ en een ‘kader voor de overgangsfase’ optuigen. Het zijn typische Haagse toverformules die enigszins verhullen dat nog niet alles in kannen en kruiken is. Ofwel: de komende tijd gaat verder worden onderhandeld.

“Allemaal techniek,” zegt minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken desondanks. De ‘contouren van het nieuwe stelsel stáán’, bezweert de D66-bewindsman, die flink de portemonnee moest trekken om de vakbonden alsnog aan boord te krijgen. Op korte termijn kost het akkoord 8 miljard euro verspreid over vijftien jaar, waarvan 5 miljard voor het minder snel laten stijgen van de AOW-leeftijd. In 2019 en 2020 blijft de pensioendatum vast staan op 66 jaar en vier maanden, daarna gaat die stapsgewijs omhoog naar 67 in 2024.

En plots was er geld

Op langere termijn ligt er een rekening van bijna 4 miljard euro – per jaar – doordat de koppeling van de AOW-leeftijd aan de levensverwachting wordt versoepeld. Voor elk jaar dat de Nederlander gemiddeld langer leeft moeten mensen straks acht maanden in plaats van een heel jaar langer door voor ze AOW krijgen.

“Ook jongeren hebben daardoor uitzicht op stoppen met werken voor hun 70ste jaar,” stelt FNV-voorman Han Busker tevreden. Hij durft te spreken van een ‘hartstikke mooi’ en ‘zeer verdedigbaar resultaat’. Busker wijst erop dat het nieuwe stelsel ertoe leidt dat rendementen van pensioenfondsen sneller naar de deelnemers kunnen gaan, in plaats van dat die opgepot moeten worden in grote buffers. “Dat vinden onze leden erg belangrijk.”

Tegelijkertijd wordt de kans op kortingen kleiner, al zijn de pensioenen bij de fondsen in de metaalsector ook na dit akkoord nog niet uit de gevarenzone. Busker heeft er ‘geen behoefte aan’ te zeggen of zijn bond alsnog in actie komt als die korting onafwendbaar blijkt.

Dat in november niet lukte wat nu wel is gelukt, is voor een flink deel te danken aan het Centraal Planbureau. Dat kwam – toevallig of niet – precies op tijd met een nieuwe, gunstige studie naar de houdbaarheid van de overheidsfinanciën op lange termijn. Daardoor is er op papier opeens meer te besteden.

Volgens de rekenmeesters is eerder onderschat in hoeverre Nederlanders in de toekomst meer gaan werken en er dus meer belasting in de schatkist vloeit. Deze correctie zorgt dat er plots 0,5 procent van het nationaal inkomen (bbp) aan extra ruimte is voor de regering. Van dit bedrag, ruim 3,5 miljard euro, reserveert het kabinet vast meer dan 2 miljard euro om de AOW-leeftijd op lange termijn minder snel te laten stijgen.

De rekening komt nog

Daarmee is een van de belangrijke eisen van de vakbonden, daarin politiek gesteund door PvdA en GroenLinks, ingewilligd. Ook krijgen zij gedaan dat zzp’ers zich straks verplicht moeten verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid.

Tegelijkertijd moet het kabinet nog op zoek naar 800 miljoen euro waar op lange termijn nog geen dekking voor is gevonden. Wel is duidelijk dat werkgevers subsidie moeten inleveren en dat burgers en bedrijven bij de koopkrachtonderhandelingen in augustus nog beide een lastenverzwaring van elk zo’n 100 miljoen te verstouwen krijgen.

Koolmees durft de stelling aan dat door het akkoord het Nederlandse pensioenstelsel het ‘beste ter wereld’ blijft, waarbij ‘minder wordt beloofd en meer wordt waargemaakt’. “Daarmee voorkomen we chagrijn en scheve ogen tussen de generaties,” aldus de bewindsman. Hij moet alleen nog even afwachten of de FNV-leden dat ook zo zien.

Zware beroepen

Het was een van de losse eindjes uit het vorige polderakkoord over pensioenen: een regeling voor zware beroepen. Vorige kabinetten kwamen die belofte nooit na, wat leidde tot diep wantrouwen bij de vakbonden. Onuitvoerbaar, was steeds de reactie van de politiek. Nu komt er alsnog een regeling die het mogelijk maakt drie jaar voor de AOW-gerechtigde leeftijd met pensioen te gaan.

Werkgevers mogen oudere medewerkers straks tot 19.000 euro per jaar meegeven voor vroegpensioen, zonder dat hierover een ‘vut-boete’ van 52 procent belasting is verschuldigd. Wil een werkgever meer meegeven, dan is over het bedrag boven die 19.000 euro wel de volle mep belasting verschuldigd.

Daarmee is er toch een soort vroegpensioen mogelijk, zij het betaald door werkgevers – die daartoe wel bereid moet zijn – en op een manier die vooral gunstig is voor mensen met een lager of middeninkomen. Voor mensen met een zwaar beroep die een hoog inkomen verdienen, is de regeling veel minder of domweg niet aantrekkelijk. Wie een baas heeft die niet wil betalen heeft ook pech.

Het brutobedrag van 19.000 euro is gekozen, omdat dit in de praktijk even hoog uitvalt als een netto-AOW-uitkering. De werkgever betaalt daardoor als het ware de vervroegde AOW. Mensen kunnen dat bedrag vervolgens zelf nog aanvullen door een deel van hun aanvullend pensioen naar voren te halen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden