Nieuws

Inspectie: omwonenden windmolens onvoldoende beschermd tegen geluidsoverlast

Omwonenden van windturbines zijn onvoldoende beschermd tegen geluidsoverlast. Dat blijkt uit een inspectierapport uit 2009 van het ministerie dat is vrijgegeven na een Woo-verzoek door Zembla.

Het Parool
null Beeld NEIL HALL/EPA
Beeld NEIL HALL/EPA

Geluid mag niet boven een bepaald jaargemiddelde komen, maar in de geluidsnormen voor windmolens wordt geen rekening gehouden met ‘piekbelasting’.

In 2010 kwam het toenmalige ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (Vrom) met nieuwe normen voor geluidsbelasting door windmolens. Daarin wordt uitgegaan van de gemiddelde geluidshinder die een windmolen in een heel jaar geeft. De regels zouden aansluiten bij Europese en meer ruimte geven voor het verlenen van vergunningen.

Uit een rapport uit 2009 van de Vrom-inspectie uit de toezichthouder kritiek op die norm. De regeling biedt geen bescherming tegen ‘piekbelasting’ en de opeenstapeling van geluid waardoor de nachtrust van mensen kan worden verstoord. Desgevraagd heeft de inspectie de redactie van Zembla laten weten geen aanleiding te zien voor een ander standpunt dan destijds.

Herman Bröring, hoogleraar bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen, legt aan Zembla uit dat door de jaargemiddelden de ‘lawaaipieken’ gecamoufleerd worden. “Je kunt een hoge geluidsbelasting hebben en als het daarna een paar dagen windstil is, zit je gemiddeld goed.”

Toezicht ‘te afhankelijk’

Door uit te gaan van een jaargemiddelde kan handhaving pas achteraf plaatsvinden, na een jaar. Een geluidsmeting ter plaatse zorgt dan ook niet voor handhaving. Toezichthouders zijn afhankelijk van gegevens die de exploitant van de windmolen met hen deelt. ‘Het toezicht en de handhaving zitten hiermee in een te afhankelijke positie,’ schrijft de inspectie.

In een reactie op vragen van Zembla, stelt het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, dat momenteel voor deze kwestie verantwoordelijk is, dat er op elk moment gehandhaafd kan worden. Dat zou kunnen door het bronvermogen te controleren waardoor handhaving niet hoeft te wachten op de jaarlijkse draaigegevens.

Als Zembla aan het ministerie voorlegt dat handhavers hier in de praktijk niet mee kunnen werken, reageert de woordvoerder: “In de praktijk zien we wel dat sommige bevoegde gezagen aangeven hier problemen mee te hebben. Dat maakt dat we hier met aandacht naar kijken.”

De Amsterdamse fracties van VVD, JA21, CDA en SP hebben aan het college van burgemeester en wethouders schriftelijke vragen gesteld over het artikel van Zembla. De informatie in het artikel onderstreept volgens de partijen dat het cruciaal is dat de gemeente wacht op de landelijke afstandsnormen voor windmolens. De gemeente Amsterdam wil niet wachten tot er een landelijke wettelijke norm is voor de minimale afstand tussen turbines en bebouwing. Daarnaast pleiten de partijen naast een gemiddelde geluidsgrens ook voor een maximale geluidsgrens.

Tip Het Parool via WhatsApp

Heeft u een tip of opmerking voor de redactie? Stuur een bericht naar onze tiplijn.

Luister onze wekelijkse podcast Amsterdam wereldstad:

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden