Coronadagboek

Ic-verpleegkundige Martine ­Minnema: ‘Uiteindelijk komen we hier sterker uit’

Ic-verpleegkundige Martine ­Minnema (48) van het OLVG en haar ­collega’s beleven intense weken. De coronacrisis is vrijwel nergens goed voor, maar wel voor het saamhorigheidsgevoel.

Malika Sevil
Ic-verpleegkundige Martine Minnema. Beeld Marc Driessen
Ic-verpleegkundige Martine Minnema.Beeld Marc Driessen

“Nog steeds werk ik met collega’s met wie ik de slachtoffers van de cafébrand in Volendam heb verpleegd. Het schept een speciale band, dat was een heftige tijd. Nu gaan we door een crisis die nog veel meer mensen treft. Dat betekent dat er situaties zijn die ik nooit meer ga vergeten, maar dat er ook collega’s zijn die ik me voor altijd zal blijven herinneren.

Het geeft een diepere verbintenis. Ik heb ook het idee dat collega’s nu meer op elkaar letten én dat ze zich meer durven uiten. Zeker als ik de functie Oudste van Dienst vervul, dat is een coördinerende rol, merk ik dat collega’s zich meer openstellen:

‘Het is druk in mijn hoofd.’ Of: ‘Ik hol van de ene dienst naar de andere dienst.’ Of: ‘Je moet een beetje op die-en-die letten.’ Als ik vind dat een collega een vermoeide indruk maakt, zeg ik nu ook wat eerder: ‘Goh, ik vind dat je er moe uitziet. Gaat het allemaal wel?’ Dan vertellen mensen ook makkelijker wat er aan de hand is.

Wat meespeelt, is dat we met zijn allen hetzelfde meemaken. Iedereen heeft huilende families gezien of getroost, bijna iedereen heeft voor iemand gezorgd die is overleden. En hoewel het nu rustiger is op de afdeling en we weer een beetje kunnen ademhalen, is het nog steeds zwaar.

Dat proberen we samen op te vangen. Deze week is een jonge vrouw op de intensive care gestorven. Haar overlijden heeft ook op de afdeling veel impact gehad. Iedereen die erbij betrokken was, de dokters, de co­assistenten, de verpleegkundigen,

de buddy’s, iedereen, is bij elkaar gekomen. De psycholoog was daar ook bij. Daar heeft iedereen zich ­kunnen uiten. En daar zijn tranen gevloeid. Dat geeft ook een saamhorigheids­gevoel: we waren erbij en we hebben het allemaal heel moeilijk gevonden, maar dat was goed, want het was ook moeilijk.

Ik denk dat we hier, uiteindelijk, als een nog hechter team uitkomen. Ik heb collega’s, jonge gediplomeerden, enorm zien groeien. Ze hebben veel verantwoordelijkheid op hun schouders gekregen. Dan denk ik: jeetje, je bent hier wel heel snel in gegroeid. Ik had liever gehad dat het wat ­langzamer was gegaan, maar dat is niet zo.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden