PlusInterview

Hugo de Jonge: ‘Stoppen voelde even als falen’

Hugo de Jonge zat dit jaar in een achtbaan. Hij werd gebombardeerd tot coronaminister, werd nipt CDA-lijsttrekker, wat hij na vier maanden uit handen gaf. En de rit is nog niet voorbij, want corona raast door.

Hugo de Jonge: ‘Toen onze zekerheden wegvielen, kwam de kern van ons mens-zijn naar boven: de zorg voor elkaar.’  Beeld Bart Maat/ANP
Hugo de Jonge: ‘Toen onze zekerheden wegvielen, kwam de kern van ons mens-zijn naar boven: de zorg voor elkaar.’Beeld Bart Maat/ANP

Even leunt Hugo de Jonge (43) achterover op het comfortabele leren bankje, maar bij de eerste vraag schiet hij meteen naar voren. Meteen aan, ja, zoals hij dat zelf noemt. “Het is een waanzinnig jaar geweest. Als we dit gesprek een jaar geleden hadden gevoerd en jullie voor 2020 dit scenario hadden geschetst, had ik dat nooit geloofd. En al helemaal niet dat ik in deze rol terecht zou komen.”

Immens was de druk dit jaar voor de coronaminister. De Jonge: “Je weet dat er veel afhangt van het werk dat je doet. Ik heb het altijd als opdracht gezien om ten diepste verschil te maken in het leven van anderen. Als leraar, als wethouder en als minister. In zo’n carrière leer je om te gaan met grote verantwoordelijkheid en de kritiek die daarbij past. Dat voelt zwaar, maar het is ook prachtig om te mogen doen.”

De Jonge werkt al negen maanden als een bezetene om Nederland door de grootste crisis sinds de Tweede Wereldoorlog heen te loodsen. Tijdens de zomervakantie met zijn gezin belt hij gewoon door. Even hardlopen en op de racefiets zijn de relaxmomenten. Hij slaapt wel, maar veel korter dan gezond voor hem is. “De afgelopen nachten maar vier uur. Ergens tussen twaalf en één uur lukt het me om het bed in te stappen en als ik veel stress heb gaat mijn hoofd tussen vier en vijf weer aan. Daar kan ik niets aan doen. Ik maak in mijn hoofd lange lijsten voor de komende dag. Soms ga ik er zelfs in de nacht uit, dan ga ik aan het werk.”

De Rotterdammer schetst zichzelf als ‘een stoïcijns optimistisch mens’. En als hij ’s ochtends de kranten openslaat en artikelen aantreft met soms anonieme kritiek op zijn functioneren? “De eerste keer dat je kritiek krijgt, doet het iets met je. Maar het went ook. Zeker makkelijk gepraat vanaf de zijlijn. Dan gaat de krant aan de kant. En soms is kritiek ook terecht. Ik krijg bovendien van duizenden kanten advies. Soms kun je daar wat mee, soms wat minder.”

Plichtsbesef

Hugo de Jonge stapte naar voren om CDA-lijsttrekker te worden toen gedoodverfde concurrent Wopke Hoekstra afhaakte. Hij won nipt van Pieter Omtzigt, maar de maanden daarna kon hij zijn leiderschap niet uitbouwen. Partijgenoten begonnen hem in de media onderuit te halen. Eerder deze maand, twee dagen vóór een partijcongres waarin zijn lijsttrekkerschap zou worden bekrachtigd, haakte De Jonge zelf af.

“Ik ben ervan overtuigd dat deze keuze onvermijdelijk was,” zegt hij. “Maar ik heb er wel heel erg lang over gedaan. Na de zomer zag ik dat de crisis steeds politieker werd. Ik had sterk de indruk dat mijn lijsttrekkerschap leidde tot een andere bejegening van mijn coronavoorstellen. Zo groeide het besef dat de aanpak van de crisis niet te combineren was met mijn CDA-leiderschap. Er is altijd deining als een partij een nieuwe leider krijgt. Daar is goed mee om te gaan als je er tijd in steekt. Maar tijd is juist iets wat ik niet heb. Dat gaat ook niet beter worden.”

Dus hakte De Jonge de knoop door. “Ik heb nog nooit iets niet afgemaakt, het afscheid van het lijsttrekkerschap was de eerste keer. Dat voelde als falen, maar dat heb ik ook meteen weer opzij gezet. Want het was een verstandig besluit, waar ik goed over heb nagedacht. Voor de zomer ben ik naar voren gestapt uit plichtsbesef, meer dan uit ambitie. Datzelfde plichtsbesef vroeg aan mij nu plaats te maken en de partij aan een ander over te doen.”

Hij heeft gebeden bij het nemen van die moeilijke beslissing. ’s Ochtends aan de ontbijttafel vertelde hij het als eerste aan zijn vrouw Mireille. “Als ik had beslist door te gaan, had ze dat ook gesteund. Mireille is mijn grootste criticus, en eindeloos supporter. Ze volgt de debatten, ik hoef haar niets uit te leggen over politiek. We zijn een goed team. Sowieso is er aan het eind van dag maar één ding dat telt: team thuis. Mijn vrouw en mijn kinderen.”

Twee dagen voor de lijst wordt vastgesteld bedanken voor de eerste plaats kan bijna niet zonder te weten dat een ander het zou willen overnemen. Toch wist De Jonge dat vooraf niet zeker. “Just in time, zou ik willen zeggen. Ik wilde de partij natuurlijk niet achterlaten in chaos. Ik had de weken voor mijn besluit een aantal keren met Wopke gesproken en de inschatting gemaakt dat hij het zou doen. Dat was voor mij belangrijk om de stap te durven zetten. Nu stapt Wopke naar voren, net als ik meer uit plichtsbesef dan uit ambitie. Het is goed zo.”

Stijf van de adrenaline

Halverwege maart, toen Noord-Brabant een enorme brandhaard was en de zorg daar op de tenen liep, maakten emotionele gesprekken met zorgpersoneel van ziekenhuizen in Uden en Tilburg een onuitwisbare indruk op hem. “Ik trof er een team aan dat stijf stond van de adrenaline. Zij vertelden me wat het met hen deed om hun ziekenhuis steeds voller te zien stromen met coronagevallen. Dat ze niet wisten of ze het wel gingen redden. Je zag de paniek in de ogen van deze mensen, maar ook hun vastberadenheid om de crisis te lijf te gaan.”

Een bezoek aan een verpleeghuis in Goeree-Overflakkee, waar corona flink had huisgehouden, was eveneens heftig. Die verhalen relativeren de kritiek die hij in de Tweede Kamer krijgt. Zo vinden veel fracties dat deze minister vaak gouden bergen belooft en dan te weinig waarmaakt. Bij de corona-app, het bron- en contactonderzoek, het testen en de vaccinatiestrategie. De Jonge is het daar niet mee eens.

Gebroken beloftes

“Een crisis is altijd weerbarstig en ik hecht eraan om de lat hoog te leggen. Dat mag Nederland ook van mij verwachten. Ach, het is ook onderdeel van het Haagse spel om iets wat net anders uitpakt, weg te zetten als een gebroken belofte. Maar weet je: ik sta graag met de handen aan het stuur vol in de wind. Liever dát, dan uit de wind met de handen in de zakken.”

De Jonge vindt het niet irritant dat de kritiek op het coronabeleid Rutte niet lijkt te raken. “Ik ben eindverantwoordelijk én we doen het samen.” Toch ontkent hij niet dat het met andere leden van het kabinet soms ‘schuurt en botst’. “Dat is niet gek, het gaat over ingrijpende beslissingen. Ze zeggen dat je in de politiek niet echt vrienden hebt, hooguit tijdelijke bondgenoten. Ik ben daar minder somber over. Mij is het wél gelukt echte vriendschappen op te bouwen.”

Omgaan met kritiek is één ding, maar De Jonge en zijn naasten worden ook geconfronteerd met bedreigingen. “Een totaal bizarre gewaarwording die je niet in de koude kleren gaat zitten, maar we moeten het ook niet een te groot podium geven. Mijn kinderen gaan er gelukkig luchtig mee om. We praten er thuis goed over. ”

Mooie momenten

Zo tegen het einde van het jaar is reflectie ook voor Hugo de Jonge onvermijdelijk. “Iedereen zit straks te duizelen over wat ons is overkomen in 2020. Toch zijn er, naast de lelijkheid van dat virus, ook veel mooie momenten geweest. Toen onze zekerheden wegvielen, kwam de kern van ons mens-zijn naar boven: de zorg voor elkaar.”

En dan is er ineens weer dat stoïcijns optimistische mens. “Geloof me, 2021 wordt mooier dan 2020. Dat is hoopvol. We hebben een plicht tot optimisme. Zo komen mooie dingen in het leven tot stand.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden