PlusAchtergrond

Hoogleraar: ‘Griepgolf 2018 had waarschuwing moeten zijn voor tekort ic-bedden’

Er zit logica achter het geringe aantal ziekenhuisbedden dat Nederland vergeleken met andere landen heeft. De vraag is wel of we na de coronacrisis ic-afdelingen structureel gaan uitbreiden.

Een extra ic-kamer in het Tergooi ziekenhuis.Beeld ANP

Het is een staatje dat dezer dagen steeds opduikt: het aantal intensive-carebedden in Europese landen. Nederland bivakkeert in de onderste regionen, met 6 à 7 bedden per 100.000 inwoners. Bovenaan prijkt Duitsland, met ruim vier keer zoveel bedden. Hebben we het tekort aan ic-bedden aan onszelf te wijten?

Ook een fervent criticaster van het huidige zorgstelsel als SP-Kamerlid Henk van Gerven durft die stelling niet aan: “Op corona staat geen maat.”

Toch waren er al vóór deze crisis indicaties van een capaciteitsgebrek, meent Van Gerven. “Zeker in griepperiodes wordt met patiënten gesleept, omdat sommige ic’s vol liggen.”

Guus Schrijvers, emeritus hoogleraar algemene gezondheidszorg en in 2001 medeauteur van een invloedrijk rapport over capaciteitsgebrek in de ic’s, meent dat de griepgolf van 2017/2018 een waarschuwing had moeten zijn. “Het ging maar net goed. We hebben het momentum laten passeren, ikzelf ook.”

Ambulancezorg

De ambulancezorg trok wel lessen en bepleit sindsdien voor een landelijk coördinatiecentrum, om snel zicht te hebben op lege ic-bedden. Dat is pas nu, onder druk van de coronacrisis, uit de grond gestampt.

Ook qua totaal aantal ziekenhuisbedden staat Nederland internationaal onderaan. Al sinds 1982 is het Nederlands beleid gericht op reductie van het aantal ziekenhuisbedden. Dat heeft geleid tot een gestage teruggang, terwijl de bevolking juist groeit en vergrijst. Tussen 2009 en 2017 daalde het aantal bedden met ruim 15 procent.

Daar zit een gedachte achter: dat je na een ingreep elders sneller herstelt. Het verklaart waarom Nederland het land is waar patiënten gemiddeld het kortst een ziekenhuisbed bezetten. In Duitsland is dat met negen dagen twee keer zo lang.

‘Andere cultuur dan Duitsland’

“Wij hebben een andere cultuur dan Duitsland,” zegt Wim Groot, gezondheidseconoom aan de universiteit van Maastricht. “Wij kijken meer naar het welzijn en de kwaliteit van leven dan naar alles wat medisch gezien mogelijk is.”

Nog in 2012 stelde de Regieraad, adviesorgaan van de regering, dat het vanwege het relatief hoge aantal leegstaande ic-bedden mogelijk zou zijn ook ic’s in te krimpen. Maar de laatste jaren is uitbreiding het motto. Het Capaciteitsorgaan, dat becijfert hoeveel en welk zorgpersoneel moet worden opgeleid, adviseerde in 2014 om 346 ic-verpleegkundigen op te leiden. In het recentste advies, uit 2018, staat meer dan het dubbele daarvan: 796.

De praktijk blijft ver achter. In 2015 begonnen 225 mensen een opleiding tot ic-verpleegkundige, vorig jaar 429. Ziekenhuizen kampen dan ook met een groeiend tekort aan ic-personeel.

In deeltijd

Maurice Heck, verbonden aan het Capaciteitsorgaan, heeft een paar verklaringen voor het gebrek aan ic-verpleegkundigen. “Ze werken net als andere verpleegkundigen relatief vaak in deeltijd, de gemiddelde patiënt heeft zwaardere zorg nodig, en in de ic’s liggen mensen steeds meer alleen op een kamer. Goed voor de patiëntenzorg, maar het maakt het werk arbeidsintensiever.”

Bovendien zijn ziekenhuizen terughoudend met extra opleidingsplekken, hoewel ze de kosten volledig krijgen vergoed. Dat kan het gevolg zijn van de door zorgverzekeraars aangejaagde drang om met zo weinig mogelijk middelen zo efficiënt mogelijk te opereren.

Structurele uitbreiding?

Volgt na de coronacrisis een grote, structurele uitbreiding van het aantal ic-bedden in Nederland? Emeritus hoogleraar Guus Schrijvers is voorstander: “We geven heel veel uit aan het voorkomen van rampen, zoals overstromingen, en terreuraanslagen. Ook het RIVM wil meer bescherming tegen onbekende infectieziekten. Als we de dijken ophogen vanwege uiterst zeldzame overstromingen, waarom dan geen voorzorgsmaatregelen tegen een pandemie? Het gaat veeleer om veel meer geld om epidemieën beter te voorspellen, besmette patiënten op te sporen en te behandelen dan om uitbreiding van ic’s.”

Volgens Maurice Heck, medewerker van het Capaciteitsorgaan, dat knelpunten in de reguliere zorg signaleert, zitten er haken en ogen aan extra ic-capaciteit. “Los van spreidingsproblemen bijvoorbeeld tijdens het griepseizoen, horen wij niet dat er onder normale omstandigheden te weinig ic-bedden zijn. Als je een buffer opbouwt voor een volgende pandemie, krijg je overcapaciteit, met leegstaande bedden. Dat willen ziekenhuizen denk ik niet. Het is ook onwenselijk als je daarvoor teveel extra personeel opleidt. Dat creëert werkloosheid.”

Risicoanalyses verdwijnen in la

Die problemen ziet ook hoogleraar aan de Radboud Universiteit en crisisdeskundige Ira Helsloot, in 2011 belast met de evaluatie van de bestrijding van de Mexicaanse griep. “We hebben op papier een mooi systeem van risicoanalyses, dat waarschuwt voor pandemieën en tekortschietende zorgcapaciteit. Alleen verdwijnen die stukken steevast in een la, zonder dat er iets gebeurt. Ons systeem suggereert ten onrechte dat we van alles doen.”

Dat betekent niet dat we het aantal ic-bedden structureel moeten verdubbelen of verdrievoudigen: “Hoe bemens je dat? Dat is niet te onderhouden. We moeten elkaar eerlijk in de ogen kijken en erkennen dat we ons niet tot de tanden toe kunnen bewapenen tegen iedere ramp.”

Beeld Laura van der Bijl
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden